Het IOC wil jongeren opnieuw warm maken voor de Olympische Spelen, waardoor het programma voor Tokio (2020) van 28 naar 33 sporten werd uitgebreid. De keuze van het organisatiecomité viel op baseball (en de vrouwelijke variant softbal), surfen, karate, (muur)klimmen en skateboarden, stuk voor stuk sporten die in Japan bijzonder populair zijn.

Voor de Spelen in Parijs, vier jaar erna, werd er zwaar gelobbyd om snooker in het olympisch programma op te nemen, maar het Franse organisatiecomité bedankte. 'Een serieuze ontgoocheling', vertelde Diane Wild, secretaris-generaal van de World Confederation of Billiards Sports, die niet opgeeft. 'Nu mikken we op Los Angeles, 2028, het land waar de roots van het poolen liggen.'

Zullen er in Parijs ook niet bij zijn: de karateka's, die nochtans wel naar Tokio mogen, de schakers en de beste squashers ter wereld, die het een gemiste kans voor de stad noemen. 'Met een minimum aan kosten hadden ze onze glazen kooien voor een iconisch gebouw kunnen plaatsen, waardoor de interactie tussen de stad en een spectaculaire sport nog groter zou kunnen zijn', reageerde de World Squash Federation.

De marathon moet voor die interactie zorgen, want onmiddellijk na de olympische marathon mag iedereen op hetzelfde parcours en in identieke omstandigheden aan de wedstrijd over 42,2 kilometer deelnemen. 'In Parijs zullen de toeschouwers van de Spelen voor het eerst in de huid van de deelnemers kunnen kruipen', klonk het triomfantelijk bij Tony Estanguet, drievoudig olympisch kampioen (kano) en hoofd van het organisatiecomité van Parijs 2024, dat ook nog surfen, muurklimmen, skateboarding en breakdancen op het programma wil zetten. Vooral die laatste twee moeten ervoor zorgen dat 'de Olympische Spelen aansluiting vinden bij de straatcultuur van grootsteden.'