Als een engel van zijn wolk dondert, is de ontmoeting met de grond doorgaans hard, zelfs al heet het godenkind Tom Boonen. Had de renner afgelopen woensdag kunnen kiezen tussen de drie kwartier durende persconferentie op de hoofdzetel van sponsor Quick Step of de beklimming van vijf Pyreneeëncols op een fiets met vierkante wielen, gevolgd door een tandzenuwkanaalbehandeling zonder verdoving, hij zou met plezier besloten hebben tot het tweede.

Een stunt à la Filip Meirhaeghe – “Ja, ik heb het gedaan. Game over.” – zat er niet in. Een schuldbekentenis zou nochtans beter gepast hebben bij het karakter en de flair van Boonen dan de voorgekauwde verklaring die nu tegennatuurlijk schools voorgelezen werd door een getekende en duidelijk opgelaten Boonen. Vragen beantwoorden deed ploegmanager Patrick Lefevere in zijn plaats en dat leidde tot een bijzonder pijnlijk moment toen een journalist de logische vraag stelde naar de mentale gesteldheid van de renner en de eventuele nood aan psychologische begeleiding. Terwijl Lefevere antwoordde dat de ploeg al in zulke begeleiding voorziet voor wie dat wil, schoten de ogen van Boonen vuur. Zelden zoveel onmacht en frustratie gezien in één blik.

Het verloop van de persconferentie was daags voordien bepaald op het kantoor van sportrechtspecialist Johnny Maeschalck. De tienkoppige entourage van Tom Boonen, met onder meer zijn ouders, zijn vriendin Lore, Patrick Lefevere, ploegleider Wilfried Peeters en manager Paul De Geyter, debatteerde er ruim acht uur lang over de te volgen strategie. Verschillende scenario’s passeerden de revue, maar tot de kern van de zaak – wat is er precies gebeurd? – kwam het vreemd genoeg niet. Patrick Lefevere op de persconferentie: “Ik ga niet beweren dat wat Boonen zegt waar of niet waar is. Ik laat de feiten op mij afkomen.” Of Wilfried Peeters in een krant: “Weet ik veel wat Boonen tijdens zijn vrije tijd uitspookt.”

Wat niet weet, niet deert. Ethische charters opstellen, dat wel. Maar als het uithangbord van de ploeg uit de bocht gaat met cocaïne, steken we met z’n allen onze kop in het zand. Dan vragen we hem niet op de man af hoe hij het in hemelsnaam in zijn stomme hoofd haalt om een lijn coke te snuiven en zo niet alleen zijn eigen geloofwaardigheid te fnuiken, maar het voortbestaan van de hele ploeg op de helling te zetten. Neen, we vergaderen acht uur over “hoe we het morgen op de persconferentie gaan brengen”. Perceptie is alles.

Uiteindelijk werd er dus gekozen voor een uiterst omzichtige verklaring waarin Boonen zich verontschuldigt voor de negatieve berichtgeving, maar niets concreets bekent. Vanuit juridisch standpunt is die houding voorlopig perfect verdedigbaar: Boonen beschikte afgelopen woensdag nog niet over een officieel stuk, mogelijk hangt hem nog een rechtszaak boven zijn hoofd en naar verluidt zat er zelfs een speurder in de perszaal. Op middellange termijn zullen Boonen en co echter met ander en beter moeten komen dan de uitleg dat het hier “een privézaak” betreft. Als ervaringsdeskundige zou Patrick Lefevere dat moeten weten. Johan Museeuw moest destijds blijven liegen tot hij groen zag om twee jaar na dato alsnog met de billen bloot te gaan. Vroeg of laat maakt iemand dat cocaïneverhaal wereldkundig. In het milieu waarin Boonen de afgelopen tijd blijkbaar vertoefd heeft, kan het niet al te moeilijk zijn om iemand te vinden die zoiets louter voor de kick doet. Bespaar Tom Boonen in godsnaam een Museeuwscenario.

Sociaal beest

Hoe Boonen aan zijn positieve cocaïneplas komt, blijft dus voorlopig onbekend. De vraag kan op dit ogenblik alleen worden beantwoord met nog meer vragen. Is hij geflikt? Waarom verontschuldigt hij zich dan? Heeft hij in een roekeloze bui eenmalig een lijntje coke gesnoven? Cocaïne blijft slechts een dag of vier opspoorbaar in de urine, is het dan niet té toevallig dat Boonen net dan getest werd? Kreeg de Vlaamse Gemeenschap een tip? Of heeft Tom Boonen echt een drugsprobleem? Hoe valt dat echter te rijmen met de schitterende sportieve prestaties die hij ook dit seizoen nog geleverd heeft? Hopelijk komt de renner zelf snel met antwoorden.

Over de achterliggende oorzaak lijkt iedereen het eens: de druk. Ja, die was voor Tom Boonen de afgelopen jaren immens. De overtreffende trap van moeten. Er leven in deze maatschappij nochtans wel meer mensen onder permanente hoogspanning: stresserende job, financiële besognes, een ernstig ziek kind. En die rijden geen gele Lamborghini’s in de prak, die vlammen niet in half benevelde toestand tegen 180 per uur … enfin, u kent de verhalen.

Topsporters zijn gevoeliger voor ontsporing. De omstandigheden dwingen hen om vroeg rijp te worden – training, discipline, prestatiedruk – maar op bepaalde vlakken blijven ze steken in een soort onvolwassenheid. Door de noodzakelijke focus op sport moeten ze in hun jeugd vaak stappen overslaan: hobby’s, studies, vakantiejob, uitgaan, experimenteren. Bij sommigen leidt dat tot een eng en beperkt wereldbeeld waar alles rond henzelf draait en waar normen en waarden uit de normale maatschappij amper doordringen. Wanneer je vervolgens ook nog eens flink geld gaat verdienen, staan de jaknikkers en ‘echte’ vrienden in dichte drommen aan te schuiven. Dan wordt het hoe langer hoe moeilijker om klaar te zien, om jezelf en je eigen grote gelijk te relativeren.

Tom Boonen leek hier lange tijd tegen bestand. Hij kon rekenen op liefdevolle en nuchtere ouders, die hem even graag zouden zien als hij morgen achter de vuilniskar liep. Hij had een vriendin die nog geen racefiets van dichtbij had gezien voor ze hem leerde kennen, hij beschikte over een prettig groepje vrienden om in Balen mee op café te gaan en hij woonde in een gewone straat in een gewoon huis. In die context is het onbegrijpelijk dat Boonen door zijn management werd aangemoedigd om naar Monaco te verhuizen. Tom Boonen, het sociale beest dat knettergek wordt van alleen zitten? Naar Monaco, een schijnwereld waar met geld alles te koop is? Dat is vragen om problemen.

Flagrante schending

Dankzij zijn grootse prestaties en enorme commerciële waarde werd Tom Boonen niet ontslagen door zijn ploeg en sportief kan hij niet geschorst worden, maar daar houdt het goede nieuws op. Het godenkind is uit de bocht gegaan en zal daarvoor een zware prijs betalen. Mogelijk hangt hem een strafrechtelijke vervolging wegens drugsbezit boven het hoofd. Als je dan Pietje Janssens heet, heb je 99 procent kans dat zo’n zaak beperkt blijft tot een jaar lang af en toe eens in een potje plassen, maar in het geval van Tom Boonen zou dat wel eens anders kunnen uitdraaien. Want als het over doping gaat, schijnen renners geen rechten meer te hebben. Onderzoeksresultaten worden door officiële instanties gelekt met de snelheid van het licht. Het dopinglab van professor Delbeke, de administratie van de Vlaamse Gemeenschap, het parket van Turnhout: niemand heeft iets gezegd, maar toch kon u het weer allemaal lezen op de voorpagina van een bekende krant nog voor Tom Boonen één officieel stuk ontvangen had. Zelfs de precieze inhoud van de brief van de Vlaamse Gemeenschap die Boonen donderdag pas ontving, stond een dag eerder al in diezelfde krant.

Ook bij de procedures van het Team Medisch Verantwoord Sporten van de Vlaamse Gemeenschap kunnen ernstige vragen gesteld worden. Neen, ze hebben Boonen niet geviseerd, benadrukt hoofdarts Hans Cooman. De sporen van cocaïne werden eigenlijk stoemelings ontdekt bij een controle out of competion. In zo’n test wordt standaard op diuretica gecontroleerd: vochtafdrijvers die het gebruik van andere dopingmiddelen zoals epo kunnen maskeren en die in tegenstelling tot cocaïne of andere stimulantia altijd verboden zijn voor topsporters. Tijdens zo’n test wordt echter ook het metaboliet of afbraakproduct van cocaïne teruggevonden. Wanneer het lab van Delbeke zoiets ontdekt, wordt dat doorgegeven aan de Vlaamse Gemeenschap. Die heeft op haar beurt samenwerkingsakkoorden met de parketten waarin ze zichzelf verplicht om topsporters die betrapt worden op drugs aan te geven.

Niks aan de hand, denkt u? Stel uzelf eens in het volgende geval. U gebruikt een lijntje cocaïne. Enkele dagen later bent u ziek en gaat u naar het ziekenhuis, waar men bloed prikt. Wanneer de testresultaten terugkomen en de arts ziet dat u cocaïne heeft gebruikt, speelt hij die gegevens zonder uw medeweten door aan het parket. ’s Anderendaags staan er speurders voor uw deur met een huiszoekingsbevel en wordt u urenlang ondervraagd. En nog een dag later kan u het allemaal nalezen in de krant. Een flagrante schending van uw privacy? Met renners kan het allemaal.

Geloofwaardigheid

Al wordt hij niet geschorst, ook op het sportieve vlak blijft de miskleun van Boonen niet zonder gevolg. Zijn geloofwaardigheid als cleane renner is hij kwijt en zal waarschijnlijk nooit meer te herstellen zijn. Een deel van het publiek zal hem voor altijd de rug toekeren. In het huidige klimaat van dopinghysterie zullen organisatoren hem en masse de rug toekeren. Bij de Ronde van Zwitserland vonden ze het geeneens nodig om contact op te nemen met de renner of zijn ploeg. De berichtgeving in de media was voldoende. De heren van de ASO hadden nog net de beleefdheid om de persconferentie af te wachten, maar ook in de komende Tour is Tom Boonen persona non grata.

Start hoogstwaarschijnlijk wel in de Ronde van Frankrijk: Stefan Schumacher, die in oktober vorig jaar in dronken toestand zijn auto in een tuinhek plooide en vluchtmisdrijf pleegde. In zijn bloed zaten sporen van amfetamine, net als cocaïne niet strafbaar buiten competitie. Het verschil met de zaak-Boonen? De timing. Tegen de start van de Tour is de misstap van Schumacher negen maanden oud, terwijl die van Boonen nog vers in het geheugen ligt. Perceptie is alles, ook voor de organisatie van de Tour.

Hoe moet het nu verder? In de gegeven omstandigheden kan Boonen weinig anders doen dan nederig het hoofd buigen en wachten tot de storm gaat liggen. Voor zijn geteisterde gemoed is het hoogstwaarschijnlijk ook beter om even te rusten in plaats van drie weken als opgejaagd wild in het Tourcircus mee te draaien. Voor Tom Boonen komt het er nu op aan om zichzelf te louteren, om oprecht van vals te onderscheiden, om vrienden weer te vinden. Hij moet beslissen wat er écht belangrijk is in zijn leven. Hopelijk voor de wielersport is dat nog steeds de fiets. S

door loes geuens

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier