Waarom heeft de nieuwe aanvaller van de Belgische landskampioen ervoor gekozen om hier zijn talent te laten ontwikkelen in plaats van in de Premier League of een andere grote competitie waar hij bovendien een riant salaris kon opstrijken?

Afgelopen donderdag sprongen Aleksandar Mitrovic, zijn vader Ivica en zijn makelaar, Nenad Jestrovic, op twee verschillende vliegtuigen die hen van de Balkan naar het hart van Europa brachten, van Belgrado naar Brussel via Wenen. Een meute journalisten stond de vedette op te wachten. Vierentwintig uur nadat hij in Barcelona de vriendschappelijke wedstrijd Colombia – Servië (1-0) had gespeeld, verborg zijn glimlach enige vermoeidheid en verspilde hij om 20.30 uur niet te veel tijd voor de camera’s, want de volgende dag kondigde zich razend druk aan: medische testen, contract ondertekenen, persconferentie en meteen terug het vliegtuig op naar Servië om er de laatste wedstrijden met Partizan Belgrado af te werken. Op 30 augustus komt hij definitief naar het Constant Vanden Stockstadion. Het vooruitzicht deed hem zichtbaar tintelen van ongeduld toen hij de media in Neerpede te woord stond.

Je idool is niemand minder dan Didier Drogba en hier bij Anderlecht moet je Dieumerci Mbokani doen vergeten: heb je dan als 18-jarige al geen lange weg afgelegd?

Aleksandar Mitrovic: “Mijn bewondering voor Drogba dateert niet van gisteren. Ik heb altijd gevonden dat hij alle kwaliteiten van een moderne spits combineert: gestalte, kracht, uitstraling en techniek. Hij is de top. Voor mij is hij een voorbeeld en een idool. En na hem mijn makelaar Nenad Jestrovic, uiteraard. (lacht) Jestrogol – ik ken zijn bijnaam – heeft me veel over het Belgische voetbal verteld. Ik weet wat Mbokani allemaal heeft verwezenlijkt in België. Hij is een grote spits, maar ik heb het volste vertrouwen in mijn kwaliteiten en mijn slaagkansen hier. Alle ogen zullen op mij gericht zijn, maar dat stoort me niet. Anderlecht heeft een serieuze inspanning gedaan. Ik weet dat ik de duurste transfer uit de clubgeschiedenis ben. Op mijn achttiende heb ik al wat meegemaakt en dat zal me helpen bij mijn toekomstige uitdagingen. We hebben het over centrumspitsen en ik ben er ook een, maar ik ben dat niet altijd geweest. Bij FK Smederevo ben ik op de rechterflank begonnen.”

Dat bedoelde ik toen ik vroeg of je een lange weg hebt afgelegd. Wat weet je nog van je geboortestad en het plaatselijk team?

“Veel. Ik ben geboren op 16 september 1994. Smederevo ligt langs de Donau, op zo’n 60 kilometer van Belgrado. Het is een stad met 60.000 inwoners die een belangrijke plaats inneemt in de geschiedenis van ons land. Ik geloof dat het zelfs ooit de hoofdstad is geweest. Bij FK Smederevo werd er altijd goed met de jeugd gewerkt. Toen ik zes was, sloot ik me aan bij de club. Alles kwam in een stroomversnelling na een jeugdwedstrijd tussen Smederevo en Partizan Belgrado. We wonnen die dag en ik had ook een paar doelpunten gemaakt. Plots werd ik getransfereerd naar Partizan. Ik was toen negen jaar. Bij Smederevo speelde ik soms in een defensieve rol, bij Partizan nooit. Daar heb ik altijd in de spits gespeeld. Smederevo is Belgrado niet, een grote hoofdstad. Elke dag pendelde ik tussen mijn thuis en het trainingscentrum van Partizan. Ik studeerde, at en rustte in de auto van mijn vader die duizenden kilometers heeft gereden voor mij. Uiteindelijk mocht ik een appartement van de club betrekken, wat gemakkelijker was. In het seizoen 2011-2012 werd ik verhuurd aan FK Teleoptik om meer speelminuten te krijgen.”

Zvonko Varga

Teleoptik is de satellietclub van Partizan: verklaart die samenwerking gedeeltelijk het succes van de jeugdopleiding in je land?

“De basis is altijd hard werken. Uitverkoren worden door Partizan is een eer die je moet verdienen. Ik hou ervan om mijn blauwe trainingsplunje aan te trekken: zonder die instelling kom je nergens. Alle jongeren weten dat Partizan de beste jeugdopleiding heeft, uniek in Servië. Toen ik zeventien werd, was het tijd om te worden uitgeleend. Zoals bij andere jongeren was FK Teleoptik de logische keuze omdat ze het trainingscentrum delen met Partizan. Dat bevindt zich in Zemun, een deelgemeente van Belgrado. Teleoptik speelt in de tweede afdeling.”

En wat is het niveau daar?

“Niet slecht, zelfs niet veel minder dan de eerste afdeling. Ik ben er ontbolsterd, met de steun van de trainer, Vuk Rasovic. In tweede afdeling moet je ook in duel durven gaan om respect af te dwingen, je rol als targetman rechtvaardigen, afhaken, deelnemen aan het spel, in dienst van de ploeg spelen. Ik weet dat een aanvaller wordt afgerekend op zijn doelpunten. Dat was zo bij Teleoptik en bij Partizan en bij Anderlecht zal het precies hetzelfde zijn. Daar ben ik nooit bang voor geweest. Het is ook geen obsessie voor me. Ik respecteer de prestaties van Mbokani, maar ik ben daar niet mee bezig, wel met het team vooruit helpen en de richtlijnen volgen van de baas, de trainer.”

Teleoptik speelt voor 200 toeschouwers terwijl Partizan, waar je terug kwam in het seizoen 2012-2013, regelmatig 30.000 supporters in de tribunes heeft: hoe heb je dat verschil in sfeer beleefd?

“Ik ben daar heel natuurlijk mee omgegaan. Als Partizan me maar een seizoen bij Teleoptik heeft gestald, was het om een stap vooruit te zetten. Dat is gelukt met de steun van de trainer, Vladimir Vermezovic, die op het einde van het seizoen wordt opgevolgd door mijn trainer bij Teleoptik, Rasovic. Net als Rasovic heeft ook de T2 van Partizan, Zvonko Varga (ex-Club Luik, nvdr), bij Teleoptik gewerkt: de werkwijze is duidelijk. Ik heb veel te danken aan Varga, met wie ik altijd nog na de training bleef werken. Hij is net als Jestrovic een voormalige spits en hij kent alle geheimen van het vak en van het Belgisch voetbal. Varga heeft me geleerd beter positie te kiezen als targetman, mijn kracht goed te gebruiken. Ik heb het geluk gehad om het seizoen goed te beginnen…”

Met een doelpunt tegen La Valette in de voorronde van de Champions League, als ik me goed herinner?

“Precies, vervolgens scoorde ik ook tegen Jagodina en – vooral – tegen Rode Ster in de competitie. We verloren de derby, maar Partizan wist toch de titel te pakken, dat is het voornaamste. Ik heb de sfeer van Europese voetbalavonden ontdekt. Ik ben een competitiebeest. Ik speel om te winnen. En vorig seizoen ging het erom tegen de Azeri’s van FK Neftçi Bakoe. Op verplaatsing kon ik scoren. Ik zat helemaal in de wedstrijd. Een beetje te veel zelfs, want ik kreeg een rode kaart en daardoor was ik drie matchen geschorst. Dat heeft me de eerste Europese wedstrijden met Partizan dit seizoen gekost.”

Klopt het dat het verhaal van het rugnummer 45 begon bij Partizan?

“Het rugnummer 9 was al bezet. Dus koos ik voor 45, want 4+5 is 9.”

Origineel, net als je kapsel…

“Ik verander regelmatig van look. Dat is normaal, ik ben achttien en dus nog jong.”

Is de Servische competitie niet vooral een tweestrijd tussen Partizan en Rode Ster?

“Nee, dat vind ik niet. Ik vind zelfs dat het niveau van de competitie stijgt, dankzij de jongeren.”

Buitenland

Anderlecht heeft de twee grote clubs van Belgrado samengebracht…

“Inderdaad, Luka Milivojevic komt van Rode Ster. We zullen elkaar veel te vertellen hebben over de heftige derby van Belgrado, dat is normaal. Ik heb hem gesproken vooraleer ik bij Anderlecht tekende. Hij was zeer lovend over mijn nieuwe club. Zijn aanwezigheid zal mijn aanpassing vergemakkelijken.”

Zegt de naam Milan Galic je iets?

“Natuurlijk, hij is een legende bij Partizan. Er zijn zoveel andere Servische spelers die het hebben gemaakt in België of elders. Ons aanpassingsvermogen is een troef, maar ik moet nogmaals de kwaliteit en het werk van onze jeugdtrainers benadrukken: ik heb daarvan geprofiteerd en onder anderen Jestrovic en Varga voor mij.”

Er is toch nog een groot verschil met Galic, de meest getalenteerde ex-Joegoslavische speler voor Milan Jovanovic die ooit in België speelde: in 1966 haalde Standard een wereldvedette van 28 jaar in huis, halve finalist op het WK ’62 en finalist van de EC1 in Brussel tegen Real Madrid.

“Ik weet het, maar de tijden zijn helemaal veranderd. Galic heeft het in de context van zijn tijd gemaakt. Ik moest tien jaar eerder dan Galic naar het buitenland om nog beter te kunnen worden. Maar dat geldt voor iedereen, niet alleen voor jonge Servische voetballers. In het voetbal vandaag is dat nodig.”

Slechts één seizoen in de Jelen Super Liga, de Servische eerste klasse. Is dat genoeg als ervaring?

“Het is meer dan dat. Ik heb me meteen aangepast en scoorde tien keer, Partizan werd kampioen, ik werd A-international. Onze generatie werd Europees kampioen bij de U19. Conclusie: in de Servische eerste klasse kan ik niet meer groeien. In mijn eigen land zit ik aan het plafond. In België kan ik bij Anderlecht verder groeien. Het is de beste club in België. Anderlecht is het trouwens gewoon om met jonge voetballers te werken.”

Is Anderlecht een tussenstap voor je?

“Ik heb geen glazen bol: ik wil de verwachtingen inlossen, slagen bij Anderlecht, een wederdienst doen. Jestrovic had veel aanbiedingen voor mij, financieel veel interessanter, maar de reputatie en het totaalplaatje bij Anderlecht waren veel belangrijker dan dat.”

Is je Europese titel bij de U19 de bevestiging van het feit dat je de juiste keuze hebt gemaakt door naar het buitenland te trekken?

“Nee, ik wist al eerder dat die stap noodzakelijk was.”

Je uitverkiezing tot beste speler op dat EK U19 heeft geen invloed gehad op je situatie?

“Helemaal niet. Het is de ganse nationale ploeg die een belangrijke prijs heeft gewonnen en ik ben trots dat ik erbij was. Als onze jeugdopleiding niet zo goed was, zou het nooit zijn gelukt. Iedereen heeft er baat bij, want het zal de aandacht op onze clubs vestigen. Andere spelers van het team zullen op een dag ook voor grote buitenlandse clubs spelen. Onze teamgeest was geweldig. Dat maakte ons des te sterker.”

Is het ook de verdienste van jullie trainer, Ljubinko Drulovic, de ex-speler van Porto?

“Ja, hij zorgde dat alle schakels in elkaar pasten en we hebben ook tactisch gevarieerd: offensief in de eerste wedstrijden, iets terughoudender in de halve finale tegen Portugal en in de finale tegen Frankrijk. In de halve finale heb ik mijn verantwoordelijkheid genomen bij de laatste strafschop. Nee, de druk voel ik niet. Jestrovic was een penaltyspecialist. Hij heeft me zijn geheim verteld. Ik weet dat er bij Anderlecht veel te doen is rond strafschoppen. Als John van den Brom het me vraagt, wil ik ze trappen.”

Aanpassing

De soap rond je transfer naar Anderlecht zette kwaad bloed in Belgrado terwijl je het EK U19 won…

“Ik was volledig op mijn wedstrijden geconcentreerd. Mijn makelaar en mijn vader hielden zich met de transfer bezig.”

Brussel is al een belangrijke stad voor je: transfer naar Anderlecht en debuut bij de nationale A-ploeg tegen België in het Koning Boudewijnstadion…

“De Rode Duivels zijn sterk, heel sterk. Ik stond tegenover Europese topverdedigers. Ze spelen allemaal bij Europese topclubs.”

Aan de vooravond van die wedstrijd zag ik je bezig op training op het veld van Tempo Overijse. Helemaal geen zenuwen voor je debuut?

“Onze bondscoach, Sinisa Mihajlovic, is de ploeg aan het verjongen. Het team zal op punt staan tegen het EK 2016. De U19 zullen zich stilaan integreren en belangrijker worden. Ze werken allemaal heel hard. Ik was tevreden met mijn wedstrijd tegen België en vorige week tegen Colombia was het nog interessanter…”

Nadat je je contract bij Anderlecht vorige vrijdag hebt getekend, moet je nog vier wedstrijden spelen met Partizan: twee in de competitie en twee in de voorronde van de Europa League tegen het Zwitserse FC Thun: is het niet jammer dat je nog tot 30 augustus moet wachten vooraleer je overgang definitief is?

“De twee clubs hebben dat akkoord gesloten. Voor mij is het geen probleem. Ik pas me overal heel snel aan, of het nu bij FK Teleoptik, Partizan, de nationale ploeg of bij Anderlecht is.” ?

DOOR PIERRE BILIC – BEELDEN: CHRISTOPHE KETELS/IMAGEGLOBE

“In de Servische eerste klasse kan ik niet meer groeien. Bij Anderlecht kan ik dat wel.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier