Hassan Shah, voorzitter van de BCF en Cricket Vlaanderen, toonde zich erg tevreden met de keuze voor België als eerste land om de trofee te kunnen tentoonstellen, maar keek ook met een groter doel naar de expositie. 'We willen indruk maken op minister van Sport, Philippe Muyters, en hopen in de toekomst toegevoegd te worden aan de Vlaamse topsporttakkenlijst.'

'In eerste instantie kan ik niet anders dan zeggen enorm vereerd te zijn', opende Shah aan Belga. 'De Internationale Cricketfederatie (ICC) ziet dat we in België goed bezig zijn met de ontwikkeling van de cricketsport en beloont ons daarom. Het is een hele eer als eerste land in Europa de Wereldbekertrofee te mogen showen.'

Shah legde vervolgens uit dat de trofee Brussel zal doorkruisen. Naast de obligate bezoeken aan het Atomium en de Grote Markt - waar burgemeester Philip Close (PS) het gezelschap zal ontvangen - zal de trofee ook een bezoekje brengen aan de kabinetten van ministers Sven Gatz (Open VLD) en Philippe Muyters (N-VA).

Vooral die laatste visite, aan de minister van Sport, is een belangrijke, volgens Shah. 'We werken in Vlaanderen, gezien de omstandigheden, enorm goed. We zetten in op de jeugd, organiseren schoolkampen en -competities en zien ons ledenaantal de voorbije jaren enorm de hoogte in gaan. Maar het is zo moeilijk om fondsen te verwerven. De Belgische cricketbond krijgt steun van de Internationale federatie en kan zo regionale bonden als Cricket Vlaanderen steunen, maar dat is niet voldoende.

'We willen op de lijst met Vlaamse topsporten terechtkomen en willen ons vrijdag op die manier in de kijker zetten. We hebben zoveel mogelijk spelers van de nationale ploeg opgetrommeld om aanwezig te zijn. We willen tonen dat we voldoen aan de voorwaarden om tot de topsportlijst te behoren. Het draagvlak is aanwezig.

'Met de ondersteuning van Vlaanderen zouden we professioneler kunnen werken en onze infrastructuur verder kunnen uitbouwen. We zitten op internationaal vlak op het niveau van onze buurlanden. Op mondiaal vlak kunnen we niet mee, maar dat is natuurlijk door het grote verschil aan middelen. Toplanden hebben professionele coaches en betere trainingsfaciliteiten. Maar nogmaals: gezien de omstandigheden waarin we werken, kan ik enkel zeggen dat we het uitstekend doen.'

Hassan Shah, voorzitter van de BCF en Cricket Vlaanderen, toonde zich erg tevreden met de keuze voor België als eerste land om de trofee te kunnen tentoonstellen, maar keek ook met een groter doel naar de expositie. 'We willen indruk maken op minister van Sport, Philippe Muyters, en hopen in de toekomst toegevoegd te worden aan de Vlaamse topsporttakkenlijst.''In eerste instantie kan ik niet anders dan zeggen enorm vereerd te zijn', opende Shah aan Belga. 'De Internationale Cricketfederatie (ICC) ziet dat we in België goed bezig zijn met de ontwikkeling van de cricketsport en beloont ons daarom. Het is een hele eer als eerste land in Europa de Wereldbekertrofee te mogen showen.' Shah legde vervolgens uit dat de trofee Brussel zal doorkruisen. Naast de obligate bezoeken aan het Atomium en de Grote Markt - waar burgemeester Philip Close (PS) het gezelschap zal ontvangen - zal de trofee ook een bezoekje brengen aan de kabinetten van ministers Sven Gatz (Open VLD) en Philippe Muyters (N-VA). Vooral die laatste visite, aan de minister van Sport, is een belangrijke, volgens Shah. 'We werken in Vlaanderen, gezien de omstandigheden, enorm goed. We zetten in op de jeugd, organiseren schoolkampen en -competities en zien ons ledenaantal de voorbije jaren enorm de hoogte in gaan. Maar het is zo moeilijk om fondsen te verwerven. De Belgische cricketbond krijgt steun van de Internationale federatie en kan zo regionale bonden als Cricket Vlaanderen steunen, maar dat is niet voldoende. 'We willen op de lijst met Vlaamse topsporten terechtkomen en willen ons vrijdag op die manier in de kijker zetten. We hebben zoveel mogelijk spelers van de nationale ploeg opgetrommeld om aanwezig te zijn. We willen tonen dat we voldoen aan de voorwaarden om tot de topsportlijst te behoren. Het draagvlak is aanwezig. 'Met de ondersteuning van Vlaanderen zouden we professioneler kunnen werken en onze infrastructuur verder kunnen uitbouwen. We zitten op internationaal vlak op het niveau van onze buurlanden. Op mondiaal vlak kunnen we niet mee, maar dat is natuurlijk door het grote verschil aan middelen. Toplanden hebben professionele coaches en betere trainingsfaciliteiten. Maar nogmaals: gezien de omstandigheden waarin we werken, kan ik enkel zeggen dat we het uitstekend doen.'