De lessen van het anti-Defourspandoek: drie jaar later

26/01/18 om 08:00 - Bijgewerkt om 08:10

Zondag staat Standard - Anderlecht op het programma. Altijd een beladen duel. Zoals toen een tifo met een onthoofding van Steven Defour ontrold werd. Drie jaar na datum komen enkele betrokken terug op die pijnlijke episode.

De lessen van het anti-Defourspandoek: drie jaar later

Steven Defour, van geliefd tot gehaat op Sclessin. (archiefbeeld uit 2015) © BELGA

Het affront stond op een doek van vijftig bij dertig meter. De kern van de boodschap was samengebald in hoofdletters: RED OR DEAD. Een afgehakt hoofd van Steven Defour wordt afgebeeld, de emoties ten aanzien van de Anderlechtmiddenvelder en ex-Standardaanvoerder balanceerden tussen verraad, onrechtvaardigheid en walging. Het internet ontplofte, de media gooiden olie op het vuur. De realiteit oversteeg het script van de meest gedurfde fictiereeksen. Dat was althans de mening van veel voetbalanalisten. Het was een melodramatische clásico met twee hoofdpersonages. Steven Defour, de ex-aanvoerder van de Rouches die zijn heldenstatus moest afstaan en met rood van het veld werd gestuurd, en Laurent Ciman, de beul van Anderlecht die een einde maakte aan de titelaspiraties van de Brusselaars en als een icoon uit Luik vertrok. Standard won met 2-0.

Drie jaar geleden ging het anti-Defourspandoek over de tongen en was het voer voor debatten. De initiatiefnemers hadden hun actie echter slecht getimed: net na de aanslagen op Charlie Hebdo en de onthoofding van een Japanse gijzelaar door IS. Volgens Mario Bronckaerts, voorzitter van de Tiense supportersclub van Standard, wisten alle supporters dat er iets zat aan te komen. 'Wij gingen naar het stadion om met onze eigen ogen te zien wat er zou gebeuren.'

De commentaren waren op dat moment unaniem: de makers waren over de schreef gegaan, ze zetten aan tot haat en ze rechtvaardigden zelfs terrorisme. Volgens de media had het voetbal zijn meest afschuwelijke gezicht getoond - een gezicht dat verdacht veel leek op dat van de mysterieuze ultra's. Voor de media zat er niets anders op dan de noodtoestand uit te roepen. En vervolgens gingen ze als een emotionele rollercoaster tekeer. In de kleedkamer en in de coulissen waren sommige spelers niet geschokt door de enscenering. Igor De Camargo, ex-ploegmaat van Defour, scoorde in die bewuste wedstrijd en zit jaren later nog met een dubbel gevoel. 'Ik begrijp de supporters, maar ze zijn misschien iets te ver gegaan.'

De tifo ging de wereld rond, haalde zelfs het nieuws in Brazlilië, en verloor onderweg alle zin voor nuance. De BBC ging zelfs over tot censuur van de tifo. In supporterskringen zijn de meningen verdeeld. 'Ik hoor supporters zeggen dat een tifo tot de folklore behoort', aldus Frédéric Celis, voorzitter van Purple Heart Liège. 'Ik heb niets tegen folklore, maar haatboodschappen verspreiden is niet oké.'

Of de zelfverklaarde auteur van het spandoek, een lid van de Ultras Inferno, schuldig was, daar leek niemand aan te twijfelen. Nadat hij in beroep ging, viel in oktober 2016 het verdicht: een stadionverbod van acht maanden en een boete van 400 euro. Sindsdien werkt het Standardbestuur nauw samen met de supporters om een bisnummer te vermijden.

Clasico te koop (met korting)

Lees de volledige reportage over de Clásico in onze de +zone of in Sport/Voetbalmagazine van woensdag 24 januari.

Onze partners