Dankzij de goede prestaties in de Europa League heeft Anderlecht zich dit seizoen een beetje in ere hersteld. Met als rechtstreeks gevolg dat Juhász plots al een stuk minder duidelijk op een transfer aast.

Anderlecht is autoritair leider in de competitie en kan terugblikken op een geslaagde campagne in de Europa League met enkele mooie uitschieters tegen Ajax en Athletic Bilbao.

Hamburg was de eerste tegenstander die ook in de Champions League niet zou misstaan. Is het grootste verschil tussen Europa League en Champions League niet de efficiëntie bij de afwerking?

Roland Juhász: “Daar ben ik het niet mee eens. Ajax speelt op Champions Leagueniveau en Athletic Bilbao is ook niet bepaald de eerste de beste ploeg. Als er al een verschil is, dan zit dat in de stijl. Nederlandse en Spaanse teams zijn technisch zeer goed, terwijl de Duitse ploegen het vooral van hun fysieke kracht moeten hebben.”

Wat onthoud je van deze Europa Leaguecampagne?

“We zijn er op elk vlak op vooruitgegaan. In de eerste wedstrijd tegen Dinamo Zagreb lag de nadruk nog hoofdzakelijk op verdedigen, maar kaapten we onverhoopt de drie punten weg. Ook tegen Ajax was verdedigen onze eerste zorg en toen pakten we met meer geluk dan kunde een punt. Met die vier op zes waren we goed gestart en de dubbele confrontatie met Timisoara heeft ons pas echt een boost gegeven. Dé sleutelwedstrijd was echter de uitwedstrijd tegen Ajax. Na onze 1-3-zege drong het tot ons door hoeveel kwaliteit we in huis hebben. Vroeger was er altijd een zekere terughoudendheid in ons spel, maar nu proberen we in elke wedstrijd onze eigen wil op te leggen. De wedstrijden tegen Athletic Bilbao en Hamburg waren daar een bewijs van.”

Beste aanval en verdediging

Hebben de overwinningen tegen Ajax en Athletic Bilbao het aanzien van de club in Europa weer vergroot?

“Vast en zeker. Toen we in de voorrondes van de Champions League tegen Olympique Lyon uitgeloot werden, gaven de kenners geen cent voor onze kansen. De Fransen wreven zich in de handen toen ze zagen dat wij hun tegenstander zouden worden en de dubbele vernedering gaf hen nog gelijk ook. Ik maak me sterk dat de score er heel anders zou uitzien als we de wedstrijd nu zouden herspelen. Winnen zou misschien te hoog gegrepen zijn, maar Lyon zou wel beduidend meer moeilijkheden met ons hebben. Ik heb het gevoel dat er in Europa nu met andere ogen naar ons wordt gekeken. Niet dat we nu plots iedereen angst inboezemen, maar we dwingen tenminste opnieuw respect af. Dat is al een grote stap in de goede richting.”

Voor velen ben je aan je beste seizoen bij Anderlecht bezig. Voel je dat zelf ook zo aan?

“Ik ben niet de enige. Mbark Boussoufa en Lucas Biglia, om maar een paar gevestigde waarden te noemen, spelen ook beter dan ooit tevoren. Ook de jonkies zoals Romelu Lukaku, Jonathan Legear, Cheikhou Kouyatéen Kanu presteren week na week op hoog niveau. Naast de individuele evolutie maken we ook als team een groeifase door. Vroeger lieten we te veel ruimte tussen de linies en nu spelen we als een compact geheel. En dat zie je ook aan de cijfers. Of hoe verklaar je anders dat we zowel de beste aanval als de beste verdediging hebben?”

In welke mate is jouw ontbolstering te danken aan Ondrej Mazuch?

“Toen Ondrej zijn plaats in het team kreeg, betekende dat voor mij dat ik weer op mijn voorkeurspositie mocht spelen. Ik mocht net zoals vroeger naast Nicolás Pareja als linker centrale verdediger fungeren. Er zullen wel mensen zijn die zeggen dat het verschil tussen links of rechts in het hart van de verdediging spelen verwaarloosbaar is, maar voor mij betekent het een wereld van verschil. Als linker centrale verdediger kan ik de steekpassjes van de tegenstander met mijn goede rechtervoet onderscheppen. Hetzelfde geldt voor de aanvallers die vanop de flank naar binnen snijden, ook die kan ik met mijn rechtervoet opvangen.”

Déclic na Club Brugge

Ben je als duo met Mazuch niet nog een tikkeltje beter dan destijds met Pareja?

Nico en ik waren erg complementair. Hij is snel, schuift goed mee in en is een geboren leider. Ik ben meer de stevige verdediger die goed is met het hoofd en een uitstekend positiespel heeft. Daar is nu nog een paar jaar ervaring bijgekomen. Met Ondrej naast mij, kan ik me nu opwerpen als leider van de verdediging. Ondrej is een jongen met heel veel kwaliteiten die daarbovenop ook nog eens enorm leergierig is. Hij maakt – zeker voor een verdediger – heel weinig overtredingen, hij beschikt over een goed positiespel en hij komt vaak goed voor zijn man. Net als Pareja schuift ook Mazuch goed mee in en dat is iets waar ik me dan weer zelden aan waag. Dat wij complementair zijn, is dus wel het minste dat je kunt zeggen. Ook naast het veld voelen we ons goed in elkaars gezelschap.”

Vroeger werd er wel eens gezegd dat je je verdediging niet genoeg stuurde. Dat lijkt dit seizoen wel even anders. Hoe komt dat?

“Mijn leeftijd zit daar zeker voor iets tussen. Ik was amper 22 toen ik in 2005 bij Anderlecht arriveerde. Met slechts drie seizoenen ervaring bij MTK Budapest en een paar selecties voor het Hongaarse elftal had ik nog alles te leren als verdediger. Het lijkt me logisch dat ik op dat moment nog niet in staat was om de groep op sleeptouw te nemen. In de voorbije vijf jaar heb ik onder meer tegen Drogba, Ibrahimovic en Van Nistelrooy gespeeld. Confrontaties met zulke absolute sterspelers zijn van goudwaarde voor mijn evolutie als verdediger.”

In het najaar liet je Herman Van Holsbeeck weten dat je niet van plan was om je contract – dat loopt tot 2011 – te verlengen. Wat heeft ervoor gezorgd dat je onlangs op die beslissing bent teruggekomen?

“Toen meneer Van Holsbeeck me de eerste keer vroeg of ik mijn contract wilde verlengen, zat ik niet goed in mijn vel. I had bad feelings. De verloren testwedstrijden tegen Standard, de uitschakeling tegen Lyon en de 4-2-nederlaag tegen Club Brugge lagen me zwaar op de maag. We waren weer vertrokken voor een chaotisch seizoen, dacht ik. Ik was trouwens niet de enige die dat zo aanvoelde. Mbark Boussoufa dacht er net zo over. Ik hoor Jelle Van Damme nog zeggen: ‘Het kan toch niet dat we zó spelen.’ Tijdens de nabespreking van de wedstrijd tegen Club vielen alle stukjes plots op de juiste plaats. Het is eigenlijk door die tegenslag dat de déclic er is gekomen. Nadien ging het allemaal vanzelf. Wat we getoond hebben op Standard en op Germinal Beerschot was Anderlecht op zijn best. En het Anderlecht van tegen Athletic Bilbao was zelfs nog beter dan het beste Anderlecht. In die omstandigheden verandert een mens al eens van gedacht en dat was ook bij mij het geval. Ik heb geen haast meer om een nieuwe club te vinden. Als er een voorstel komt waar alle partijen beter van zouden worden, valt daar natuurlijk over te praten, maar het is geen obsessie meer.”

Pro play-offs, contra wintervoetbal

Jouw voorganger, Hannu Tihinen, bevond zich in een gelijkaardige situatie een paar jaar geleden. Hij deed zijn contract toch uit en vond uiteindelijk onderdak bij FC Zürich. Zie je jezelf hetzelfde doen of wil je toch zo snel mogelijk duidelijkheid over je toekomst?

“Ik weet niet of de twee situaties te vergelijken zijn. Je mag niet vergeten dat Tihinen al in Noorwegen en Engeland had gespeeld voor hij bij Anderlecht belandde. Voor mij is dit mijn eerste buitenlandse avontuur. Ik ben hier nu vijf jaar en ik heb het gevoel dat het niveau erop vooruitgegaan is. Onze prestaties in de Europa League – en ook die van Standard en Club Brugge – zijn daar trouwens het bewijs van. Ook andere clubs boeken vooruitgang. Dan denk ik aan AA Gent en op iets langere termijn zullen ook Racing Genk en Germinal Beerschot nog heel wat stappen vooruit zetten.”

Wat vind je van het play-offsysteem?

“Met de huidige rangschikking zou ik natuurlijk liever hebben dat de competitie er nu al op zou zitten. (lacht) Het positieve aan het systeem is dat de topteams nog een extra dubbele confrontatie hebben. Dat komt het niveau alleen maar ten goede. Jammer is wel dat de staat van de terreinen de hele competitie gegijzeld houdt. Het wintervoetbal is niet bepaald een succes geweest dit seizoen. En ik denk niet dat verplichte veldverwarming daar volgend seizoen iets aan zal veranderen.”

door bruno govers

“We boezemen nog geen angst in, maar we dwingen wel al opnieuw respect af.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier