Hoe zag de brooddoos eruit die jij vroeger meenam naar school?

‘Toen ik nog in Betekom naar school ging, at ik in de refter wel boterhammen, maar ik herinner me niet wat voor brooddoos ik had. Ik weet wel nog goed dat ik meteen na de lessen al gekookt at, om vier uur. Mijn moeder kwam rond drie uur thuis van haar werk, kookte dan iets voor mij en bracht me tegen kwart voor vijf al naar de afrit van de snelweg. Daar pikte een busje van KRC Genk mij op. Voor huiswerk was er weinig ruimte. Gelukkig zeiden de leraars me op voorhand wat ik moest doen. Op zondag maakte ik mijn taken voor maandag, dinsdag en woensdag; op woensdagnamiddag maakte ik die voor donderdag en vrijdag. Vanaf het derde middelbaar ging ik naar de topsportschool in Genk en kwam er wat meer ademruimte.’

Reed jij al eens met een tractor?

‘Nog nooit. Maar Betekom, waar ik opgroeide, is een klein dorp, dus raakte ik wel gehecht aan het platteland. Mijn vriendin en ik wonen nu ook niet in het centrum van Wolfsburg, maar aan de rand. Achter ons huis ligt een bos waar we weleens met de fiets doorrijden. Ik doe dat graag. Vroeger zat ik met mijn broer ook altijd buiten. Als Matthijs en ik niet voetbalden, dan basketten we of speelden we badminton of tennis. En als we niet naar buiten konden, bouwde ik een K’NEX-constructie (speelgoed uit plastic onderdelen die in elkaar kunnen worden geklikt, nvdr) van drie meter hoog of zette ik een rij dominostenen door heel het huis.’

Word je gek als je vriendin de kaart leest?

‘Ik weet niet eens of Imme kan kaartlezen. Als we ergens naartoe gaan, zet ik altijd de gps aan. Op een vrije dag gaan Imme en ik graag eens naar steden in de buurt, zoals Berlijn, Hannover en Hamburg. Zeker Hamburg is leuk. Je hebt er alles: water, leuke restaurants, terrasjes en mooie winkels.’

Wat doe jij als er op restaurant een haar in je soep ligt?

‘Dan stuur ik die terug. Ik deed dat ook al met vlees dat niet goed gebakken was. Als je redelijk wat geld geeft om goed te eten, moet het in orde zijn. Imme en ik gaan hier in Wolfsburg één keer per week op restaurant, meestal naar een Italiaan, want Bratwurst mit Sauerkraut is niks voor mij. Als ik eens iets vettigs eet, moet het de moeite waard zijn. Een groot pak friet bijvoorbeeld, met mayonaise, chicken nuggets en een boulet special. Eén keer om de twee maanden ga ik naar een Belgische frituur. Maar ik kook dus meestal zelf. Als we op een dag twee trainingen hebben, snijdt Imme de groentjes al, maar dan ben ik nog altijd diegene die kookt. Ik maak graag pasta’s. Mijn pasta all’amatriciana, met spek, ui, look en tomaten, mag er wel zijn. Ook mijn stoofvlees is heel gegeerd. En omdat ik kook, doet Imme de was en de strijk.’

Wat kies je: een Weense wals of een foxtrot?

‘Ik hou me afzijdig als er gedanst wordt. Imme en ik gaan ook niet zo vaak uit. In Wolfsburg is er weinig te doen; het is een kleine stad met veel industrie. Als we uitzonderlijk eens op een zaterdag in België zijn, gaan we soms wel op een terrasje zitten in Leuven of gaan we eens naar de Versuz in Hasselt. Dat vind ik wel tof, zeker als er wat housemuziek gedraaid wordt.’

Lees jij strips van Robbedoes en Kwabbernoot?

‘Als kind las ik strips van Jommeke, FC De Kampioenen en Urbanus. Met een gewoon boek kon je me nooit betrappen. Nu nog kijk ik liever tv dan te lezen. Via een schotelantenne hebben we TV Vlaanderen en kunnen we de Vlaamse programma’s volgen, zoals Het Lichaam van Coppens en De Slimste Mens ter Wereld. Imme en ik kijken ook graag naar series zoals Het Eiland en Van Vlees en Bloed. En omdat ik graag eens golf, volg ik ook het golf op de Duitse sportzender, maar daar moet Imme niet van weten. Ik ga dan weer lopen als zij naar E! kijkt, een zender die Hollywoodsterren beoordeelt op wat ze dragen.’

TEKST KRISTOF DE RYCK

‘Mijn stoofvlees is gegeerd.’ KOEN CASTEELS

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier