Oer-Hollandse charme

© BELGAIMAGE

Vorig seizoen verbaasde FC Emmen de Nederlandse voetbalwereld met promotie naar de Eredivisie, zondagnamiddag komt het grote Feyenoord naar De Oude Meerdijk. Niemand in Drenthe die dat ooit voor mogelijk hield.

Hollandscheveld, Noordscheschut, Zwinderen, Geesbrug, Wachtum, Holsloot. Piepkleine dorpjes met knuffelbare namen, diep in de provincie Drenthe, op een zucht van de Duitse grens. En het gaat maar door: Veenoord, Achterste Erm, Diphoorn. Vergeten plaatsen in niemandsland langs de N34, in de zomer herdoopt in het kitscherig klinkende Hunebed Highway, een provinciale knipoog naar Route 66 in de States, in de hoop om meer toeristen naar het oosten van Nederland te trekken.

In mei lanceerden regionale politici een charmeoffensief en trokken een week met Chinese touroperators door de provincie, langs hunebedden, schilderachtige dorpjes en natuurgebieden. ‘We zijn nog altijd op onze eerste Chinese gast aan het wachten’, klinkt het even later chagrijnig in het hotel, aan de rand van Emmen. ‘Doe ons maar voetbal, daar hebben we tenminste iets aan.’

Op de website van het hotel staat de thuiswedstrijd van FC Emmen tegen Feyenoord, het eerste bezoek van een van de Grote Drie, tussen de lange lijst van evenementen. ‘Rood-Wit tegen Feyenoord, in de Eredivisie!’ klinkt het aan een tafeltje in de bar. ‘Wie had dat ooit durven te denken?’

Na jaren troosteloos vrijdag- of maandagavondvoetbal tegen Helmond, Cambuur, Almere City, Volendam of de jeugdteams van Utrecht en PSV, houdt het Circus Eredivisie eindelijk halt in hun stad. En daar willen ze bij zijn. Het was ooit anders, zegt er eentje. ‘Als ik vroeger aan mijn buurman vertelde dat ik naar de match ging, vroeg hij meteen: ‘Waarom?’ Dat is in de loop van vorig seizoen veranderd. Mooi toch, wat voetbal zelfs in onze stad kan losmaken?’

De bevrijding

Flashback naar 20 mei 2018. Zelfde route, van Rotterdam naar Emmen, goed 220 kilometer. Het is iets voor zeven uur ’s avonds wanneer de spelersbus van FC Emmen over de A28 de provinciegrens tussen Overijssel en Drenthe kruist. Aan elke viaduct wapperen rood-witte vlaggen en staan jong en oud te juichen wanneer de geëscorteerde bus voorbij dendert.

Het nieuws heeft zich snel verspreid. Niet Sparta, de grote favoriet, maar FC Emmen voetbalt volgend seizoen in de Eredivisie. Het enthousiasme is ongezien, zal trainer Dick Lukkien enkele maanden erna in Voetbal International toegeven. ‘De vreugde, de opluchting… De mensen hebben het de afgelopen jaren uitstekend verborgen weten te houden, maar ze zijn hier toch wel trots op hun club.’

Televisiekijkend Nederland kijkt verbaasd mee naar het volksfeest op het Raadhuisplein, waar om en bij de 15.000 mensen op elkaar kleven. Er wordt gezongen, gedanst en gedronken, het vuurwerk knalt tot diep in de nacht. Alsof Emmen en bij uitbreiding de provincie Drenthe, bijna zeventig jaar na datum, nóg eens worden bevrijd. Eindelijk! FC Emmen gaat naar de Eredivisie, voor het eerst sinds het ontstaan van de club in… 1925, en dat had zelfs de meest nuchtere Emmenaar nooit meer durven te dromen. Als er al ooit gedroomd wérd.

‘In Drenthe is alles snel apart, er is geen prestatiecultuur, er heerst geen gevoel dat ergens iets aan te veranderen of verbeteren is’, zei Peter Middendorp, columnist bij De Volkskrant, na de voorstelling van zijn roman Vertrouwd voordelig. Hij groeide op in Emmen, waar zijn ouders een filiaal van Blokker uitbaatten, en schetste een troosteloos beeld van stad en regio.

‘Drenthe was geen provincie zoals de andere. We hadden alleen het veen. Daar kwamen allerlei landlopers op af, niet het meest verfijnde spul. Toen het veen was afgegraven, moest er iets komen voor die horden voormalige veenarbeiders. Dat werd Emmen. Het is een bedachte stad uit de tijd dat bedachte steden nog moesten worden uitgevonden. Elk jaar trekt het talent weg, de achterblijvers worden er in het algemeen niet snuggerder op.’

In Emmen, een stad van iets meer dan 100.000 inwoners, konden ze zijn teksten maar weinig smaken. De binnenstad straalt nochtans oer-Hollandse charme uit, met een ouderwetse oliebollenbakkerij in de schaduw van de kerk, maar de pleintjes en straten liggen er zelfs in de vroege vooravond al verlaten bij. In De Heeren van Boerland, een groot eetcafé/restaurant in de Hoofdstraat, zijn de kelners aan het opruimen. En ook het borreluurtje in café de Zwetser loopt halfzes op zijn einde. Een enkeling trotseert de ijzige oostenwind op de fiets, een oudere man laat de hond uit. Sjaal rond de nek, muts op het hoofd en de jas stevig dichtgeknoopt. Een ‘goede avond’ blijft onbeantwoord. Of toch: er volgt een verschrikte blik. Even later vallen de eerste sneeuwvlokken uit de lucht.

We kwamen vorig jaar wel eens het veld op, dat ik dacht: weten de mensen wel dat we vanavond moeten voetballen?’ Anco Jansen

‘Our Dick is bigger’

Een dag later, aan De Oude Meerdijk, de thuishaven van de enige profvoetbalclub van Drenthe, dat in het tussenseizoen een paar honderdduizend euro betaalde om het stadionnetje Eredivisieproof te krijgen. Klein – 8300 zitplaatsen – en gezellig, naar het beeld van streek en club.

Achter een van de doelen blinkt het bordje Jan Van Beveren Tribune, een eerbetoon aan de overleden doelman van Oranje die zijn carrière begin de jaren zestig bij het toenmalige VV Emmen op gang trok en waar de diehards van Brigata Fanatico voor de sfeer tekenen. Vaak ludiek. Zoals tijdens de promotiematch tegen Sparta, getraind door Dick Advocaat, toen een groot spandoek met de tekst Our Dick is bigger in de tribune hing: niet de gerenommeerde zeventiger, maar Dick Lukkien – hun held – zou volgend seizoen in de Eredivisie spelen. En zo gebeurde.

Speler Anco Jansen weet met zijn vreugde geen blijf na de promotie.
Speler Anco Jansen weet met zijn vreugde geen blijf na de promotie.© BELGAIMAGE

Aan de hoeken van de hoofdtribune staan twee metalen containers waar tijdens matchdagen merchandise wordt verkocht, met daaronder het clublogo en de hashtag #hierkomikweg, een verwijzing naar de hartstochtelijke lofzang op Drenthe van singer-songwriter Daniël Lohues.

Leven hier helpt net zo goed

As drinken tegen de dörst

Hier kom ik weg, hier stiet ons huus

Bliekbar kom ik daor altied weer terecht

Hier kom ik weg

De klassieker van Lohues wordt ook in de kantine van De Emmese Boule, de petanqueclub naast het stadion, plat gedraaid. De site aan het Stadionplein is een sportoase. Beachtennis en -volley, hockey, rugby, wielrennen, atletiek, honkbal… Op een van de kunstgrasveldjes begint de U19 aan de training. ‘De toekomst is verzekerd. De jongens doen het dit seizoen heel goed’, zegt een gepensioneerde zeventiger, terwijl hij wijst naar de trainer, Bas Sibum. ‘Een monument van onze club.’

De middenvelder werd opgeleid aan De Oude Meerdijk, waar hij als prof debuteerde, en voetbalde onder anderen bij Twente, Roda JC en Waasland-Beveren (2012-2014). Na zijn carrière ging hij aan de slag in de jeugdopleiding van rood-wit, dat in 2013 nieuw leven werd ingeblazen. ‘We hebben vier jaar samengewerkt met Heerenveen, vooral uit financiële overwegingen, maar we stelden vast dat de beste talenten door de Friezen werden ingepalmd. Sinds we opnieuw op eigen benen staan, stromen er jongens naar óns eerste elftal door.’

Spijkerbroektrainer

Scholieren van het Carmelcollege houden op het Stadionplein een speler tegen. Ze maken een praatje. Dick Lukkien, de T1, kijkt van op een afstand geamuseerd toe. Hij groeide op in Winschoten, het dorpje in Oost-Groningen waar Jan Mulder zijn eerste voetbalpasjes zette, voetbalde in Veendam en was jaren assistent bij FC Groningen. In zijn tweede seizoen aan De Oude Meerdijk tekende hij voor de miraculeuze promotie. Leuke man zonder pretenties, die de Drentse deugden – nuchter en bescheiden – uitstraalt, stelde ook Voetbal International vast. ‘Nog voor de start van het seizoen kan hij een prijs bijschrijven: die voor Eredivisietrainer met het slordigste kantoortje.’

Vuile vloerbedekking, smoezelig systeemplafond, meubilair dat op rommelmarkten lijkt bijeengesprokkeld, boodschappentassen, kledingstukken, wc-rol op het tafeltje, een uitgezakt bankstel. ‘Een beetje een rommeltje, maar dat is ook wel de charme van deze club.’ Geen dure woorden of holle tactische bespiegelingen, maar duidelijke en eenvoudige teksten ‘om spelers te raken en te choqueren’.

Geen strak zittend maatpak, maar een casual jeansbroek en polo, wat hem na de promotie op Het Kasteel van Sparta de titel van Spijkerbroektrainer opleverde. ‘Alsof ik van de camping kwam, zeker?’ Hij hád een colbertje, maar was die in de aanloop naar de match… vergeten. ‘Of ik nou in een T-shirt sta of in een overhemd, het gaat erom of ik mijn ploeg goed heb voorbereid op de wedstrijd.’

Hij geldt als een verbinder, gelooft heilig in het collectief en rekruteert bij voorkeur in de regio – Groningen, Overijssel, Drenthe. Of, zoals directeur Wim Beeckman het omschrijft: ‘Kwaliteit geeft de doorslag, maar kwaliteit uit de omgeving geniet de voorkeur. Groningers, Drenten en Tukkers gedijen goed bij elkaar. En de supporters herkennen zich graag in een ploeg die op het veld staat.’

Vorig seizoen stonden amper twee buitenlanders – een Afghaan en Kaapverdiër met Nederlandse roots – op de loonlijst, dit jaar zijn er dat drie: een Belg ( Jason Bourdouxhe), een Deen ( Nicklas Pedersen) die jaren in België voetbalde en een Engelse huurling ( Easah Suliman) van Aston Villa.

De voorbije vijf jaar werd geen euro aan transfervergoedingen verkwist en elke cent wordt in De Oude Meerdijk nog altijd drie keer omgedraaid. Een oefenkamp kon, maar in plaats van naar het zonovergoten Marbella ging het vorig seizoen richting Enschede, waar de selectie in een blokhut van 50 euro per nacht op elkaar gepakt zat. ‘We hebben weinig of géén middelen, maar we maakten er met elkaar wat van. Ik denk dat dát ons uiteindelijk die paar extra procent naar de promotie heeft bezorgd’, zegt Anco Jansen, de middenvelder die na twee seizoenen Turkije (Boluspor) voor Emmen koos. Een verrassende transfer. ‘Tot voor enkele seizoenen wilde niemand in Drenthe voetballen. Dat werd gezien als een straf.’

Trainer Dick Lukkien gelooft heilig in het collectief en rekruteert bij voorkeur in de regio.
Trainer Dick Lukkien gelooft heilig in het collectief en rekruteert bij voorkeur in de regio.© BELGAIMAGE

De T1 gruwelt van de vooroordelen. ‘Buitenstaanders hebben een heel stereotiep beeld van Drenthe: boertjes-op-de-tractor, dat idee. Een dag na de promotie werd ik gebeld door een tv-programma. Hoe de avond was verlopen? ‘We zijn in een hotel gebleven’, zei ik. ‘Oh natuurlijk’, reageerde de presentatrice. ‘Jullie hebben óók hotels.’ Met zulke dingen krijg je te maken als je uit Drenthe komt. Mensen denken dat we hier net de combimagnetron hebben ontdekt.’

Uitverkocht

Met een budget van zes miljoen euro, het laagste van de achttien clubs, wordt het een seizoen lang bikkelen, besefte iedereen bij de start van de competitie. De club verbaasde op de openingsspeeldag met winst bij ADO, maar een week erna was de landing tegen AZ (1-4) snoeihard. En toch: na het laatste fluitsignaal kregen de spelers een staande ovatie… Het voetbal is verzorgd, maar schoonheid is ondergeschikt aan het ultieme doel – drie clubs achter zich houden.

Zondagnamiddag komt Feyenoord op bezoek en hangt het bordje Uitverkocht weer aan de hoofdingang. Niemand die het begin vorig seizoen voor mogelijk hield. Of, zoals Jansen het verwoordde: ‘We kwamen vorig jaar wel eens het veld op, dat ik dacht: weten mensen wel dat we vanavond moeten voetballen, of zijn we misschien een dag te vroeg?’

Maar de successen maakten iets los in stad en regio. Binnen het uur waren alle 5000 abonnementen verkocht, het gemiddeld aantal toeschouwers steeg spectaculair – van 3165 naar 8175 – en ook commercieel was de promotie een godsgeschenk. ‘Jarenlang moesten ze de sponsors hier met een lasso vangen. Nu hoeven we het raam maar open te zetten of ze vliegen naar binnen.’

De zakelijke architect van het voetbalsprookje is voorzitter Ronald Lubbers, ondernemer en projectontwikkelaar, die de club in twee periodes uit het slop moest halen. Eind 2005 hield hij het na amper twee jaar voor bekeken, maar toen de gemeente in 2012 opnieuw bij hem aanklopte, liet hij zich toch weer overtuigen. ‘Ik ben er niet ingestapt omdat ik het zakelijk een goed idee vond. Integendeel, zakelijk was het erg onhandig, maar ik vind dat Emmen en Drenthe – de streek waar ik geboren ben – een club in het betaalde voetbal moet hebben. Er waren mensen die zeiden dat ik jarenlang aan een dood paard heb lopen trekken, maar we staan toch maar mooi in de Eredivisie.’

Bas Dost: een goede sponsor…

Begin dit jaar verkaste Jürgen Locadia voor 17 miljoen euro van PSV naar Brighton & Hove Albion en daar werden ze ook in Emmen, waar de spits opgroeide en werd opgeleid, financieel beter van. De club cashte in een ruk 120.000 euro, veel geld op een budget dat toen rond de twee miljoen schommelde, maar Bas Dost is nog steeds dé geldschieter aan De Oude Meerdijk.

De spits uit Deventer (Overijssel) voetbalde tussen 2001 en 2006 bij de jeugd van Emmen, waar hij in 2007 als prof debuteerde. Na amper één seizoen legde Heracles Almelo 300.000 euro op tafel, na zijn transfers naar Heerenveen en Wolfsburg incasseerde de club nog eens 307.000 euro en in 2016, toen Sporting Lissabon bijna 12 miljoen betaalde, vloeide er iets minder dan een half miljoen naar Drenthe.

Ook Wout Weghorst, die in de zomer van 2012 als prof in Emmen debuteerde, zorgde voor een onverhoopt financieel appeltje voor de dorst. Wolfsburg betaalde in het tussenseizoen 11 miljoen euro voor de spits van AZ, waardoor Emmen recht had op 100.000 euro. ‘Dit is het beste bewijs dat we in onze jeugd moeten investeren’, zei directeur Wim Beekman aan RTV Drenthe.

Een ouderwetse oliebollenbakkerij in de schaduw van de kerk in Emmen.
Een ouderwetse oliebollenbakkerij in de schaduw van de kerk in Emmen.© BELGAIMAGE
Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content