Na een vierde opeenvolgende zege van Lewis Hamilton in Japan lijken de kaarten geschud. Als de Brit in Austin (Texas) zijn 10e overwinning - op 18 races - van het seizoen pakt en Sebastian Vettel pas derde of lager eindigt, dan komt hij met een vijfde wereldtitel op gelijke hoogte van Juan Manuel Fangio en opnieuw een stap dichter bij Michael Schumacher (7). 'Austin is een goed circuit voor ons. Ik kan niet wachten om er ons beest, de Mercedes, nog maar eens los te laten.' Zoals hij er de voorbije jaren deed. Van de laatste zeven edities was hij in Austin zes ...

Na een vierde opeenvolgende zege van Lewis Hamilton in Japan lijken de kaarten geschud. Als de Brit in Austin (Texas) zijn 10e overwinning - op 18 races - van het seizoen pakt en Sebastian Vettel pas derde of lager eindigt, dan komt hij met een vijfde wereldtitel op gelijke hoogte van Juan Manuel Fangio en opnieuw een stap dichter bij Michael Schumacher (7). 'Austin is een goed circuit voor ons. Ik kan niet wachten om er ons beest, de Mercedes, nog maar eens los te laten.' Zoals hij er de voorbije jaren deed. Van de laatste zeven edities was hij in Austin zes keer de snelste, een onwaarschijnlijke reeks die alleen in 2013 - door Vettel in een Red Bull - werd onderbroken. Sebastian Vettel, die tussen 2010 en 2013 bij Red Bull naar vier opeenvolgende wereldtitels reed, zal ook in zijn vierde seizoen bij Ferrari geen wereldkampioen worden: derde, vierde, tweede en straks wellicht opnieuw de tweede plaats. Ook het Italiaanse automerk, dat met Schumacher tussen 2000 en 2004 ongenaakbaar was, had veel meer verwacht van de samenwerking met de Duitser en blijft op zijn honger: Kimi Räikkönen, de nummer twee van het team uit Maranello, tekende in 2007 voor het laatste wereldkampioenschap van de Scuderia. 'Nochtans', zei Mercedesteambaas Toto Wolff voor het seizoen, 'heeft Ferrari dit seizoen de snelste wagen.' Dat bleek in Australië en Bahrein, waar de Duitser domineerde, maar de verdere ontwikkeling van la macchina rossa stagneerde. Ferrari kon tot aan het zomerreces de schijn ophouden, maar toen Sergio Marchionne - CEO en voorzitter van onder andere Fiat Chrysler Automobiles, Ferrari en Maserati - eind juli overleed, voorspelden insiders een noodlottige tweede seizoenshelft. Marchionne cultiveerde het regime van de angst en nam alle beslissingen zelf, zijn teammanager Maurizio Arrivabene was vooral een verzoeningsfiguur die uitvoerde. Marchionne werd als voorzitter van de Fiat Chrysler Automobiles, Ferrari en Maserati opgevolgd door John Elkann, de kleinzoon van de overleden Fiateigenaar Gianni Agnelli, die in 1969 aandeelhouder werd van Ferrari. De dagelijkse leiding is in handen van CEO Louis Carey Camilleri, een Egyptenaar die in Zwitserland studeerde en sinds 40 jaar aan de slag is bij Philip Morris International, sinds 1973 sponsor van de Scuderia. Zijn rechterhand bij Ferrari, Arrivabene, heeft ook een verleden bij de tabaksproducent, waar hij tot 2014 marketingdirecteur was. Met twee captains of industry aan het roer, voor wie vooral de verpakking en de boodschap telt, was/is Ferrari kansloos. Zijn collega's bij de andere topteams - Wolff (Mercedes) en het duo Christian Horner/ Helmut Marko (Red Bull) - hebben wél een verleden in de autosport. Niet toevallig kende Ferrari zijn succesvolste seizoenen met Schumacher en Räikkönen onder Jean Todt: een ex-rallyrijder, geen marketeer.