IN DEZE RUBRIEK DIEPT JACQUES SYS ANEKDOTES OP UIT DE KELDER VAN ZIJN GEHEUGEN. VANDAAG: DE WINNAARSMENTALITEIT VAN ERIK GERETS.

Natuurlijk zou het voor het Belgische voetbal een goede zaak zijn als Erik Gerets als bondscoach aan de slag zou gaan. Hij als verpersoonlijking van de gouden periode, een voetballer met furie en de onblusbare winnaarsmentaliteit die de Rode Duivels in de jaren tachtig kenmerkte. Verliezen kon hij niet. Dat heeft hij ook als trainer moeten leren. We herinneren ons de eerste competitiematch van Gerets als trainer, bijna twintig jaar geleden, op een zwoele avond in augustus 1992. Hij speelde met Club Luik op Cercle Brugge en stond zeer driftig langs de zijlijn te coachen. Het debuut mocht er zijn: Club Luik speelde 2-2 gelijk, al gaf het wel een 0-2-voorsprong uit handen. In de slotseconden krulde de Kroaat Branko Karacic, een onvolprezen vrijschopspecialist, de gelijkmaker tegen de netten. Erik Gerets was de wanhoop nabij. Vertwijfeld sloeg hij de handen voor zijn gezicht.

Tien minuten later weigerde Erik Gerets op de persconferentie met de journalisten te praten. Nog voor iemand een vraag kon stellen, liet hij snauwend weten dat zijn assistent Daniel Boccar het woord zou nemen. Die vroeg begrip voor de ontgoocheling van Gerets. Een halfuur later zagen we Gerets op de spelersbus van Club Luik zitten, heel alleen, op de eerste rij. Wezenloos staarde hij voor zich uit. Het was alsof de wereld rond hem was ingestort.

Erik Gerets herinnert zich die wedstrijd nog heel goed. Leren verliezen, zo vertelde hij in een van de vele interviews die we met hem maakten, was voor hem het moeilijkste aspect van het trainersvak. Als speler kon hij door een muur gaan, maar als trainer niet meer op dezelfde manier. Dat was voor hem hard om dragen. Bij Club Luik moest hij zich bovendien wekelijks ergeren aan een zwakke defensie en leven met financiële beperkingen. Toch prees Gerets zich gelukkig dat hij juist bij deze zieltogende club het vak leerde. Omdat hij het goed vindt dat je als trainer in het begin de onderkant ziet.

Intussen is Erik Gerets al lang gelouterd. Als er iets is dat als een rode draad doorheen de tien etappes van zijn succesrijke trainerscarrière loopt, dan is dat de collectieve gedachte die hem ook als speler kenmerkte. Gerets slaagde er steeds in spelers beter te maken, zonder dat die spelers in hun ontwikkeling het belang van het elftal uit het oog verloren. Overal combineerde hij de drang om te winnen met de cultuur van de club. Zijn zelfvertrouwen groeide met de successen. Gerets is niet langer onderhevig aan stemmingen, hij heeft eraan gewerkt om als trainer rustiger te worden, omdat hij leerde dat je dan een scherper beeld krijgt van dat wat zich voor je ogen afspeelt, omdat je dan beter kunt analyseren. Emoties, zo doceerde Gerets, verhinderen je rationeel te denken. Maar winnen blijft zijn absolute levensinstelling, verliezen ervaart hij nog altijd “als een vreselijk gevoel dat heel mijn wezen kwelt”.

Het kan raar lopen in een carrière. Ooit maakten we het levensverhaal van Erik Gerets, die vertelde hoe hij als kleine jongen iedere vrije minuut met een paar vrienden voetbalde op een stuk braakliggend terrein tot het donker werd en die toen riep dat hij eigenlijk maar één jeugddroom had: ooit eens voor Waterschei voetballen. Het draaide anders uit.

Een andere keer bedacht hij dat het heel raar is dat hij nog nooit Standard trainde, omdat dat toch zijn club blijft, “met de beste supporters van heel de wereld”. Telkens weer, zei hij, geeft het hem een speciaal gevoel als hij op Sclessin komt, telkens weer is er die heel aparte binding.

En in nog een interview liet hij zich eens ontvallen op zijn 53e een punt te zetten achter zijn trainerscarrière en op een heel andere manier van het voetbal te genieten. ’s Ochtends opstaan in het vooruitzicht dat je 25 kilometer gaat fietsen met de vrienden, hij verheugde er zich al op. Maar op hetzelfde moment vroeg je je af hoe iemand die door een eeuwige innerlijke opstandigheid de top bereikte en geboren is om het onderste uit de kan te halen de voetbalsport zal kunnen missen.

Niet dus. Afgelopen vrijdag werd Erik Gerets 58 jaar. Hij verjaart op dezelfde dag als Georges Leekens, de man die hij straks mogelijk gaat opvolgen. Het is het enige raakpunt tussen beiden.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier