Hoe een decadente man een groot ronderenner werd

14/03/18 om 08:47 - Bijgewerkt om 11:24

Sinds woensdag ligt het boek 'top 1000 van de Belgische wielrenners' in de Standaard Boekhandel. Een hele week lang brengen we anekdotes en verhalen uit dit lijvig naslagwerk. Vandaag: Philippe Thys, de eerste grote Belgische ronderenner.

Hoe een decadente man een groot ronderenner werd

Philippe Thys © Wikipedia

Philippe Thys was de eerste, haast volmaakte kampioen uit de geschiedenis. Eigenlijk had het record van het grootste aantal Touroverwinningen in zijn bezit moeten zijn. Maar na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog verdween de wedstrijd vier jaar van de kalender.

Philippe Thys was een krachtpatser die op een zeer efficiënte manier reed. Hij scheerde zelfs zijn snor af om de luchtweerstand te verminderen. Maar door zijn te berekende manier van koersen sprak hij het publiek te weinig aan. Bovendien waren er momenten dat hij de mentale kracht niet bezat om alles voor zijn sport op te offeren. Toen Thys in de eerste naoorlogse Tour aan de start verscheen - nadat hij in 1913 en 1914 had gewonnen - was zijn conditie zo belabberd dat Tourdirecteur Henri Desgrange hem in een vlammend artikel omschreef als 'een decadente, kleinburgerlijke man die zijn liefde voor de fiets verloor'. Philippe Thys was gekrenkt en schreef Desgrange een brief terug, waarin hij voor het daaropvolgende jaar zijn overwinning aankondigde.

Philippe Thys hield woord en de Brusselaar, die op zijn zestiende naar Andenne verhuisde, richtte een slagveld aan: hij won met 57 minuten voorsprong, slechts 22 van de 113 gestarte renners haalden het einde. Thys had weer gedaan wat hem eigenlijk haast heel zijn carrière kenmerkte: trainen met een onvoorstelbare inzet en koersen met veel overleg. Om valpartijen te vermijden koerste hij niet alleen constant vooraan, hij reed telkens op een meter van de anderen. Na deze demonstratie haalde Desgrange het wierookvat boven. Hij riep dat de oorlog Thys had verhinderd om de Ronde van Frankrijk nog veel meer te winnen.

Toen Thys in 1912 naar de profs overstapte, verliep de integratie vlekkeloos. In zijn eerste Tour, gewonnen door Odiel Defraye, werd hij meteen zesde. Philippe Thys had genoeg gezien. Toen sportdirecteur Baugé hem voor de start van de Tour 1913 vroeg welke rol hij voor zichzelf binnen de ploeg zag weggelegd, zei hij dat hij zou winnen. Dat zorgde voor misprijzen bij de ploegmaats: zoveel zelfoverschatting hadden ze nog maar zelden gezien.

Maar Philippe Thys maakte zijn boude voorspelling waar. Het werd al heel snel duidelijk dat de bergen zijn uitverkoren terrein waren. Niet dat hij daar met verwoestende demarrages uitpakte, de Brusselaar teerde op zijn regelmaat, op het vermogen om heel lang tegen hetzelfde tempo te klimmen. Hij had het geduld om te wachten op fouten van de tegenstander en sloeg dan wel keihard toe. Zo legde Philippe Thys in 1913 de basis voor zijn eerste zege in de Ronde van Frankrijk.

Toen de Belgische ploeg na de Tour in Brussel werd verwacht voor een luisterrijk banket met Koning Albert I blonk Thys uit door afwezigheid. Het zinde hem niet dat zijn zege werd geminimaliseerd en dat Karel Van Wijnendaele, de pionier van de Vlaamse sportjournalistiek en inrichter van tal van wedstrijden, met luide stem de prestatie van Marcel Buysse in de verf zette. Dat gebrek aan waardering liep als een rode draad doorheen de carrière van de Brusselaar. Het kwetste hem, al tastte het zijn zelfvertrouwen nooit aan. Een vreemd dualisme.

'Top 1000 van de Belgische wielrenners' van Jacques Sys is geen zoveelste boek over de wielersport, maar een kolossaal naslagwerk, 536 pagina's dik. Lees meer.

Lees ook

Voorpublicatie: hoe Odiel Defraye de eerste Belgische Tourwinnaar werd

Onze partners