'Club Brugge en Antwerp zijn de enige twee ploegen die altijd met twaalf man spelen'

18/10/17 om 14:09 - Bijgewerkt om 14:09

Pascal Plovie (52), materiaalman bij Club Brugge, speelde in zijn carrière voor Club Brugge en Antwerp FC en blikt in de gratis krant Deze Week vooruit naar de competitiekraker tussen blauw-zwart en rood-wit.

'Club Brugge en Antwerp zijn de enige twee ploegen die altijd met twaalf man spelen'

Pascal Plovie © Belga

Plovie is de enige speler die alleen maar voor Club Brugge en Antwerp heeft gespeeld. Niemand kijkt dan ook meer uit naar de competitieklepper tussen de twee traditieclubs. Pittig detail: tijdens zijn eerste passage bij Antwerp in de periode 1986-'88 leerde hij er zijn vrouw Chantal kennen. Zij stamt uit een typisch rood-wit nest. 'De familie van Chantal supportert trouwens nog steeds voor Antwerp, maar zij is intussen al jarenlang bekeerd tot blauw-zwart', lacht Plovie.

Dat kan ook niet anders met zo'n toegewijde vent in huis. Als materiaalman is hij doorgaans minstens zes dagen op zeven in en rond het Jan Breydelstadion te vinden. Zelfs op een vrije dag kan hij het niet laten om snel even met zijn fiets vanuit Varsenare tot daar te rijden.

'Mijn vrouw vraagt me weleens of ik eigenlijk met haar of met Club Brugge getrouwd ben, maar het is sterker dan mezelf. Mijn jaarlijkse vakantie beperkt zich steevast tot slechts vijf dagen. Langer hou ik het niet uit. Ik ben geboren en getogen in de Brugse Titecastraat, de straat vlak achter De Klokke van destijds, waar Club tot midden de jaren zeventig zijn thuiswedstrijden speelde. Ik was voorbestemd...'

Toch leek het aanvankelijk niet te lukken bij Club?

Pascal Plovie: 'Goh ja, in die tijd speelden ervaren rotten als Hugo Broos en Ronald Spelbos in de verdediging. Zo'n mannen speel je als gastje van negentien à twintig jaar niet zomaar uit de ploeg, hé. Het leek me niet meer dan logisch dat ik even uitgeleend werd om wat meer ervaring op te doen. Zo kwam ik bij Antwerp terecht.

'Het werd in veel opzichten een woelig seizoen. Ik kreeg onder meer af te rekenen met een paar blessures. Overdag ging ik naar Antwerpen en 's avonds zat ik in de fitness van het Jan Breydelstadion. Ik had de sleutel gekregen om daar verder te werken aan mijn revalidatie. Het bestuur van Antwerp kon daar trouwens niet mee lachen. Uiteindelijk hebben we tot de laatste speeldag moeten knokken om in eerste te blijven.

Hoe lag je daar in de groep?

Als West-Vlaming in Antwerpen arriveren is geen evidentie, maar ik werd eigenlijk meteen goed opgevangen door onder meer Cisse Severeyns en Marc Van Der Linden waardoor ik in geen tijd goed in de groep lag. Ik amuseerde me bij Antwerp, maar stak nooit onder stoelen of banken dat ik een blauw-zwarte was. Van zodra

onze match afgelopen was, vroeg ik meteen 'Wuk é Clubtje gedôan?' (lacht)

'Ik heb ook nooit officieel in Antwerpen gewoond. Na een te zware training bleef ik soms weleens ergens in het Antwerpse overnachten, maar ik ben altijd in Brugge blijven wonen. Op een bepaald moment was mijn kastje in de kleedkamer daar van kop tot teen blauw-zwart geschilderd door de twee Rudi's: Taeymans en Smidts. Pas op, het omgekeerde geldt nu ook: als wij gedaan hebben met spelen, wil ik direct weten wat Antwerp gedaan heeft.

Delen

Club Brugge en Antwerp zijn de enige twee ploegen die altijd met twaalf man spelen

'Het is echt een zegen dat zij weer in eerste spelen. Hoe je het ook draait of keert: Club Brugge en Antwerp zijn in mijn ogen de enige twee ploegen die altijd met twaalf man spelen. Die twee supportersclans zijn echt uniek. Destijds speelde ik op de Bosuil nog matchen voor 30.000 à 40.000 man.

'De eerste keer daar met Antwerp tegen Club zal ik nooit vergeten... Alle supporters van Brugge scandeerden op een bepaald moment mijn naam. Als jonge gast blijf je daar niet onbewogen bij, hoor. Niet dat ik daardoor in de wedstrijd mijn voetje terugtrok of zo, want ik wilde me bewijzen natuurlijk.

'Het tweede seizoen bij Antwerp - met Georg Kessler als trainer en versterkingen als Wim De Coninck en Thierry Pister - was dag en nacht verschil met het eerste: we werden in 1988 ei zo na kampioen en strandden, samen met KV Mechelen, op twee puntjes van... Club Brugge.

'In de beker scoorde ik toen trouwens op de Bosuil tegen Club. Of ik dat doelpunt gevierd heb? Tuurlijk, want ik dacht toen nog dat ik nooit meer zou terugkeren naar Brugge.

Wat trouwens bijna nog gebeurde ook.

Ja, dat klopt. Severeyns werd dat jaar topscorer enversierde een transfer naar het Italiaanse Pisa. Toen een van hun verdedigers in de lappenmand belandde met een kruisbandletsel, stelde Cisse aan de voorzitter voor om mij aan te trekken. Ik heb toen een week bij Severeyns gelogeerd om mee te trainen met Pisa. Tegenwoordig kijkt niemand daar nog van op, maar in die tijd konden niet veel Belgische spelers zeggen dat ze naar Italië konden.

'Alles leek in kannen en kruiken tot wijlen Antoine Vanhove er alsnog een stokje voor stak. Misschien maar goed ook, want van zodra hun verdediger weer fit raakte, was ik wellicht toch weer tweede keus geworden. "Als je goed genoeg bent voor Pisa zal je ook wel bij Club meekunnen", zei hij. Waarop hij me weer naar Brugge haalde en ik er heel wat mooie jaren beleefde: drie titels, evenveel Belgische bekers, vier Supercups en de halve finale van de Europacup II.

'In 1996 was de gewonnen bekerfinale tegen Cercle mijn laatste match met Club. Mijn toenmalige makelaar Fernand Goyvaerts belde meteen om te zeggen dat ik niet te veel mocht vieren, want dat ik 's anderendaags in Tirol verwacht werd om daar te testen. Ik heb er een paar weken meegetraind, maar mijn knieën wilden niet meer mee.

'Daarna speelde ik toch nog eens twee seizoenen bij Antwerp tot het in 1998 op mijn 33ste echt niet meer ging. Na mijn actieve carrière ging ik aan de slag als jeugdscout en materiaalman bij Club en dat doe ik nog steeds met veel plezier.

Wie wint zondag de kraker?

Met alle respect en sympathie voor Antwerp, maar ik zie Club Brugge toch winnen met duidelijke cijfers: 4-1. Antwerp nam een goeie start, maar lijkt me toch nog niet klaar om een heel seizoen bovenin mee te draaien. Als het van mij afhangt wordt Club kampioen en wint Antwerp play-off II. (lacht)

Onze partners