VITAL BORKELMANS (48) VOETBALDE VOOR PATRO EISDEN, SV WAREGEM, CLUB BRUGGE, AA GENT EN CERCLE BRUGGE. HIJ WERD ALS LINKSBACK 22 KEER OPGEROEPEN VOOR DE RODE DUIVELS.

Minder cortisone

Maaseikenaar Vital Borkelmans woont nu in de Lembeekse bossen. “Maar gaan lopen zoals in mijn Clubtijd zo vaak in het Tillegembos kan ik niet meer.” Hij lijdt sinds enkele jaren aan reumatoïde artritis, vertelt hij. “Het is begonnen na een wedstrijd met de oud-spelers van Club. De pijn in al mijn gewrichten was zo hevig dat ik zelfs gehospitaliseerd ben moeten worden. Ik dacht dat ik leukemie had! Sindsdien moet ik elke dag cortisone nemen. Anderhalf jaar lang kon ik het moeilijk aanvaarden. Uiteindelijk kon ik mij erbij neerleggen dankzij de artritisbond. Daar ben ik nu peter van. Lopen mag ik niet meer, een beetje fietsen wel nog.” In de living staat een opvallende massagetafel. “Er ligt een ‘andullatiematras’ op, met een trilfunctie en een infraroodsysteem”, zegt hij. “Ik lig er twee keer per dag op, ik voel mij er beter door en moet minder cortisone nemen. Zo’n matras wordt ook in de sport gebruikt. Ook mijn spelers liggen erop.”

Het gaat om de spelers van FCV Dender EH, waar hij sinds twee jaar hoofdtrainer is. “Maar ik ben geen trainer die het voetbal heeft uitgevonden”, zegt hij. “Ik sta heel kort bij de groep en neem tijd om te luisteren naar mijn spelers. Feedback vind ik belangrijk. Ik ben een menselijke trainer. Ik bedoel: we zijn mensen en mensen mogen zich fouten permitteren, die ingesteldheid is in mijn leven een van mijn sterktes geweest. Zelfs al doe je er alles voor, dan nog is de ene dag de andere niet. Als trainer moet je op je woorden letten, want je kunt mensen kraken. Ik leerde veel van toptrainers als Leekens, Broos en Gerets, maar de belangrijkste coach in mijn carrière was Pummy Bergholtz. Die bracht mij bij de jeugd van Patro Eisden de eenvoud van het spel bij en liet mij inzien hoe belangrijk het is dat je er plezier aan beleeft. Ik trainde altijd met plezier, zelfs toen ik al 41 was, en nu nog ben ik zo content als een kind telkens als ik naar Dender rijd. Dat plezier wil ik ook bij mijn spelers zien.”

Ster op het ijs

Voorheen was hij trainer van Evergem en Blankenberge geweest en jeugdtrainer bij Zulte Waregem. “Net op het moment dat ik een afspraak had met Henk Mariman om de U19 van Club Brugge te trainen, kwam het voorstel van Dender. Dat is uiteindelijk een hele mooie stap in mijn trainerscarrière gebleken. De financiële middelen zijn er beperkt en ik werk met veel onbekende jonge gasten, maar het plezier is er niet minder om. Ik doe het met hart en ziel. Jammer dat er zelfs in tweede clubs zijn die met weinig of geen Belgen spelen. Wat betekent dat voor onze jeugd en ons voetbal? Waarom in tweede een speler halen die 75.000 euro kost plus een appartement en die de taal niet machtig is? Stop daarmee alstublieft! De lagere afdelingen moeten dienen om jongeren te laten sjotten en vertrouwen te geven. Toen ik bij Evergem kwam, speelde daar David Destorme. Ik dacht: wat doe die hier? Die kon alles. Ik tipte hem bij Zulte Waregem en Cercle Brugge, maar tevergeefs. Blijkbaar waren ze niet geïnteresseerd in een speler van vierde. Die is nog via Hoek moeten passeren alvorens hij op zijn 27e bij Dender in eerste een kans kreeg!”

Hij is een voetbalbeest en het trainerschap zit echt wel in hem, ondervindt hij. “Mijn grootste droom is in eerste naast een hoofdtrainer te staan en ervoor te zorgen dat spelers die naast de ploeg vallen in zichzelf blijven geloven en gemotiveerd blijven.” Het is een van zijn grootste kwaliteiten, vindt hij. “Dat dank ik mede aan Thijs Wijngaerde ( oud-speler van onder meer AS Oostende, nvdr). Tijdens mijn carrière begeleidde hij mij op mentaal vlak en daar leerde ik ontzettend veel van. Hij was vooral belangrijk toen ik van Waregem naar Club Brugge overstapte en in het najaar een heel moeilijke periode doormaakte. Dat bleek te wijten te zijn aan een ongeval met zeven doden waarvan ik getuige was geweest in de tijd dat ik in de koolmijnen werkte. Ik was er mijnmeter en na een zware ontploffing zag ik er dingen die je normaal niet kunt zien. Het zijn beelden die je nooit meer vergeet, onder meer van de angst en het verdriet in de ogen van mensen die boven stonden te wachten op nieuws van hun man, vriend, zoon, broer of vader, die zich op het moment van de ramp ondergronds bevond. Thijs kreeg dat er allemaal uit. Ook toen we met Club Brugge thuis verloren van het Marseille van Bernard Tapie nadat ik een bal in de voeten van Rudi Völler had ingespeeld en van omkoping beticht werd, hielp hij mij erdoor.”

Hij was het ook die hem voorbereidde op Sterren op het IJs, de danswedstrijd voor bekende Vlamingen waaraan hij in 2007 deelnam. “Toen VTM daarvoor belde, was ik hierboven met iets bezig. Ik zei: ‘Oké, ik doe mee, maar bel mij straks eens terug.’ Ik dacht dat het voor ‘Sterren op de Dansvloer’ was. Maar toen ze mij wat later terugbelden, hadden ze het over ‘schaatsen’. Ik zei: ‘Hoe bedoel je ‘schaatsen’? Want ik kon helemaal niet schaatsen! Op 23 augustus ben ik beginnen te trainen: zeven dagen op zeven, zeven uur per dag. De eerste uitzending was op 28 september. Uiteindelijk haalde ik in het programma zelfs de laatste vier. Het was puur een kwestie van geloven in jezelf en van oefenen, altijd maar oefenen.”

Deurwaarders

Een minder fijne ervaring kende hij als zaakvoerder van de Belgische afdeling van Funke Medical, een Duitse fabrikant van onder meer medische matrassen. ” Andreas Funke, een van mijn beste kameraden, vroeg mij om in België een dochterbedrijf van zijn onderneming op te starten, maar hij draaide mij een loer. Hij liet de boel failliet gaan, stapte eruit en plots stonden hier deurwaarders. Ik was bijna mijn huis kwijt. Jammer, want het was een goed product en ik deed dat graag, alle rusthuizen, ziekenhuizen en OCMW’s van het land bezoeken. Misschien was ik nog niet klaar om zelf een zaak te runnen, maar daarvoor rekende ik op iemand met wie ik al dertig jaar bevriend was en wiens ouders veertig jaar met die van mij op vakantie zijn geweest. Wie had gedacht dat hij mijn naam, openheid en goedheid zou misbruiken? Maar dankzij Thijs blijf ik positief. Het leven gaat voort en samen met mijn gezin trachten we nog mooie tijden mee te maken.”

Hij is gescheiden en intussen hertrouwd. Zijn nieuwe partner baat in Eeklo een kapsalon uit. Samen hebben ze een dochtertje, Esmee (6), dat geboren is op zijn verjaardag. Zijn zonen, Jelle (22) en Kenzo (20), wonen bij hen in. “Ik ben altijd heel open tegen hen geweest”, zegt hij. “Zij voelen zich hier gelukkig en dat is voor mij het belangrijkste. Allebei voetballen ze op een lager niveau. Ik probeer meer tijd te maken voor mijn kinderen dan tijdens mijn spelerscarrière. Eens een pint gaan drinken met je zonen is ook leuk.”

En lopen doet hij toch nog altijd een beetje. “Tijdens de wedstrijd voor de dug-out”, zegt hij. “Ik leef enorm mee met die jonge mannen. Alsof het mijn eigen kinderen zijn.”

DOOR CHRISTIAN VANDENABEELE

“Mijn grootste droom is in eerste naast een hoofdtrainer te staan en ervoor te zorgen dat spelers gemotiveerd blijven. ”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier