Het is dezer dagen één jaar geleden dat Bart Verhaeghe tijdens de wedstrijd tussen Club Brugge en Mouscron-Péruwelz aan de rust de kleedkamer van de scheidsrechter binnenstapte. Het toonde hoe wurgend de stress bij Club Brugge was. De obsessieve jacht op de titel leek het niet meer mogelijk te maken om rationeel te denken.

Die druk is er nog altijd, maar naar buiten slaagt Club Brugge er veel beter in zichzelf te controleren. Eén jaar geleden ook zette Michel Preud’homme geregeld vraagtekens bij de instelling van zijn ploeg die ook tijdens deze competitie lang balanceerde tussen vallen en opstaan. Nu staat er een stevig raamwerk. Het was een lange zoektocht naar de juiste balans: toen de Braziliaan Wesley vrijdag tegen Westerlo inviel, was dat de 32e speler die Club in de competitie opstelde. Maar de onverzettelijkheid waarmee blauw-zwart bij tijd en wijle voetbalt, leunt weer aan bij de waarden van de vereniging. Het komt erop aan dat door te trekken.

De uitschuivers van AA Gent en de lamentabele verrichting van Anderlecht op Waasland-Beveren lijken van Club de titelfavoriet te maken. Tot drie weken geleden zat AA Gent in de draaikolk van het succes. Moeilijk is het dan om met opeenvolgende nederlagen om te gaan. Voor de trainer en voor de spelers. Dat Hein Vanhaezebrouck na het pijnlijke verlies tegen VfL Wolfsburg naar het verschil in arbitrage tussen de Belgische competitie en de Champions League wees, is niet ten onrechte, maar je hoorde dat niet na eerdere succesvolle Europese wedstrijden van de Buffalo’s. In eerdere matchen uit de Jupiler Pro League had Vanhaezebrouck het over arbiters die strenger moeten ingrijpen. Dat is een vreemde tegenspraak.

AA Gent teert op collectiviteit. Alle schakels in de ketting moeten in elkaar schuiven. Dat was tegen Wolfsburg niet het geval. Dan stuit je op je grenzen. Dat zelfs een middenmoter uit de Bundesliga een maat te groot is, toont waar je internationaal staat. Want juist aan de top van de Champions League is er sprake van twee snelheden. Daar speelt Wolfsburg nog altijd twee etages lager dan de absolute grootmachten.

AA Gent worstelt op dit moment vooral met zichzelf. Zorgelijk was de wedstrijd die de kampioen in Oostende speelde. De hiaten in de defensie vallen niet te overzien, terwijl die vroeger het fundament vormde waarop de successen werden gebouwd. Steeds duidelijker is waarom Vanhaezebrouck absoluut Benoît Poulain wilde. Maar ook het middenveld sputtert en vooraan is de kampioen een en al onmacht. AA Gent heeft voldoende maturiteit om uit deze mindere periode te komen. Je mag niet alles afbranden wat in anderhalf jaar is opgebouwd, AA Gent was een niet te ontwrichten en luid bejubelde machine. Alleen kan succes soms zorgen voor een verkeerd zelfbeeld. Dat Laurent Depoitre twee keer ontevreden leek met zijn vervanging tegen Wolfsburg en in Oostende, nadat hij in die matchen amper een duel won, is daar tekenend voor. AA Gent moet nu, na alle lof, doorheen dit moeilijke proces. Het kan de ploeg op termijn alleen maar sterker maken.

Ongemeen hard voor zijn spelers was Besnik Hasi na de ontluisterende verrichting van Anderlecht op Waasland-Beveren. Dat was niet de eerste keer. Los van het gegeven of je het proces van je ploeg in de media moet maken, kan je dan als trainer alleen maar concluderen dat die woorden op lange termijn geen effect sorteren. Bovendien: hoe moet je na zo’n openlijke verbale uitval met dezelfde groep weer aan de slag?

Anderlecht leek zichzelf de voorbije weken weer op te richten en lof was er voor de nieuwe spelers die de concurrentie en het rendement in de hoogte joegen. Nu verviel de ploeg in oude kwalen. Onderschatting van de tegenstander, laksheid in de duels, geen verbetenheid. En vooral: weinig zelfkritiek. Maar wel een klaagzang over vermoeidheid.

Anderlecht kan zichzelf kennelijk alleen tegen topclubs opladen. Ook dat is niet nieuw. Donderdag op Olympiacos en zondag tegen Standard zal die mentaliteit er wel zijn. Het is verweven met de cultuur van de club. Welke trainer je ook voor de groep neerzet, het valt moeilijk te veranderen. Zeker in een tijd dat voetballers snel opgehemeld worden en zich als rapsterren gaan gedragen. Heel veel diplomatie, psychologische fijnzinnigheid en vakmanschap vraagt het om daar een geheel van te maken.

DOOR JACQUES SYS

Soms zorgt succes voor een verkeerd zelfbeeld.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier