Koen Daerden: 'Slechts drie voltijdse jeugdtrainers bij Genk'

26/02/16 om 08:30 - Bijgewerkt om 09:35

Zondag komt zijn ex-werkgever Club Brugge langs, maar als technisch directeur van de jeugdopleiding van KRC Genk is Koen Daerden vooral bezig met de ontwikkeling van de Jos Vaessen Talent Academy.

Koen Daerden: 'Slechts drie voltijdse jeugdtrainers bij Genk'

Koen Daerden is bij KRC Genk technisch directeur jeugdopleidingen. © BELGAIMAGE

Koen Daerden, sinds mei 2015 de technisch directeur van de jeugdopleiding van KRC Genk, bekijkt samen met hoofd opleidingen Roland Breugelmans wat nodig is om meer jeugdtrainers parttime en fulltime in dienst te nemen. 'Van de U7 tot en met de U21 beschikken we over 36 jeugdtrainers', zegt Daerden aan Sport/Voetbalmagazine. 'Slechts drie van hen zijn voltijds in dienst; zij werken bij de U19 en de U21. De anderen werken van 's ochtends tot 's avonds ergens anders en komen om 18u naar de club, vier keer per week. In het weekend is er dan ook nog eens een match, bijvoorbeeld in Oostende. En dan zwijg ik nog over alle voorbereidingen en vergaderingen. We vragen nu heel veel van die mensen.'

Meer jeugdtrainers in dienst nemen betekent natuurlijk wel: extra kosten. 'Juist," zegt Daerden, "maar de hele club denkt dat we die kant uit moeten, zeker omdat de jeugdacademie belangrijk is op de weg die KRC Genk wil bewandelen. In Nederland is het al veel gewoner dat jeugdtrainers voltijds bij een club werken. Als wij ook stappen in die richting zetten, kunnen we de inhoud van de trainingen nog opkrikken. Belangrijk is dan wel om ook de spelers sneller op de club te krijgen.'

Met dit alles wil KRC Genk meer jeugdspelers in het eerste elftal loodsen. Daar wringt het schoentje weleens. Daerden, die zelf van 1999 tot 2006 bij KRC Genk speelde vooraleer zijn toptransfer naar Club Brugge te versieren, weet dat. 'De laatste stap, van de U21 naar de eerste ploeg, is de moeilijkste. In vergelijking met 15 jaar geleden is die stap er ook niet makkelijker op geworden; in 2000 wilde KRC Genk nog niet elke twee of drie jaar Europees spelen. Daarnaast is het niet onze bedoeling om jeugdspelers bij de A-kern gewoon te laten meetrainen, het doel is dat zij er een meerwaarde vormen. Dus zit je met een serieus eisenpakket. Dat vraagt een specifieke aanpak. Ook op dat vlak kunnen we nog progressie boeken.'

'Ik vind het belangrijk dat de opleiding van jonge spelers niet stopt als ze bij de A-kern komen; ze moeten daar nog verder individueel worden opgevolgd. Dat kan door een specifieke trainer te integreren in het eerste elftal. Verder blijft ook geduld heel belangrijk. De perceptie is nu vaak dat een jongen van 18 klaar moet zijn voor het eerste elftal, maar sommigen zijn dat pas op hun 20e.'

Lees meer over:

Onze partners