Jef Van Baelen
Jef Van Baelen Journalist voor Knack

Erik Dekker stopt en Michael Boogerd wordt ook al 34. Toch is Rabobankploegleider Erik Breukink niet bang voor de toekomst. ‘Er zit voor het Nederlandse wielrennen een gouden tijd aan te komen.’

Het wielrennen werd Erik Breukink met de paplepel ingegeven. Acht jaar was hij toen hij met zijn vader, toen directeur van de fietsenfabriek Gazelle, in de volgauto zat in de Ronde van Gelderland. De microbe kreeg hem te pakken, wat volgde was een schitterende carrière waarin hij onder andere vier Tourritten won, en zowel in de Ronde van Frankrijk als in de Giro het podium haalde. Na zijn profcarrière werd hij wielerverslaggever bij de NOS, tot Rabobank hem daar kwam wegplukken om het gat op te vullen dat het vertrek van boegbeeld Jan Raas naliet. Aan de vooravond van de zogenaamde Ardense triptiek – Amstel Gold Race, Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik – klinkt hij erg optimistisch over de perspectieven van zijn oranje formatie.

De Amstel Gold Race komt eraan, dat is een belangrijke afspraak voor een Nederlandse ploeg.

Erik Breukink : “En zeker voor Rabobank. Een Nederlander heeft niet veel kansen om zich in eigen land te tonen aan zijn fans, onze jongens zijn in de Gold Race altijd supergemotiveerd. Er zitten in onze ploeg heel wat renners die in Nederlands Limburg aardig uit de voeten kunnen. Ze trainen daar allemaal ook erg vaak. Het is een beetje zoals met de Vlaamse coureurs die allemaal het parcours van de Ronde van Vlaanderen op hun duimpje kennen.”

Een renner die zich altijd in de kijker rijdt in de Amstel Gold Race is Michael Boogerd. Maar nu zou hij geblesseerd zijn. Komt zijn voorjaar in het gedrang ?

“Afwachten, hij heeft de Ronde van het Baskenland toch al kunnen rijden, dus dat doet het beste verhopen. Die blessure heeft zijn voorbereiding natuurlijk verstoord, maar Boogerd is altijd een man die in zijn wedstrijden het uiterste uit zichzelf kan halen. En als hij zelf niet top is, maakt hij zich wel nuttig in dienst van de ploeg.”

Hij brak een beentje in zijn voet terwijl hij met zijn kinderen aan het spelen was. Zijn belangrijke wedstrijden komen er aan, en dan blesseert hij zich zo lullig. Zijn jullie dan kwaad ?

“Hoe het precies gegaan is, dat gaan we niet uitzoeken want dat zijn onze zaken niet. Ongelukken gebeuren nu eenmaal. Het is eigenlijk ironisch : Michael reed als voorbereiding de Tirreno-Adriatico, waar je iedere dag je leven riskeert, en er gebeurt niks. De eerste dag dat hij thuis is, heeft hij zitten. Tja… Michael is natuurlijk een man die gemaakt is voor de Amstel, maar gelukkig hebben we wisselkopmannen. Oscar Freire moet de Gold Race ook aankunnen. Eigenlijk is hij overal waar hij start een kandidaat voor de overwinning. Vorig jaar was Freire er ook al bij in de selecte groep die de Cauberg opsprintte voor de overwinning. Maar Oscar was die dag niet sterk genoeg om het af te maken.”

Toen trok Boogerd de sprint aan voor Freire, terwijl de Spanjaard zijn wiel al een hele tijd gelost had. Zo gaf Rabobank Danilo Di Luca de overwinning op een presenteerblaadje.

“Freire zei voor de Cauberg dat hij zich erg goed voelde. Wanneer Oscar dat zegt, twijfelen we nooit. We trokken dus voluit de kaart Freire, en het pakte voor één keer slecht uit. Knap van Michael dat hij dan toch nog sterk genoeg is om zich op de tweede plaats te fietsen.”

Boogerd haalde al vaak podia van de Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik, maar winnen lukte nog maar één keer. Is dat niet te weinig voor een renner met zijn capaciteiten ?

“Eigenlijk wel natuurlijk. Alleen mist Michael die explosiviteit op de streep. Hij is geen winaarstype zoals Oscar Freire. Als die er in de finale nog bij zit, dan kan hij het altijd afmaken, zelfs al voelt hij zich helemaal niet super. Tom Boonen heeft dat ook. Boogerd stoot echter vaak op iemand die aan de meet sneller is dan hij.”

In zijn wedstrijden zit Boogerd altijd op de eerste rij, hij zal zich nooit sparen. Koerst hij vaak niet te impulsief, te weinig uitgekookt ?

“Ja, maar dat is ook zijn kracht. Door op iedere beweging in het peloton te reageren, zit hij wel altijd bij de juiste ontsnapping. Kijk, Michael weet van zichzelf ook wel dat hij niet de grote winnaar is die iedere keer onstuitbaar de prijzen pakt. Dan is altijd met de besten mee zijn en de koers maken, ook een verdienste.”

Je zou het hem niet aangeven, maar dit voorjaar wordt Boogerd al 34.

“Hij voelt wel aankomen dat zijn carrière geen jaren meer zal duren. De jeugd komt aankloppen hè. Michael vindt dat trouwens best prettig : er komen anderen die zijn taak kunnen overnemen. Als het moet, dan offert hij graag zijn kansen op voor die jonkies.”

Er zitten wel wat talenten aan te komen bij Rabobank. Pieter Weening en Thomas Dekker imponeerden al in Pro Tourwedstrijden. Zit er een gouden tijd aan te komen voor het Nederlandse wielrennen ?

“Daar lijkt het wel op, ja. We menen dat we de generatie Erik Dekker-Michael Boogerd goed zullen kunnen vervangen. Pieter Weening maakte zijn naam door vorig jaar heel spectaculair een rit te winnen in de Ronde van Frankrijk. We dichten hem grote klimmerskwaliteiten toe. In de toekomst moet hij in principe een mooi klassement kunnen rijden in de grote rondes, al moet Weening zich op dat vlak wel nog helemaal bewijzen. De eendagskoersen moet hij trouwens ook aankunnen, ik zie hem dit jaar een goede Amstel rijden.

“Dat Thomas Dekker zou ontploffen, zagen we vorig jaar al aankomen. Thomas haalde een uitzonderlijk niveau voor een eerstejaars én hij was in geen enkele wedstrijd echt slecht, ook al een teken dat het een echte topper was. Dit jaar kan Thomas duidelijk nog een stapje hogerop. Maar dat hij nu al de Tirreno-Adriatico kon winnen, daar stonden wij ook van te kijken hoor. Misschien is die overwinning van Dekker de voorbode van een nieuwe glorieperiode voor het Nederlandse wielrennen. Er zijn niet alleen Weening en Thomas Dekker, Joost Posthuma wordt volgens mij ook een topper, en ook Theo Eltink kan ver komen. Nou ja, de Belgen mogen ook niet klagen. Met Tom Boonen, Philippe Gilbert en Nick Nuyens ziet het er voor jullie ook allesbehalve slecht uit. Alleen hebben jullie niet meteen een nieuwe grote ronderenner in zicht. Maar wie weet staat die ook wel eens op.”

Nederland lijkt wel rondehoop te hebben, Thomas Dekker droomt er zelfs luidop van om ooit de Tour de France te winnen. Is dat realistisch ?

“Tja, hij heeft in ieder geval erg veel in zich. Thomas kan erg goed tijdrijden en bergop heeft hij ook een geweldig potentieel. Lichamelijk zal Dekker de komende jaren nog een pak sterker worden, en dan kan het snel gaan. Maar dan moet hij zich nog wel het leven van een ronderenner eigen kunnen maken. Drie weken aan een stuk presteren is heel wat anders dan een week top zijn, of één wedstrijd pieken. Niet alle renners is dat gegeven. Thomas Dekker die schittert in de Tour : het kán, maar garanties heb je nooit. Op korte termijn mikt hij op de Ardense klassiekers. Daar zal hij er wel staan dit jaar.

“Thomas is een heel speciale jongen, hij heeft een onwrikbaar zelfvertrouwen en is op en top gemotiveerd. Ik weet nog de dag dat we hem vorig jaar zijn koersprogramma gaven. Trok hij zúlke ogen, en zei hij : ‘Hé, waarom mag ik daar, daar en daar niet starten ?’ Als we hem hadden laten doen, dan had’ie in iedere wedstrijd gestart. We hebben hem gelukkig nog een beetje kunnen afremmen, maar dat wordt dit jaar moeilijker.”

Je had het over zijn tomeloze zelfvertrouwen. Sommigen mensen vinden dat hij nogal arrogant overkomt.

“Voor mij ben je arrogant als je een grote bek opzet maar er in de koers helemaal niks van waarmaakt. Of wanneer je op je ploegmaats neerkijkt en tegenstanders kleineert. Dat heeft Thomas helemaal niet. Het is een heel vriendelijke jongen. Alleen is hij absoluut overtuigd van zijn eigen kwaliteiten en niets of niemand kan hem daar van af brengen.”

Sinds dit seizoen traint Dekker in Italië met de beruchte dokter Luigi Cecchini. Niet helemaal tot jullie tevredenheid, naar verluidt.

“Thomas speelde open kaart met ons, en in overleg hebben we besloten dat Cecchini hem mag begeleiden op trainingsvlak, maar dat het daarbij moet blijven. Thomas kwam vorig jaar met die man in contact, en het klikte meteen. Als hij zich er goed bij voelt om in Italië te trainen, waarom niet dan ? Hij heeft er veel trainingsmogelijkheden, kan zijn klimwerk bijschaven. Voor Thomas werkt het in ieder geval erg stimulerend.”

Je kent ook de bedenkelijke reputatie van die Italiaanse wonderdokters. Cecchini werd al in meerdere dopingzaken vernoemd, al werd hij nooit gestraft.

“Als wij ook maar vermoeden dat Cecchini een risico is, dan gaat Thomas er meteen weg. Cecchini is qua individuele begeleiding een topper, naast Thomas laten ook Kim Kirchen en Fabian Cancellara zich door hem begeleiden. Zo’n man gaat zijn handen niet branden aan kwalijke zaakjes. Ook in Italië zijn de tijden veranderd hoor. Uiteindelijk is het allemaal een kwestie van vertrouwen. Ik vertrouw erop dat Thomas Dekker geen domme dingen doet. Hij weet hoe zwaar er tegenwoordig gecontroleerd wordt en hoe streng de straffen zijn. Het is niet meer zoals vroeger.”

Was het dopingprobleem erger toen jij nog actief was ?

“Er werd anders tegenaan gekeken. Ik heb de tijd nog meegemaakt dat je tien minuten straftijd kreeg wanneer je in de Tour op doping betrapt werd. Tegenwoordig organiseert de politie een inval in je huis, gewoon omdat je in de wielrennerij actief bent. Renners zijn toch geen misdadigers ? Voor mij volstaat het als een betrapte coureur gewoon door de sportbond geschorst wordt. Maar ook daar is er een tendens naar steeds zwaardere straffen. Ik betwijfel nochtans of dat uiteindelijk de oplossing zal opleveren. Het is inherent aan de sport dat renners op zoek gaan naar zaken waarvan ze beter presteren. Je kan hen er beter van overtuigen dat ze spelen met hun gezondheid.”

Wat verwachten jullie dit seizoen van het fenomeen Oscar Freire, weer helemaal terug na een jaar vol blessures ?

“Hoge pieken en diepe dalen, zoals gewoonlijk. Freire is een pure winnaar en toch ook weer niet. Het is niet het type dat elk jaar 25 overwinningen meepakt, maar op de belangrijke afspraken kan je wel altijd op hem rekenen. Als hij in topvorm is, valt Freire bijna niet te kloppen. Jammer genoeg is hij ook erg blessuregevoelig.”

Hij schijnt ook legendarisch verstrooid te zijn.

“Goh, dat is een beetje zijn eigen leven gaan leiden. Ook de andere jongens vergeten wel eens wat, alleen valt het bij Freire iedere keer weer op. Oscar is een man die heel luchtig tegen het leven aankijkt en het is ook niet zo’n planner. Andere jongens moeten op voorhand van alle details op de hoogte zijn, Oscar veronderstelt gewoon dat het allemaal wel los zal lopen. Zo beleeft hij zijn sport ook : dat wielrennen is wel belangrijk, want hij vindt het leuk en verdient er zijn loon mee, maar er zijn nog andere dingen in het leven. Stress in de koers kent Freire niet. Ik weet nog dat hij enkele jaren geleden in de E3-Prijs aan Boogerd vroeg hoe ver het nog was. Hij zat op tweehonderd meter van de streep ( lacht). Tja, het komt of het komt niet, redeneert Freire. Je kan je moeilijk boos maken op die kerel.”

Hij mijdt wedstrijden met kasseien omdat hij vreest dat zijn zitvlakblessure er terug zal opspelen. Nochtans kan een goeie Freire in de Vlaamse klassiekers brokken maken. Wil je hem niet overtuigen om het toch te proberen ?

“Dat heeft geen enkele zin. De Vlaamse koersen win je door voortdurend vooraan te zitten, te wringen en lef te tonen. Als je daar niet op en top gemotiveerd bent, kan je beter niet aan de start verschijnen. Bij Freire zit de schrik voor kasseien er goed in. Dat krijg je er nooit helemaal uitgepraat.”

Die andere Dekker, Erik, is bezig aan zijn laatste seizoen, waarna hij bij de ploegleiding komt.

“Ik heb het gevoel dat Erik nog een heel mooi afscheid aan zijn carrière wil breien. Hij werd in maart nog tweede in het eindklassement van het Criterium International, een knalprestatie. In de periode van de klassiekers zou ik er zeker rekening mee houden. Als hij op het juiste moment de topvorm vindt, is Dekker in die wedstrijden altijd een gevaarlijke klant.”

Als Dekker dat nog allemaal kan, vind je dan niet dat hij nog minstens een jaar verder moet doen ?

“Dat is toeval, dat heb ik hem vanmorgen ook nog gezegd ( lacht). Ik denk dat Erik er heel bewust voor gekozen heeft om er eind dit jaar een punt achter te zetten, en erg gedreven is om zijn laatste seizoen niet onopgemerkt te laten passeren. Fysiek kan hij nog best door, maar diep in zijn hart denkt hij : het is mooi geweest. Ik had het wel leuk gevonden als Dekker er nog een jaar bij deed, maar ik denk niet dat we hem kunnen overhalen. Nochtans heb ik hem al gezegd dat het rennersleven veel mooier is dan dat van een ploegleider.”

JEF VAN BAELEN