Komend weekend weet Zulte Waregem of het deelneemt aan de zo begeerde play-off 1. Gesprek met Vincent Mannaert, de jongste clubmanager in eerste klasse, over de groei van de club, Franck Berrier, de windgaten in het stadion en het verschil tussen West-Vlaams en Brabants.

Een goeie drie jaar geleden kreeg Vincent Mannaert een telefoon van Willy Naessens. Of er een keer gepraat kon worden. De voorzitter van Zulte Waregem, getipt door trainer Francky Dury, zocht een algemeen manager om aan de professionalisering van zijn club te werken. Per 1 januari 2007 trad Mannaert (35) in dienst, halverwege het seizoen waarin Essevee Europees voetbalde. Drie jaar later is hij nog steeds de jongste clubmanager in de hoogste klasse. Dagelijks pendelt hij van zijn woonplaats, het Brabantse Opwijk, naar het Regenboogstadion. Een West-Vlaams accent heeft hij nog niet. “Maar als men me nu vraagt: kan je dat ne kieresubiet doen?’ weet ik dat men bedoelt: ‘onmiddellijk’, en niet ‘straks’, zoals bij ons.”

Wat sprak je drie jaar geleden het meest aan, toen je hier aan de slag ging?

Vincent Mannaert: “Aantonen dat een voetbalclub ook bedrijfsmatig gerund kon worden. Een voetbalclub is een bedrijf. Een atypisch bedrijf, maar wél een bedrijf.”

Als het zo simpel is, waarom loopt het dan vaak mis bij Belgische profclubs?

“Het gevaar is dat de man met de meeste bevoegdheden zich niet laat omringen door experts of die niet voldoende ruimte laat. Je moet kunnen en durven delegeren om succesvol te zijn. Onze voorzitter bezit de gave dat hij zichzelf kan relativeren en hij durft vertrouwen te geven aan de mensen onder hem.”

Wat heeft je dit seizoen verrast?

“Eerlijk: niets. De filosofie van deze club is: constant evolueren, elk jaar een stapje hoger zetten. Dat is gelukt. Ons geheim wapen is stabiliteit. Met een voorzitter die 28 jaar in functie is, en een trainer die 15 jaar onafgebroken aan de slag is, kan je een langetermijnstrategie ontwikkelen en je daar ook aan houden. Wat me sportief verrast heeft, is de snelle integratie van Teddy Chevalier in zijn omschakeling van derde naar eerste klasse.”

Voor het eerst in vijf jaar hebben jullie de lat hoog gelegd en je nek uitgestoken.

“Als je wil groeien en beoogt dat je spelersgroep zich mentaal ontwikkelt, moet je durven ambities uit te spreken. Dat heeft ons nooit nerveus gemaakt: nerveus word je pas als je het financiële plaatje koppelt aan je sportieve ambities.”

Dat hebben jullie niet gedaan?

“Nee. Als we play-off 1 halen, is dat een financiële bonus, maar geen noodzaak. Ook met play-off 2 krijgen we ons budget rond.

“Toen ik hier in dienst trad, liet ik een studie maken met als hamvraag: waar liggen de mogelijkheden van deze club? We weten waar we naartoe willen. Vanuit dat doel hebben we een structuur op poten gezet, met de sportieve uitbouw als grote locomotief en het commerciële aspect als kleine locomotief. In mensentaal: als het sportieve goed draait, gaat het commer-ciële werk makkelijker. Sportief is het hier zeer snel gegaan. Sinds de fusie heeft Zulte Waregem alleen maar succes gekend.”

Wat heeft je verrast in de drie jaar dat je hier werkt?

“De bevestiging dat sportieve en bestuurlijke stabiliteit nog belangrijker is dan ik vooraf dacht. Als je met nieuwe spelers of kandidaat-commerciële partners praat, heb je hier een duidelijk verhaal. Zij weten dat hun gesprekspartners van vandaag morgen niet weg zijn.”

Een speler die het niet eens is met Francky Dury, zal hier niet zo snel naar het bestuur stappen om te klagen.

“Spelers weten in welke structuur ze terechtkomen en dat de mensen met de meeste verantwoordelijkheid in deze club blijvers zijn.”

Wat als Francky Dury weggaat? Vorig jaar was een topclub (Genk) in hem geïnteresseerd.

“Zijn vertrek is op korte termijn een scenario waar ik niet veel rekening mee houd. Francky voelt zich hier goed, omdat hij evolutie ziet.”

Als jullie play-off 1 halen en het daar goed doen, zal er wéér belangstelling zijn.

“Vier jaar geleden was hij al Trainer van het Jaar. Nooit kreeg hij meer media-aandacht dan toen, maar hij bleef. Ik vind dit jaar zijn verdienste nog groter dan dat eerste jaar, omdat het ontzettend veel moeilijker is voor een nieuwkomer om vijf jaar op rij zulke prestaties neer te zetten dan één keer te stunten.”

Geen uittocht

Wat viel je de afgelopen drie jaar als manager tegen?

“Dat België en Vlaanderen geen coherent sportbeleid hebben. In 2007 lees ik in de krant dat Vlaanderen 50 miljoen euro veil heeft voor voetbalstadions. Er wordt door de administratie-Anciaux een hele procedure uitgewerkt op basis van kapi-taalsparticipatie waarop meerdere clubs – hierin bijgestaan door consultancykantoren zoals Deloitte en Ernst & Young – intekenen. Vlak voor de verkiezingen wordt een aantal dossiers geselecteerd, maar na de nieuwe verkiezingen wordt die selectie van tafel geveegd en begint alles van voor af aan. Ondertussen zijn we drie jaar verder en is er nog steeds geen duidelijkheid, maar moeten wij ons verhaal wel overbrengen aan potentiële investeerders. Het is frustrerend vast te stellen dat het, ondanks een sluitend businessplan, zeer lang duurt eer je politiek en administratief iets in beweging krijgt. De laatste maanden gaat het wél snel, we hopen in mei 2011 met de verbouwing van het stadion te kunnen beginnen. Maar we zijn met dat project medio 2007 gestart met de hoop om dit jaar al in dat nieuwe stadion te kunnen spelen. Een tweede frustratie is wat nu gebeurt op vlak van de bond en de Pro League. Beide werkingen moeten dringend verder geprofessionaliseerd worden.”

Wat levert dat nieuwe stadion jullie op?

“In een eerste fase voorzien we een inkomstenstijging van twintig procent, later tot veertig procent, waardoor ons budget opgetrokken kan worden naar tien miljoen euro. Nu zitten we aan zeven miljoen. Halen we play-off 1, wordt dat volgend jaar 7,5 miljoen euro.”

Wat kunnen jullie in play-off 1 gaan doen, behalve genieten?

“Ik weet dat we, als we het halen, daar het beste voetbal van het seizoen zullen brengen. In play-off 1 zal men het beste Zulte Waregem zien, géén uitgebluste ploeg. Met alle respect voor STVV en Kortrijk, maar als we het halen, vind ik de verdienste van onze spelers groter, omdat wij van meet af aan de deelname aan play-off 1 als doel hadden. Voor die andere clubs moet niets: zij drijven op een wolk van positieve energie.”

Na dit jaar volgt volgens Franck Berrier de grote uittocht. Dan wordt het toch moeilijk om een stap vooruit te zetten?

Franck heeft zich een beetje ongelukkig uitgedrukt. Dat hij hogerop wil, vind ik oké. Als hij bedoelt dat hij er hier het maximum uitgehaald heeft, heeft hij gelijk. Ik vind dat Berrier het niveau van Zulte Waregem overstijgt. Maar als andere spelers weg willen, heb ik daar toch nog geen signalen van gekregen. Wij moeten niemand verkopen om het budget van dit of volgend jaar rond te krijgen.”

Zijn er concrete aanbiedingen voor Berrier?

“Er zijn contacten die snel aanbiedingen kunnen worden. Het zijn er al meer dan tijdens de winterstop, toen ook verschillende clubs uit binnen- en buitenland naar hem informeerden. We hadden hem al kunnen verkopen tijdens de winterstop, maar ook al na vorig seizoen. Franck is qua statistieken een van de meest interessante spelers uit de Belgische competitie. Regelmatig zitten hier tien tot vijftien scouts van ploegen die een hoger niveau hebben dan wij. Tegen Standard waren dat er dubbel zo-veel.”

Hoeveel moet Berrier zeker kosten? Eén miljoen? Drie miljoen?

“Daar plak ik bewust geen cijfer op.”

Zitten jullie, als Berrier vertrekt, sportief aan je limiet?

“Dat denk ik niet. In vergelijking met het eerste jaar in eerste klasse, toen ons elftal relatief oud was, is de gemiddelde leeftijd met vier jaar gedaald. Als je wil groeien, moet je spelers afleveren die na een paar jaar een extra meerwaarde vertegenwoordigen. Dat vraagt een extra investering in de scouting, maar die betaalt zichzelf terug. We hebben hier, op Karel D’Haene en Steve Colpaert na, alleen spelers die voorheen op een lager niveau uitkwamen of die geen titularis waren bij een eersteklasser. Haast iedereen is nooit eerder titularis geweest in de subtop van een hoogste afdeling. Som ze maar op: Berrier komt uit de Franse derde klasse, Chevalier uit onze derde klasse, Makiese, Lyng en Taravel uit het tweede elftal van Rijsel, Buysse uit het tweede van Club, Matton van tweedeklasser OHL, Bossut was derde keeper van een vierdeklasser, Van Nieuwenhuyze komt uit tweede klasse, Hyland uit de tweede ploeg van Portsmouth, Nfor van de reserven van AA Gent. Roelandts was bij Club en Germinal Beerschot geen titularis.”

Jullie moeten dringend jullie scouts opslag geven!

“We weten dat ze elders gewild zijn. Maar we hebben niet alleen meer in scouting geïnvesteerd dan andere eersteklassers, maar ook op medisch vlak. Wij werken met specialisten. Dat kost meer, maar het werpt ook vruchten af. Colpaert trokken we aan toen hij een beenbreuk had, met een infectie erbovenop. Maar de medische staf zei na een grondig onderzoek: doen! Nu loont die investering.”

Beste grasmat

Jullie willen elk jaar een stap hoger zetten, maar hoe langer dat lukt, hoe dichter je bij de top komt. Is Zulte Waregem geen bergbeklimmer die met een beperkte uitrusting stilaan in ademnood komt, in de omgeving van de top?

“Als je klimt, moet je af en toe eens rusten, en omkijken naar het parcours dat je al afgelegd hebt. Niet krampachtig naar die top kijken, want die zit toch in de wolken, maar je concentreren op de volgende stap. Onze voorzitter heeft me geleerd om niet te vlug te willen gaan. Die neiging had ik wel. Toen ik aangenomen werd, was de afspraak dat ik na een half jaar een grondige analyse zou voorleggen over wat beter kon en welke timing we daarop moesten zetten. Toen Willy Naessens mijn resultaten zag, zei hij: ‘Je analyse klopt, je timing niet. Het moet geleidelijker.’ Weinigen kennen het voetbal zoals hij, hij begon als voorzitter van Zulte in derde provinciale.”

Jullie staan vijfde, met het elfde budget en – op basis van de cijfers van vorig seizoen – slechts het elfde aantal toeschouwers in eerste. Eigenlijk leeft Zulte Waregem al twee jaar boven zijn stand. Zijn jullie niet gedoemd om klein te blijven?

“Niet akkoord. Budgettair zijn we in twee jaar opgeschoven van de elfde naar de negende plaats. Commercieel halen we de laatste drie jaar dertig procent meer omzet en steeg het aantal abonnementen met twintig procent. We hebben nu meer abonnees dan het oude SV Waregem ooit had. In ons nieuwe stadion van 12.500 plaatsen mikken we op 9000 abonnees.”

Maar in tweede klasse haalt Lierse zelfs tegen de staartploegen meer toeschouwers dan jullie.

“Dat klopt. Maar commercieel biedt de regio hier meer mogelijkheden dan de hunne. Het aantal supporters is één zaak, maar het is niet heiligmakend: je moet naar het hele plaatje kijken. Waarom zijn in West-Vlaanderen zo veel eersteklassers? Om de drie huizen heb je hier een bedrijf. De enige les die je moet onthouden, is dat je je financiële ambities niet op het niveau legt van je sportieve ambities, zoals Moeskroen op een bepaald moment deed, toen ze streefden naar een budget van 25 miljoen euro. Hier zie ik dat niet meteen gebeuren.”

Jullie willen elk jaar een stap vooruit zetten. Wat kan hier nog beter?

“Alles kan altijd beter. We kunnen bijvoorbeeld nog meer wervend gaan werken naar potentiële supporters, we moeten meer gaan halen uit de jeugdwerking die nog niet veel opgeleverd heeft, omdat dat de voorbije jaren geen prioriteit was. De werkingsstructuur staat er, die moet nu wat verfijnd worden. Weet je dat wij sinds de invoering van de voetbalwet in 1998 de eerste club zijn die een perfect rapport kreeg qua wedstrijdorganisatie? Die verkozen is tot nummer één in een financieel gezondheidsrapport van eerste klasse?

“Over ons stadion hebben we het al gehad. Qua sfeerbeleving zijn we niet gediend door de infrastructuur. Het enige pluspunt is dat we door die windgaten wel de beste grasmat in eerste klasse hebben. Maar door die piste en de open gaten kan je niet de sfeer creëren die je in andere stadions hebt. In een nieuw stadion zal hier een topambiance gecreëerd kunnen worden.”

Dan zal je ook het gefluit scherper horen, wanneer de ambities niet gehaald worden.

“Als je ambities uitspreekt, moet je ook kunnen omgaan met kritiek.”

door geert foutré – beelden: fred guerdin (reporters)

Als je ambities uitspreekt, moet je kunnen omgaan met kritiek. In play-off 1 zal men het beste Zulte Waregem zien.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier