Supergemotiveerd was hij, Niels Albert, om alle critici in Oostmalle de mond te snoeren. Maar wat een klinkende revanche moest worden, draaide uit op een anticlimax. Wij volgden Alberts entourage de hele dag.

Morkhoven baadt nog in rust als we om halfnegen het besneeuwde dorpsplein oprijden. Af en toe een verdwaalde auto en een eenzame voetganger, voor de rest heerst een ijzige stilte. In de verte verlichten twee grote spots de service course van BKCP-Powerplus. “Vijftig meter naar rechts, links door het gangetje en dan weer links”, gidst manager Christoph Roodhooft ons met de gsm tot bij het heiligdom van de crossploeg. Samen met mecanicien Dieter Clercx is hij net klaar met inladen van het materiaal: vijf fietsen en 26 (!) paar wielen. Vooruitziend zijn, heet dat.

“Niels komt binnen een uurtje naar hier”, zegt Roodhooft. In afwachting neemt hij ons mee naar de werkplaats, waar twee katten – “Pluis en Spurter, twee afstammelingen van de kat van Mario De Clercq” – ons voor de voeten lopen. Aan de poort hangt een levensgrote poster van Albert. Dezelfde foto als op de affiche van het BK in Oostmalle. Toeval? “Begin dit seizoen gekregen van organisator Louis Van Den Eynde. Om Niels te helpen focussen, zoals Filip Meirhaeghe indertijd met zijn post-its deed”, grapt Roodhooft.

Dieter is al een tijdje wakker. “Ik heb al goed twintig minuten gelopen. Ik moet scherp staan, hé”, lacht de mecanicien, die een helse week achter de rug heeft. “Gisteren heb ik Arnaud Jouffroy begeleid op het Frans kampioenschap. De dagen voordien ben ik niet voor tien uur ’s avonds naar huis gegaan …”

Wie ook scherp staat, is Albert zelf, zegt Roodhooft. “Zijn tegenstanders en de zogenaamde kenners hebben hem een mooi cadeau gegeven met hun commentaren. ‘Een Nysparcours. ‘ ‘Albert is kansloos. ‘ Niels is héél gemotiveerd om het tegendeel te bewijzen.”

Roodhooft zag de dagen ervoor een lachende Albert op training. “Een fel contrast met vorige week. Het handgebaar naar Gerben de Knegt in Loenhout, zijn lakse houding in Baal, het weggooien van zijn fiets in Tervuren … De druk van de voorbije maanden werd hem een beetje te veel. Zondagavond hebben we met de mecaniciens en Niels een lang, constructief gesprek gehad. Ik was boos dat hij zich op hen had afgereageerd. Voor wat bovendien zíjn fout was. Niels had te lang gewacht om van fiets te wisselen, waardoor hij niet meer in zijn pedalen raakte. Hij heeft die avond lang nagedacht. De dagen erna zagen we een andere Niels. Gefocust, maar heel ontspannen.”

Prima nachtrust

Halftien. Albert komt toe met zijn vaste mecanicien Kris Van Meldert. Met de vrachtwagen en een minibusje trekken we naar Oostmalle. Ruim op tijd. “Normaal gezien zijn we minstens vier uur voor de cross ter plaatse”, zegt Dieter. “De goede plaatsjes zijn duur, hé. Vandaag zijn we zelfs iets vroeger, want Niels wil het parcours tweemaal verkennen.”

Wanneer we na een ommetje in de perszaal bij de standplaats van BKCP aankomen, is een relaxte Albert al aan het opwarmen. “Een prima nachtrust gehad. Om kwart over tien zat ik al in mijn bed, tot kwart voor acht vanmorgen. Een uurtje eerder was ik al wakker geworden toen mijn vriendin Chantal opstond, maar ik ben weer in slaap gevallen. Veel stress heb je dan niet, hé”, lacht hij.

Kris en Dieter overleggen ondertussen met collega’s-mecaniciens over de bandenkeuze. Hét gespreksonderwerp voor de komende uren. Dieter heeft een geheim wapen, verklapt hij: witte tubes, met aan de zijkant hoge noppen. “Die worden niet meer gemaakt. Ik heb ze donderdag van een kennis gekregen. Hij wou er gisteren bij de masters mee rijden, maar ik heb ze opgeëist. ’t Is voor een goed doel, hé.”

Na de opwarming trekt Albert naar het parcours voor een eerste verkenning. In zijn zog: Kris, met vier paar wielen en een mechanische pomp. Dartel snelt Albert over de omloop. “Zie je hoe hij de ondergrond aan het testen is?”, zegt Kris. “Binnenkant bocht, buitenkant bocht, hier links, daar rechts.” Na twee ronden houdt Albert halt. “Het is gladder dan bij de verkenning van donderdag. Niet in mijn voordeel.” Kris steekt een nieuw paar wielen met groene tubes, maar die bollen niet goed. “Het worden allicht de witte.”

Terwijl Albert zich terugtrekt in de camper, legt Dieter de tactiek voor de start uit. “Christoph blijft zolang mogelijk bij Niels. Kris gaat al naar de materiaalpost en ik sta enkele meters na de start met twee fietsen: een met dezelfde tubes waarmee hij start en een met andere tubes. Je weet nooit dat het plotseling begint te sneeuwen of te regenen. We laten niets aan het toeval over.”

Rond de camper verdringen zich ondertussen tientallen mensen om een glimp van de wereldkampioen op te vangen. Onder hen Robert Bergen, diehardsupporter en vriend van de familie. “Ik heb in de hele carrière van Niels nog maar vijf crossen gemist. Voor het WK in Hoogerheide moest ik forfait geven. Ziek … Ik lag te wenen in mijn bed toen Niels over de finish kwam.”

Waarmee rijdt Nys?

Na de dameswedstrijd verkent Albert een tweede keer, opnieuw met witte tubes. Kris en Dieter trekken naar de materiaalpost, elk met vier paar wielen. “Waarmee rijdt Nys?”, vraagt Albert als hij een eerste keer stopt. Oók met witte tubes …

Toch wordt er weinig naar de concurrentie gekeken, zegt Dieter. “Renners moeten zélf leren aanvoelen met wat ze zich het best voelen. En een verkeerde bandenkeuze hoeft geen ramp te zijn. Je kan altijd wisselen, hé.” Al zal dat vandaag door de harde ondergrond allicht niet gebeuren. “We zullen deze keer vooral werk hebben met onszelf …”, lacht Dieter. Albert passeert een laatste keer. ” Oep maan bakkes gegoan“, roept hij, maar veel hinder ondervindt hij niet van zijn val.

Na de tweede verkenning rest nog anderhalf uur tot de start. De stress bij Kris en Dieter stijgt. Ze nemen de vijf fietsen nog eens volledig onder handen. Ieder vijsje wordt vastgedraaid. “Je weet nooit dat er een flauwe plezante aan de fietsen geprutst heeft. Zekerheid voor alles. Als Niels verliest, mag het niet aan ons liggen”, zegt Dieter die uiterlijk zo kalm mogelijk probeert te blijven. “Ik mag mijn zenuwachtigheid niet overzetten op Niels.”

Albert begint even later aan zijn ultieme opwarming. Roodhooft praat nog een keer met zijn poulain. Niet onnodig blijkbaar. “De stress begint te komen. Logisch, ik had het zelfs vroeger verwacht”, zegt Roodhooft. “Ik heb geprobeerd om Niels gerust te stellen. Hoe? Door begrip te tonen voor zijn zenuwachtigheid.”

Slechte start

Een kwartier voor de start vraagt Kris of we een fiets en een paar wielen kunnen meenemen naar de materiaalbox. Geen probleem. Met ons schriftje in de linkerhand, balpen in de mond, fiets en wielen in de rechterhand hollen we achter hem aan. Over een deel van het parcours, tussen honderden toeschouwers, door een stuk bos en over een lint tot bij de materiaalzone. Buiten adem, maar net op tijd om de start te zien op het grote scherm.

Voor de zoveelste keer dit seizoen verloopt die voor Albert niet goed. Hij draait pas als tiende het veld in. Roodhooft vloekt. Hij ziet hoe Sven Vanthourenhout en Tom Meeusen het commando nemen. Albert spartelt in de achtergrond en lijkt niet op zijn gemak. “Ofwel vecht hij tegen deze opdoffer ofwel valt het tegen”, zucht Roodhooft. Ook in de volgende ronden blijft hij schuddebollen: “Niels komt niet in zijn ritme. Al is de cross nog niet voorbij. Hij zit op amper een paar seconden van Nys.”

Een ronde later lijkt het kalf verdronken. Nys heeft het gat gedicht op de koplopers, Albert volgt al op meer dan twintig seconden. Roodhooft stampt ontgoocheld tegen een hoopje sneeuw en krijgt prompt een microfoon onder de neus geschoven. “Ik weet niet wat er gebeurd is. Gevallen zeker? Het is over … Wie er wint? Sven Nys …”

Tien minuten voor het einde trekt de BKCP-manager naar de aankomstzone. Zijn vermoeden wordt bevestigd door een supporter: Albert is gevallen. Waar en door wie weet hij nog niet.

Even later komt Sven Nys triomfantelijk en breed zwaaiend over de finishlijn. Zijn zevende Belgische driekleur is binnen. Albert, hoofd naar beneden, bolt anderhalve minuut later als negende over de eindstreep. Zijn slechtste resultaat van het seizoen.

Roodhooft en Albert duiken de tent binnen, waar een emotionele wereldkampioen zijn verhaal doet. “Ik ben bij de arm gegrepen door een supporter van Nys.” En: “Bier gooien en roepen, oké, maar ze moeten van mij blijven.” En: “Ik heb mijn kansen niet kunnen verdedigen.” Hij voegt er ook eerlijk aan toe: “Ook zonder die val had ik niet gewonnen.”

Roodhooft, omstuwd door journalisten, doet een oproep aan Sven Nys: “Als vertegenwoordiger van de renners bij de UCI moet hij dit ter sprake brengen. Hij is de enige naar wie het publiek luistert …”

Op de foto

De boosheid druipt van Roodhoofts gezicht als we naar de rennersparking stappen. “Jammer dat het incident niet in beeld gekomen is. Ik hoor het sommigen al zeggen: ‘Albert is nen bleiter. Hij heeft die val uitgevonden.'” Aan de camper zien we nog net Bart Aernouts vertrekken. Hij heeft de val en de supporter gezien. Roodhooft stuurt meteen een sms naar de journalisten. “Dan kan Bart tenminste Niels’ verhaal bevestigen …”

Terwijl Dieter en Kris in stilte de fietsen schoonmaken en alles inladen, zoekt Albert troost bij zijn vriendin Chantal en zijn moeder. Wanneer een moeder vraagt of haar twee kinderen met Albert op de foto kunnen staan, komt de wereldkampioen uit de camper. Hij neemt zijn twee kleine fans stevig vast en glimlacht. “Ook dát is Niels”, zegt Roodhooft. “Ontgoocheld zijn, maar toch tijd maken voor zijn supporters.”

Albert, pijnlijk grimassend door de pijn aan zijn ribben, is ondertussen al wat gekalmeerd. “Een gemiste kans, ja. En tuurlijk ben ik enorm teleurgesteld. Maar ik kan er nu niets meer aan veranderen, hé. Er zijn ergere dingen in het leven, zeker?” Hij kijkt ons recht in de ogen, knikt, en stapt de camper binnen. De revanche zal voor later zijn …

door jonas creteur – beelden reporters – beelden: reporters

Vijf fietsen en 26 paar wielen. Vooruitziend zijn, heet dat.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier