Door een desastreuze start kon Germinal Beerschot de hoge verwachtingen niet inlossen. Om daar volgend seizoen wel in te slagen, viste de club enkele oude bekenden op. Ex-bondscoach Aimé Anthuenis, die in het voorjaar bij Lokeren wegens gezondheidsproblemen een punt zette achter zijn trainerscarrière, wordt technisch directeur op het Kiel. In het seizoen 1993/94 was de Lokerenaar trainer bij Germinal Ekeren onder voorzitter Jos Verhaegen. Marc Brys, die tot eind september vorig jaar trainer was bij de Antwerpse club en toen werd ontslagen, neemt zijn vroegere functie weer op.

U haalt de coach die u enkele maanden geleden wegstuurde terug. Was dat ontslag achteraf bekeken een vergissing ?

Jos Verhaegen : “Nee. Het was de juiste beslissing. We hadden toen een te ruime spelerskern en bij Marc woog het sentiment door. Hij probeerde spelers die niet goed bezig waren, te beschermen. Dat is menselijk, maar wij vonden het verkeerd.”

Wiens schuld was het dat er te veel spelers waren ?

“Dat is een fout die wij, het bestuur, gemaakt hebben. Enerzijds sprongen enkele uitgaande transfers op het laatste nippertje af. Anderzijds was er een paniekreactie. Bij enkele spelers die waren aangeworven, merkten we na twee of drie weken dat ze niet voldeden aan de verwachtingen. Om die reden haalden we nog enkele extra jongens binnen. Zo belandden we in de gekende situatie.”

Betaalde Brys de tol van fouten die door het bestuur gemaakt waren ?

“Nee. Door spelers die onvoldoende presteerden te lang de hand boven het hoofd te houden, maakte Marc zelf ook fouten. Maar we hebben dat achteraf allemaal besproken. Marc is een harde werker. Daarom namen we hem ook terug. Het is niet omdat een trainer ontslagen wordt, dat hij plots een slechte coach is.”

Jos Daerden zette een knappe reeks neer met Germinal Beerschot. Vindt u het niet jammer dat hij zijn werk niet kan voortzetten ?

“Ja, misschien… Daerden heeft op een bepaald moment een beslissing genomen ( om zijn ontslag te geven op het einde van het seizoen, nvdr). En daar heeft hij natuurlijk achteraf spijt van gehad.”

Daerden nam dat besluit naar verluidt omdat hij voelde dat het bestuur het anders in zijn plaats zou doen.

“Mogelijk had Jos die gedachte, maar misschien was dat niet de juiste.”

Maar als Daerden verkeerdelijk dacht dat u niet met hem verder wilde, had u daar toch met hem over kunnen praten ?

“Nee. Als hij die beslissing neemt en dat bekendmaakt in de pers, moet daar niet meer over gesproken worden. Jos zegde op een bepaald moment – en dat heeft de doorslag gegeven – dat hij geen respect had gekregen. Als je een trainer aanwerft, hem vrij laat werken, met Nieuwjaar zelf zijn transfers laat invullen en altijd correct betaalt, dan toon je toch respect ?”

U bemoeit zich te veel met alles en dat zorgt voor problemen, klinkt het in de wandelgangen.

“Leugens. Je moet dat eens rechtstreeks vragen aan personen die het van nabij volgen. De trainers mogen vrij hun trainingen invullen, ik laat me niet in met de samenstelling van de ploeg en kom nooit in de kleedkamer. Mensen zoals Brys en vroeger onder anderen Helleputte wilden allemaal terugkomen, dat zegt toch iets ? Als je het vandaag de dag goed in het oog houdt en er kort opzit, ben je een moeial.”

Waarom creëert Germinal Beerschot de functie van technisch directeur ?

“Je moet vooruitgang boeken op sportief vlak, maar ook op financieel en structureel gebied. Vroeger werd er gewerkt met spelers van rond de kerktoren. Nu moet verder worden gezocht en is het niet langer haalbaar om dat met één of twee mensen te doen. Daarom creëren we deze plaats, om anderen te verlichten. Als technisch directeur zal Anthuenis zich bezighouden met eventuele problemen van spelers, met scouting en met jeugdwerking.”

Waarom koos u hem ?

“Ik ken hem al vijftien jaar, weet wat bij Anthuenis kan en wat niet. Hij is een voetbalbeest. Zo iemand moet je hebben voor die taak. Ik ben ervan overtuigd dat hij het goed zal doen.”

KRISTOF DE RYCK