Net voor de competitiestart stond Sclessin in brand, maar zes maanden later staat Standard nog steeds autoritair op kop. Komt alles toch nog goed?

Vrijdagmiddag rijdt de fonkelnieuwe spelersbus de parking van de spelersaccommodatie van de Académie Robert Louis Dreyfus op. Zit Michy Batshuayi er nog op? Ja, daar komt de spits aangewandeld voor de nieuwe fotosessie.

Een halfuur eerder domineert Batshuayi ook de persbabbel van trainer Guy Luzon.

Die wandelt stipt om halfdrie met zijn tolk/hulptrainer en communicatieverantwoordelijke Olivier Smeets de perszaal binnen, geeft iedereen een hand en beantwoordt naar gewoonte kort de vragen. Vier dagen eerder verbijsterde de Standardtrainer zijn vaste toehoorders door voor zijn doen scherp uit de hoek te komen over wat zich boven zijn hoofd afspeelt rond de diepe spits van Standard. Dat Anderlecht zich voluit aan het versterken is, maakt hem evenwel niet nerveus. “Anderlecht mag kopen wie het wil.” Of hij een plan B heeft wanneer Batshuayi toch zou vertrekken? “Neen.” Is hij dan overtuigd dat de spits blijft? “Absoluut.” Waarom was hij dan een paar dagen eerder wél zo emotioneel omtrent dat onderwerp? “Omdat ik er problemen mee heb als men spelers benadert die nog onder contract staan.” Na precies een kwartier – vertalingen en handjes schudden inbegrepen – wandelt Luzon weer weg.

Consensusmodel

Een uur voor de aftrap van Standard-Oostende zet het alom gekende ‘Waar is da feesje? Hier is da feesje!’ het nieuwe kalenderjaar in. Er staan weer enkele nieuwe Japanse persmensen te dringen. De uitstekende prestaties van Eiji Kawashima dit jaar is een van de redenen waarom het met Standard sportief een stuk beter gaat dan vorig seizoen. Op elke persconferentie benadrukt Luzondat Standard met Kawashima de beste keeper uit de Jupiler Pro League heeft. Dat vertrouwen van zijn coach straalt de Japanse international ook uit op het veld. Tegen Oostende, de ploeg die hem dit seizoen voor het eerst klopte na zes ongeslagen matchen, houdt hij voor de dertiende keer in de competitie zijn netten ongeschonden. Sinds kort is ook de website van Standard, net zoals die van Lierse voorheen, in het Japans vertaald.

De persconferentie van de Famille des Rouches, de overkoepelende federatie van 63 officiële supportersclubs, is twee weken verschoven. Dat moet toelaten om nog wat punten en komma’s te veranderen aan het samenwerkingsakkoord tussen de federatie en Roland Duchâtelet.

Vorige week maandag werd dat charter unaniem goedgekeurd op de algemene vergadering van de Famille des Rouches. Daar kreeg ook het overkoepelende bestuur, dat aan de tekst werkt in overleg met Duchâtelet en diens vertegenwoordigers Bob Claes en Olivier Smeets, unaniem het vertrouwen van de achterban. Een nieuwe sterke man werd bewust niet naar voren geschoven. Tot vorige zomer was voormalig vakbondsman Louis Smal voorzitter van de Famille des Rouches. Na de rellen van afgelopen zomer gaf Smal zijn ontslag. Hij woont nog steeds de wedstrijden van Standard bij, maar nadat Duchâtelet niet inging op een poging tot toenadering, houdt hij zich afzijdig in het debat. Ook Didier Stevens, een van de boegbeelden van de Famille des Rouches, heeft afstand genomen van het huidige bestuur. Ook hij woont nog steeds de wedstrijden van Standard bij. “Ik was al op Standard voor Duchâtelet er was en ik zal er nog zijn als hij weg is.”

De resterende bestuurders van de supportersfederatie kozen voor het consensusmodel. “Er komt een moment waarop je beseft dat je niet kunt blijven ruziemaken”, zegt Eddy Janssis, al jaren bestuurslid van de supportersfederatie. “De gebeurtenissen van de voorbije zomer hebben Duchâtelet doen inzien dat hij hier rekening moet houden met de supporters. Sindsdien zijn we beginnen te praten. In een eerste fase lijkt hij me redelijk open te staan voor onze verzuchtingen, maar pas als we de resultaten van het charter zullen zien, kunnen we echt conclusies trekken. Uiteindelijk doen we nu wat Louis Smal ons gevraagd heeft: oplossingen zoeken. We gaan toch niet beginnen ruzie te maken onderling?”

Een uur voor de wedstrijd is het nog wachten op de opstellingen, maar in de perszaal meldt pr-man Luc Boirs trots dat de achttienjarige Deni Milosevic zijn debuut zal maken in de basis. Deni’s vader, de Bosniër Cvijan Milosevic,vandaag spelersmakelaar, was ooit bij FC Liège een uitermate technisch begaafde centrale middenvelder mét spelinzicht. Zijn zoon, Belgisch jeugdinternational, speelt bij zijn debuut als rechtshalf vooral op veilig. Milosevic is al de derde speler uit de Académie die door Luzon aan het grote publiek wordt gepresenteerd, na Julien de Sart, die inmiddels al bijna het statuut van basisspeler heeft, en aanvaller Yannis Mbombo,die in december al in twee competitiewedstrijden aantrad. Tegen KVO staan vier spelers uit de jeugdopleiding op het veld. Naast Milosevic en De Sart Dino Arslanagic (die vorig jaar debuteerde) en Michy Batshuayi. Die debuteerde in de allereerste wedstrijd nadat Duchâtelet op 22 juni 2011 de club kocht. Drie dagen later stelde toenmalig interim-trainer José Jeunechamps in Blegny tegen provincialer Richelle de toen 17-jarige Batshuayi op. Standard won met 1-6 en Batshuayi scoorde zijn eerste goal bij de grote jongens.

Rotatie

Tegen Oostende wint Standard zijn 36e officiële wedstrijd sinds 18 juli zonder echt goed te spelen (2-0). Tijdens de rust wordt aan Jean-François de Sart gevraagd naar mogelijke vertrekkers. De Sart: “Alle makelaars dromen ervan spelers van Standard naar elders te brengen, maar tussen droom en daad ligt een groot verschil.”

Na de wedstrijd stappen alle thuisspelers langs de vier tribunes om de nagebleven fans te groeten. Als laatste sjokt Michy Batshuayi op slippers achter de anderen aan, stapt als allerlaatste van het terrein en kijkt voor hij de tribune in stapt nog eens om naar de fans in Tribune III, die ‘Vive le Standard!‘ inzetten, alsof hij in gedachten afscheid aan het nemen is. Om een paar minuten later aan te geven dat hij het seizoen bij de Rouches zal uitdoen.

Vanuit de perstribune ziet Alain Ronsse van Het Laatste Nieuws het allemaal gebeuren. De Standardwatcher had zijn bedenkingen bij het rotatiesysteem dat Luzon invoerde. “Maar vandaag kun je alleen maar concluderen dat hij in zijn opzet geslaagd is. Het heeft hem toegelaten De Sart te ontdekken, Arslanagic te zien bevestigen en een oordeel te vellen over alle spelers. Als je kijkt naar wat Genk, dat niet roteerde, meemaakt, heeft Luzon het bij het rechte eind. Hij heeft trapsgewijs zijn ploeg georganiseerd, vanuit een sterke verdediging, met spitsen die stoorden, flanken die mee moesten werken. Nu de verdediging er staat, gaat hij aan de slag met de aanvallende spelers.”

Luikenaar Olivier Doll, voorheen prof bij Seraing en Anderlecht, en vandaag analist bij de Franstalige betaalzender VOO, is niet verrast dat Standard nog steeds op kop staat: “Wat me wel verraste, was hun sterke competitiestart, gezien de woelige gebeurtenissen in de zomer. Standard is wel geen ploeg die het spel maakt. Vanaf de competitiestart was alles geconcentreerd op het verdedigende werk, het zat goed dicht, terwijl de goals door het centrum worden aangebracht.”

Naast Doll staat Eddy Snelders, zelf ooit twee jaar middenvelder bij de Rouches. “Wat me vanaf het begin bij Standard opviel, is hoe scherp ze verdedigen, collectief. Thuis is dat moeilijker dan uit. Ook tegen Oostende zag je dat Standard tegen ploegen die goed georganiseerd achterin blijven en hun vleugelspelers hoog laten staan, kwetsbaar zijn.” Na drie of vier speeldagen zag Snelders dat dit Standard voldoende inhoud had om eerste of tweede te worden. “Toen leek dat roteren vooral voor irritaties te zorgen, maar in januari moet je toegeven dat het roteren goed is geweest, als je ziet wat Genk is overkomen. Bovendien liet Luzon de belangrijke spelers gewoon staan. Hij doet weleens aan overacting, maar zijn ingrepen tijdens een wedstrijd zijn dikwijls logisch en zorgen voor goeie impulsen. Hij is er toch in geslaagd de enorme druk die op hem belandde bij zijn komst naast zich neer te leggen en een homogeen geheel van zijn team te maken.”

Wilfried Van Moer,van 1968 tot 1976 een boegbeeld van de Rouches en nog steeds aanwezig bij alle thuiswedstrijden,vond in het begin van het seizoen al dat Standard een ploeg had om kampioen te worden. “Maar als je Batshuayi laat vertrekken, verminder je de kwaliteit van de ploeg en hypothekeer je de titel. Met Igor De Camargo kun je dat niet opvangen. Batshuayi is completer.” En wat vindt de voormalige Gouden Schoen van Luzon? “Een speciale man, maar zijn tactische ingrepen zijn goed. Hij kent wel iets van het spelletje.”

Wat heeft hem verrast? “De snelheid waarmee de jongeren doorbreken. Al vond ik Imoh Ezekiel wat terugvallen. De eerste wedstrijden kreeg hij nog ruimte, maar tegen de versterkte verdedigingen die Standard sindsdien ontmoet, is het moeilijk voor hem.”

Praat Van Moer wel eens met Duchâtelet? “Ja, maar hij lost niets. Hij vraagt mijn mening niet, hij heeft zijn eigen mensen die hem adviseren. Met Luciano D’Onofrio ging ik al eens iets eten.”

Philippe Albert, vaste analist van VOO: “Luzonwerkt voort op wat Rednic heeft opgebouwd. Met zo’n brede kern en zo veel talent kon je voorspellen dat Standard zou meespelen voor de titel. Kawashima maakt minder fouten dan vorig jaar, op het middenveld domineert Vainqueur en voorin maakt Batshuayi, samen met Mitrovic de beste spits in België, het verschil. Je weet dat Standard elke wedstrijd scoort. Als je dan achterin niets weggeeft, sta je waar ze nu staan.”

Extra comfort

Trots toont Bob Claes, sinds de komst van Duchâteletcommercieel directeur, hoe in Tribune II op de tussenverdiepingen de vroegere tochtgaten zijn dichtgemetseld en van rolluiken voorzien. Er is een nieuw systeem van drankbevoorrading, er is verwarming in de wandelgangen en op wedstrijddagen klinkt hier een nieuwe muziekinstallatie, zegt de Limburgse Haspengouwer. “We hebben op verschillende pijlers ingezet om het comfort te verhogen en het leven van de supporter die van zeer ver komt, van Oostende tot Luxemburg, zo aangenaam mogelijk te houden. De zitjes zijn aangepast, het hele horecaverhaal is aangepast. De fanshop en de ticketing zitten nu samen.”

Het zijn geen kosten op het sterfhuis. Dat Duchâtelet eerder aankondigde van plan te zijn de club te verkopen, verandert niets aan die praktische plannen die gewoon worden uitgevoerd, zegt Claes. “De beslissing om op Sclessin te blijven was al eerder genomen. De voorzitter wil de club als een goede huisvader beheren en tot het laatst de club zogoed mogelijk laten functioneren. De boel op zijn beloop laten zou een beetje lachen zijn met de supporter.”

De woelige zomer heeft de extrasportieve plannen niet gewijzigd, zegt Claes, die toegeeft dat het ook voor hem geen gemakkelijke maanden zijn geweest. Een gemakkelijke aanhang heeft de club nooit gehad, naar het beeld van de dwarse, eigengereide Luikenaars in de hele geschiedenis. “Je kunt die cultuur ook niet zomaar veranderen”, weet Claes vanuit zijn persoonlijke verleden als Standardfan. “Dat hebben we ook nooit gewild. Die clubcultuur is net de sterkte van Standard, daar bouw je de strategie op.”

De club probeert daarom in te spelen op de verzuchtingen van de fans, zegt Claes. “We gaan niet zomaar iets inbouwen, we gaan eerst vragen hoe we dat best aanpakken. Zij weten ook dat, als zij dingen aanbrengen, daar iets mee gedaan wordt. Dat gaat van propere toiletten tot een betere drankvoorziening op Tribune III.” Geef de mensen meer comfort, maar besef dat je ze niet verandert, lijkt het nieuwe motto te zijn.

Sinds de overname zijn er geen grote verschuivingen geweest in de aanhang (zie kader) en de commerciële partners. De sponsors van Standard blijven een mix van regionale, nationale en internationale partners. Hun tevredenheid over de geboden service is groot, mocht Bob Claes ervaren tijdens de woelige weken van afgelopen zomer: “Toen enkele media onze commerciële partners consulteerden, hoorden ze dat die heel tevreden waren. Dat was een sterk signaal, dat zij niet meegingen in het moment, maar wel op lange termijn keken.”

Standard blijft, mét Anderlecht, de enige Belgische club via dewelke potentiële sponsors de twee landsgroepen bereiken. “We zijn een interessant platform voor pakweg een Vlaams bedrijf dat in Wallonië bekend wil worden en voor een Waals bedrijf dat in Vlaanderen naamsbekendheid beoogt.”

In afwachting blijft Standard, sinds de derde speeldag, autoritair de rangschikking aanvoeren. Luzon geeft na de wedstrijd tegen Oostende nog een sneer aan de concurrentie: “Andere clubs kopen nieuwe spelers om beter te worden, wij halen nieuwe spelers uit de eigen jeugd. Zo werken we aan de toekomst van de club.”

Of die toekomst onder Duchâtelet zal zijn, daar wil Claes zich niet over uitspreken. Evenmin bevestigt of ontkent hij het krantenbericht als zouden al 23 ondernemingen (waaronder twee Belgische, zeven Amerikaanse en vier uit Dubai) bij de bevoegde banken geïnformeerd hebben naar de verkoopvoorwaarden van de club. “Dat weet alleen Duchâtelet. Ik kan alleen maar zeggen dat wij hier intussen voortwerken om deze club nog verder uit te bouwen.”

DOOR GEERT FOUTRÉ – BEELDEN: IMAGEGLOBE

“Luzons tactische ingrepen zijn goed.” Wilfried Van Moer

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier