Met de nodige moeite schudde Duitsland een fel Portugal van zich af. De schrik om fouten te maken verlamde het spel. Maar het verleden leert dat de Mannschaft alleen maar groeit in de loop van een toernooi.

Het was een bijzonder moment in de aanloop van de Duitse nationale ploeg naar het EK: één dag na de 5-3-nederlaag in Zwitserland voegden de spelers van Bayern München zich bij de selectie. Voor sommigen was het alsof de reddende engelen waren neergedaald. Maar bondscoach Joachim Löw deed niet euforisch. Tegenover de media had hij de wedstrijd sereen geanalyseerd: er was geen reden tot paniek, hij geloofde rotsvast in een groep waarin verschillende jonge voetballers zich in de internationale etalage willen plaatsen. Ook met de meest stekelige vragen ging hij beheerst om. Heel anders dan zijn voorganger Jürgen Klinsmann, die zich na nederlagen telkens weer verbaasde over dat wat hij denegatieve agressiviteit van de pers noemde.

In die rust schuilt de kracht van Joachim Löw, die zich nu al verzekerd weet van het vertrouwen van de Duitse voetbalbond. Toch liet een commentator van de machtige boulevardkrant Bild vorige week in een talkshow op het tweede Duitse televisienet horen dat het nog te bezien valt of dat zo zal zijn als Duitsland in de eerste ronde wordt uitgeschakeld. “We zullen”, zei hij, “vooral moeten kijken naar de manier waarop dat gebeurt.”

Voorlichting

Joachim Löw houdt zich met dat soort kindertheater niet bezig. Veel liever vertelt hij over de manier waarop hij zijn spelers voor het EK heeft toegesproken over de politieke situatie in Oekraïne. Hij had hen voorgelicht, zoals hij dat noemde, en gevraagd om zonder vooroordelen naar dit land af te reizen, hij praatte over een humanitaire omgang met de gearresteerde Joelija Timosjenko en zei dat zijn spelers wat hem betreft, mochten zeggen wat ze over het politieke gedonder van de afgelopen maanden dachten. Voetballers, vindt hij, hebben recht op hun mening.

Ze mogen ook op- en aanmerkingen ventileren over de manier van voetballen. Zoals Per Mertesacker dat bijvoorbeeld deed. De voor Arsenal uitkomende centrale verdediger liet weten dat de Duitse ploeg in zijn ontwikkeling een stap verder moet kunnen gaan door op dezelfde manier vooruit te verdedigen als Borussia Dortmund dat doet. “Het is”, sprak hij, “het hoogst haalbare om de tegenstander op zo’n manier te versmachten.”

Deze generatie volgt niet braaf en slaafs op wat hen wordt voorgekauwd. Er wordt nagedacht, er is een bijna hartstochtelijke liefde voor tempovoetbal en wie niet in het verhaal meegaat, dreigt in een isolement terecht te komen. Toen rechtsachter Jérôme Boateng de avond voor het vertrek naar het trainingskwartier in Gdansk ging stappen, werd hij niet alleen door Löw openlijk berispt. Ook de spelers lieten voelen wat ze daarvan dachten.

Voetbalintelligentie

Die volwassenheid heeft Joachim Löw in de groep geslepen. Hij liep eerst mee aan de hand van Jürgen Klinsmann, de inspirator en schepper van een andere manier van denken en voetballen, de man die voelde dat het Duitse voetbal was vastgeroest, maar wist dat hij voor de vervolmaking van zijn frivole spel een strateeg nodig had. Hij herinnerde zich Joachim Löw van de trainersopleiding. Een mathematicus, een tacticus. Beiden vormden een ijzersterk duo.

Löw ging later op eigen benen verder. Hij zag hoe multiculturele invloeden steeds meer artistieke karaktertrekken in het Duitse voetbal brachten. En hoe deze groep zijn denkbeelden razendsnel oppikte. Met misschien minder sterke persoonlijkheden, maar met veel (voetbal)intelligentie. Zo rekende Duitsland af met oude waarden. En bombardeerde het zichzelf tot de grote favoriet van het toernooi. Oud-vedetten spreken onverbloemd van de beste Mannschaft uit de geschiedenis, met niets minder dan een titel zal niemand vrede nemen.

In een omvangrijke enquête die het vakblad Kicker doorvoerde, bleek dat 61 procent van de Duitsers ervan overtuigd is dat Duitsland Europees kampioen wordt. Slechts 4,7 procent sprak van een uitschakeling in de eerste ronde. En op de vraag wie de superster van dit EK zou worden tipte 35,4 procent op Mesut Özil.

Nochtans is Joachim Löw in wezen een conservatieve trainer. Hij zoekt en experimenteert, maar van de ploeg die hij voor de eerste EK-wedstrijd tegen Portugal in zijn hoofd had, was er aanvankelijk slechts één wijziging tegenover het type-elftal van twee jaar geleden op het WK in Zuid-Afrika: Holger Badstuber in plaats van Arne Friedrich. Pas in laatste instantie gaf hij Mario Gomez nog de voorkeur boven Miroslav Klose en zorgde met Mats Hummels in plaats van Per Mertesacker toch voor een voetballer van kampioen Borussia Dortmund in de hoofdmacht.

Het jonge geweld wil Löw best kansen geven, maar ze komen pas in de ploeg als ze beter zijn dan de gevestigde waarden. Zo komt het dat twee van de grootste talenten van het Duitse voetbal, Mario Götze en Marco Reus, op de bank zitten. Ze mochten zaterdag tegen Portugal een tijdje warmlopen, maar schoten niet in actie.

Man van de match

Duitsland miste de start van het EK niet. Maar oogstrelend was het spel tegen het zeer geconcentreerde en tactisch sluwe Portugal allerminst. Löw wond zich voor zijn doen behoorlijk op langs de zijlijn. Hij zag te weinig creativiteit en te veel spelers die onder hun niveau bleven. Na de nederlaag van Nederland tegen Denemarken leek het wel alsof de angst om fouten te maken het spel verlamde. Zo kwam het tot weinig kansen. En groeide Mario Gomez met zijn stunteligheid uit tot een tragisch figuur. Maar hij scoorde de bevrijdende treffer net op het moment dat Löw hem uit zijn lijden wilde verlossen. Het was een zeer geflatteerde overwinning.

En toch, het verleden leert dat Duitsland in dit soort toernooien alleen maar groeit. Hoe langer de groep samen is, hoe groter de samenhorigheid en hoe beter de patronen weer in het elftal vloeien. Een reden voor ongerustheid is er dus niet. Maar het niveau van een aantal spelers zal behoorlijk omhoog moeten. Zo kreeg Mesut Özil geen greep op het middenveld, ook al valt er niet naast zijn fijne techniek en subtiele balbehandeling te kijken. Toen de middenvelder werd vervangen, slofte hij teleurgesteld naar de zijlijn.

Toch werd Özil vreemd genoeg door een vakjury tot de man van de match uitgeroepen. Een aanfluiting. Want in de Duitse ploeg zweefde Mats Hummels hoog boven iedereen uit. De centrale verdediger verloor geen enkel duel en schoof geregeld mee naar voren.

In dit team waar de kracht in de offensieve sector ligt, kan Hummels uitgroeien tot een echte revelatie. In de Bundesliga heeft hij een dusdanige status verworven dat aanvallers van de tegenpartij hem proberen op te houden als hij zich mee in het offensief stort. Snel in de ruimte duiken, met kracht en techniek over de tegenstander razen, Hummels beheerst het perfect. Samen met Holger Badstuber vormt hij een harmonieus duo. Twee voetballers die uit de jeugdopleiding van Bayern München komen en van wie de toenmalige jeugdtrainer Hermann Gerland vier jaar geleden zei dat ze ooit het centrale verdedigingsduo van de Duitse nationale ploeg zouden vormen. Beiden speelden in de jeugd aanvankelijk op andere posities: Hummels, zoon van een sportjournaliste, als spits en Badstuber op het middenveld. Dat heeft hen mee gevormd. Uit statistieken blijkt dat vorig seizoen in de Bundesliga 89,4 procent van de voorzetten van Badstuber aankwamen, slechts vier spelers scoorden beter. Ook Badstuber brengt graag van achteruit het spel op gang. Het zijn twee voetballers die passen in de voetbalfilosofie van Joachim Löw, twee jonge leeuwen in de verdere weg naar het modernisme.

Pools belang

Want het winnen alleen volstaat voor de bondscoach al lang niet meer. Het gaat om combinatievoetbal, snel en beweeglijk, inventief en creatief. En om het koelbloedig benutten van de doelkansen. Wat dat laatste betreft, is er nog werk aan de winkel. Mario Gomez draagt de sporen mee van een slopend seizoen bij Bayern München en de aanvankelijk als certitude voorziene Miroslav Klose is nog niet in topvorm.

Nochtans had juist de in Polen opgegroeide Klose veel van dit WK verwacht. In vrijwel ieder interview had hij uitvoerig verteld over het belang dat dit land nog steeds voor hem heeft, over de familiale mentaliteit die Polen volgens hem kenmerkt, over de moeilijke aanpassingsperiode in Duitsland toen hij aanvankelijk met zijn ouders in een grauwe arbeiderswijk woonde, met vooral Russen, Tsjechen, Albaniërs en Turken. En over het feit dat hij thuis nog steeds Pools spreekt en dat ook doet met zijn ploegmaat Lukas Podolski.

Miroslav Klose, intussen aan 117 interlands toe, is al vaker een gouden kracht geweest voor de Duitse ploeg. Zeker wanneer de ploeg naar het wapen van de aanval grijpt, waarvoor het de laatste jaren zo veel lof kreeg. Maar nu bleef de betovering in het spel uit. Omdat de focus te veel op zekerheid lag. Dat de Duitse ploeg zichzelf zo van zijn grootste kwaliteit ontnam, zegt alles over de nieuwe accenten die zijn gelegd.

DOOR JACQUES SYS – BEELDEN: IMAGEGLOBE

61 procent van de Duitsers is ervan overtuigd dat Duitsland Europees kampioen zal worden.

Mats Hummels kan een revelatie worden.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier