De absolute recordploeg inzake opeenvolgende landstitels is Maccabi Tel Aviv, dat zich liefst 23 keer op rij tot Israëlisch kampioen kroonde tussen 1968 en 1992. Daarna volgen Real Madrid met tien stuks, behaald tussen 1968 en 1977, en het Poolse Gdynia met negen titels. BC Oostende zit sinds vorige week aan acht op een rij. Met de recentste triomf wellicht als de minst verwachte.
...

De absolute recordploeg inzake opeenvolgende landstitels is Maccabi Tel Aviv, dat zich liefst 23 keer op rij tot Israëlisch kampioen kroonde tussen 1968 en 1992. Daarna volgen Real Madrid met tien stuks, behaald tussen 1968 en 1977, en het Poolse Gdynia met negen titels. BC Oostende zit sinds vorige week aan acht op een rij. Met de recentste triomf wellicht als de minst verwachte. Dit seizoen was het immers al Antwerp Giants dat de klok sloeg in de Belgische media. Zo blij waren pers en publiek dat er na zeven jaar Oostendse dominantie eens een ander schip op kop voer. De Antwerpenaren wonnen begin maart de bekerfinale tegen Oostende en haalden nadien de krantenkoppen met een opmerkelijke Europese campagne, bezegeld met de organisatie en een derde plaats in de Final Four van de Champions League. Bovendien mocht de hongerige garde van coach Roel Moors als leider de play-offs induiken, wat een niet onbelangrijk thuisvoordeel tot in de eventuele finale garandeerde. Alles wees dus in de richting van 'het jaar van de Giants', dat de vruchten kon plukken van een verhoogd budget (Telenet stapte in 2017 als hoofdsponsor over van Oostende naar Antwerp) en een stabiel beleid (de spelersgroep waarmee vorig jaar de finale bereikt werd, bleef behouden). Dat was dan buiten de trots en grinta van Dario Gjergja gerekend. De Kroatische succescoach van BCO, die sinds zijn komst naar de kustploeg eind 2011 het gezicht van de Belgische competitie helemaal veranderde. Naast zijn palmares, met zeven landstitels en zes bekers in zeven jaar tijd, is zijn voornaamste verdienste dat hij een andere filosofie installeerde in het Belgische basketbal. Tot voor het tijdperk van Gjergja aanbrak, was de voorwaarde om Belgisch landskampioen te worden evident: een solide basis van Europese klusjesmannen en twee Amerikaanse prima donna's die offensief het verschil maakten. Gjergja, daarin bijgestaan door zijn ervaren Servische luitenant op het veld Dusan Djordjevic, legde andere accenten. Defense first. Geënt op de Balkanschool, met veel aandacht voor fundamentals en vechtersmentaliteit. De scherpe, nooit aflatende verdediging van Oostende blijkt jaar na jaar te versmachtend voor de Belgische concurrentie. Een les die ze bij Antwerp Giants geleerd hebben na de 3-0 die ze vorig seizoen om de oren kregen in de finale: ook Roel Moors is dit seizoen meer nadruk gaan leggen op het verdedigende aspect. Het maakt dat de finale van de play-offs tussen Antwerp Giants en BC Oostende, veruit de twee beste ploegen in onze competitie, het meer moest hebben van intensiteit dan van offensief spektakel. De scores illustreren dat: enkel in de openingswedstrijd slaagde er een ploeg (Oostende) in om meer dan zeventig punten te maken. Uiteindelijk trokken de kustjongens het laken toch weer naar zich toe in vier wedstrijden. Mede dankzij de cruciale inbreng van de Belgen Elias Lasisi, Jean-Marc Mwema en Vincent Kesteloot, die in de slotminuten van de derde confrontatie met enkele rake bommen eigenhandig een achterstand omzette in een zege - voor velen een beslissend moment in deze finales. In de achtergrond van dat West-Vlaamse succesverhaal beweegt zich Philip Debaere, sinds 2005 de sportief manager van BC Oostende. In veertien jaar Oostendse loondienst behaalde hij nu al tien landstitels. Ondanks een beperkter budget konden de sportief manager en zijn coach Dario Gjergja de hegemonie van BC Oostende toch opnieuw bestendigen. Dat deze achtste titel op rij er kwam na een moeilijk seizoen met veel blessures, schorsingen voor spelers, felle kritiek op het agressieve gedrag van coach Gjergja langs de lijn en de spotlights vol op de outsider uit Antwerpen, doet deze triomf nog zoeter smaken. 'We waren er niet blind voor dat iedereen eens een andere kampioen wilde', doet Debaere het relaas. 'Bij aanvang van het seizoen dachten we dat het dit jaar niet voor ons zou zijn. Antwerp bezit meer financiële mogelijkheden dan wij en kreeg continuïteit in de kern. Rond de jaarwisseling stonden we echter aan de leiding in de competitie en deden we het ook Europees goed in de Champions League. In januari klopten we Antwerp met een groot verschil (44-82, nvdr) en merkten we dat er toch iets in zat voor ons. Uiteindelijk speelden we dit seizoen negen keer tegen Antwerp en daarvan wonnen we zes duels. Dan zijn wij de sterkste, hé. ' Enkel de bekerwinst liepen de Zeekapiteins in deze campagne mis. Antwerp won in een felbevochten finale met 70-76. Voor het eerst in zes jaar geen dubbel voor Oostende. Debaere: 'De bekerfinale viel op een slecht moment, vlak na de nipte uitschakeling in de Champions League, wat een mentale klap was voor onze groep. Een periode waarin we moesten harken voor de resultaten. Gjergja kreeg iedereen net op tijd weer overeind, met Braian Angola en Shevon Thompson als bijkomende troeven.' Eerstgenoemde werd verkozen tot MVP van de play-offs. Opmerkelijk want de Colombiaanse international kwam pas midden april toe in België en had geen ervaring in het Europese basketbal. Oostende plukte de shooting guard weg in de Amerikaanse G-League, de reservecompetitie van de NBA. Net als Thompson, de Jamaicaanse center die einde maart in Oostende neerstreek als vervanger van de geblesseerde Marin Maric. Zij bleken een directe meerwaarde voor de ploeg: een pluim op de hoed voor de technische staf en manager Debaere. 'We vonden hen na een tip van onze scout in de VS. De G-League was net gedaan, dus ze waren allebei vrij. Omdat het geblesseerd uitvallen van Maric opgevangen werd door een verzekeringspolis, bleef ons budget vrij voor een vervanger. Dat werd Thompson. Angola was een ander verhaal: via crowdfunding van een aantal BCO-getrouwen kregen we een budget bijeen om hem aan te werven. We haalden hem omdat we ervan uitgingen dat Lasisi niet meer in actie zou komen dit seizoen. Uiteindelijk werd zijn schorsing gereduceerd tot zes speeldagen en hadden we dus een extra speler - een meevaller', beseft Debaere. Die rekent er trouwens op dat zijn twee versterkingen er ook volgend seizoen bij zullen lopen. De optie in hun contract werd alvast gelicht, enkel een bod van een NBA-ploeg of een fikse afkoopsom kunnen aan die situatie iets veranderen. Ook Dusan Djordjevic, ondanks zijn 36 jaar nog steeds bepalend met zijn leiderschap en vista, doet er nog een jaartje bij. Zij moeten voor het kader zorgen waarin jeugdig talent kan ontspruiten. Johan Vande Lanotte, achter de schermen nog steeds invloedrijk bij BC Oostende, verklaarde al dat de club komend seizoen nog meer zal inzetten op jeugd. Debaere beaamt: 'We hebben dankzij onze basketschool heel wat potentieel rondlopen in eigen rangen. Servaas Buysschaert toonde de voorbije maanden zijn kwaliteiten en Keye Van der Vuurt-De Vries is de jongste debutant ooit bij de Nederlandse nationale ploeg. Samen met Simon Buysse die terugkeert van Aalstar zijn dat drie jongeren die zeker hun kansen zullen krijgen. We zullen ook in het buitenland speuren naar jong talent.' Behoudens een grote verrassing blijft ook architect Gjergja aan boord. Met acht landstitels op rij staat hij uiteraard in de belangstelling van heel wat Europese (sub)topteams, maar de Kroaat voelt zich thuis in België en nam eind vorig jaar zelfs de fakkel over van Eddy Casteels als bondscoach van België. Volgend seizoen gaat de tandem Gjergja-Debaere dus op zoek naar een negende titel op rij...