Moest jij ooit al eens in de zak van je stofzuiger peuteren omdat je iets per ongeluk had opgezogen?

“Nee. Nochtans neem ik regelmatig onze stofzuiger eens vast, want ik ben nogal ordelijk. Gisteren was ik de strijk aan het doen terwijl mijn vriendin in de zetel lag. Wat daarbij ook meespeelt, is dat ik niet goed kan stilzitten. Als het in de winter een hele tijd slecht weer is en ik niet naar buiten kan, heb ik te veel energie en begin ik op Kathy haar zenuwen te werken. Dan loop ik te zagen en te klagen.”

Loop jij in de zomer met zo’n resem festivalbandjes rond je pols?

“Nee. Rock Werchter vindt al jaar en dag vlak bij mijn deur plaats – ik groeide op in Lubbeek en woon nu in Tielt-Winge – maar zo’n festival interesseert me niet echt. Ik ging ook nog maar naar twee concerten; een van 50 Cent in Vorst en een editie van Night of the Proms in Antwerpen. De laatste tijd spreekt alledaagse muziek me het sterkst aan, van artiesten zoals Chris Brown en Rihanna. En als ik in de wagen zit, luister ik naar Q-music.

“Ik zit elke week enkele uurtjes achter het stuur van mijn auto. Het dichtstbijzijnde motorcircuit is dat van Hélécine, bij Tienen, maar meestal ga ik naar dat in Lommel, wat zo’n uurtje rijden is. Dat doe ik twee à drie keer per week. Omdat je niet elke dag op de motor kan trainen – als je dat zou doen, zou je nooit recupereren – ga ik ook vaak lopen of fietsen. Daarbij train je met een lagere hartslag. Ik loop regelmatig een dik uur en als ik mijn koersfiets neem, maak ik tochten van drie à vier uur. Ik deed ook al enkele keren mee aan een kermiskoers, maar dat viel redelijk tegen. In het beste geval eindigde ik eens rond de vijftiende plaats. Omdat ik 1,90 meter ben en 95 kg weeg, moet ik heel hard trappen. Tijdens zo’n kermiskoers rijden ze dan ook nog eens bijna vijftig kilometer per uur. Als je dat niet gewoon bent, denk je al na één ronde aan stoppen.

“Voor de rest rijd ik regelmatig met de BMX en in de winter maak ik geregeld toertjes met de mountainbike.”

Welke vrouw jaagt je hartslag de hoogte in?

Nathalie Meskens. Die tv-serie waarin ze nu meespeelt, Danni Lowinski, vind ik grappig en volg ik graag. Voor de rest kijk ik op tv vooral naar sport, onder andere voetbal. Met mijn schoonvader ging ik al naar enkele matchen van Anderlecht, maar ik ben in de eerste plaats fan van OHL, omdat die club nieuw is in de eerste klasse en bij mij in de buurt speelt. In Leuven stond ik ook al verscheidene keren te supporteren, op de staantribune.”

Ging jij ooit ergens illegaal affiches plakken voor een of andere fuif?

“Nee, ik was nooit een feestvarken. Het crossen slorpt al sinds mijn vierde het grootste deel van mijn tijd op. Ik kwam zo vroeg bij de sport terecht omdat mijn vader ook motorcrosser was. Maar hij reed op amateurniveau en had een abonnement in Gasthuisberg. Papa scheurde eens een lies en brak zijn bekken en veel andere lichaamsdelen. Ik brak voorlopig enkel een sleutelbeen en een pols. En ik had eens een barstje in een nekwervel.

“Omdat enkel motorcross mij interesseerde en ik vaak wou trainen, ging ik vanaf mijn vijftiende ook maar deeltijds naar school. Zo kon ik één dag per week gaan trainen. Drie dagen per week ging ik helpen in de Nissangarage van mijn oom. Daar deed ik het onderhoud van auto’s en verving ik wielen, remmen en filters. En één dag per week zat ik dan nog in de klas. Daar was ik niet de slimste en interesseerden de lessen me niet. En dus hing ik, samen met kameraden, weleens de onnozelaar uit. Zo liet ik op een keer het brandalarm afgaan, voor de grap. Alle klassen werden geëvacueerd. Maar achteraf kwam wel uit dat ik erachter zat; iemand had mij het alarm zien aanzetten en was dat gaan klikken. Ik hield er enkele strafstudies aan over.”

Wil jij bij een pornofilm ook altijd het einde zien om te weten of ze gaan trouwen?

“Nee, ik ga daar eigenlijk altijd van uit. Films hebben doorgaans een happy end.”

door kristof de ryck

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier