In de periode van 1935 tot 1968 werd het record scherp gesteld met 22 centimeter, Beamon deed daar op 18 oktober in Mexico in één keer 55 (!) centimeter bij. Het meetsysteem dat op dat moment aanwezig was registreerde maar sprongen tot maximaal 8,75m. De overige 15 centimeter dienden handmatig te worden gemeten.

Het scheelde niet veel of Beamon mocht zelfs niet deelnemen aan de finale aangezien hij twee maal faalde in de kwalificatiereeksen. Concurrent en titelverdediger Lynn Davies reageerde minder euforisch op de wonderlijke sprong. Hij bedankte de nieuwe recordhouder voor het verpesten van de Olympische finale. Beamon werd door zijn sprong vergeleken met een Archaeopteryx (de oervogel, de oudste bekende vogel/dinosauriër die 150.000 jaar geleden leefde).

Pas in 1991, 23 jaar na 'de sprong van de 20ste eeuw' wist een andere Amerikaan, Mike Powell, in Tokyo het record opnieuw scherp te stellen met een sprong van 8,95m.

(IVD)