De feiten

Het is in het voorjaar van 1953 al de negende expeditie naar de top van de hoogste berg ter wereld, de Mount Everest, op de grens van China en Nepal. Met zijn 8848 meter het dak van de wereld. Die staat onder leiding van een Brit, kolonel John Hunt. Op 10 maart verlaat een eerste groep klimmers, samen met 150 dragers, Kathmandu. Op 11 maart volgt een tweede groep, in het gezelschap van 200 dragers.

Van 26 maart tot 17 april beginnen de klimmers aan de expeditie. Eerste taak: via oefenklauterpartijen wennen aan de grote hoogte. Tussendoor tekent Hunt de strategie uit: er komen drie pogingen om de top te bereiken, telkens twee klimmers. De derde poging is eigenlijk een reservepoging, Hunt hoopt dat duo één of duo twee eerder zal slagen.

Duo één moet vertrekken vanuit kamp acht voor zijn laatste klim naar de top, duo twee vanuit kamp negen. Dat ligt hoger en heeft meer kans op slagen. Daarom zet Hunt daar in zijn ogen het beste klimpaar in: de Nieuw-Zeelander Edmund Hillary en Tenzing Norgay, die al voor de zesde keer lid is van een expeditie. Hij is veruit de beste en meest ervaren klimmer onder de lokale sherpa's, de dragers. Hij is ook hun leider.

Op 12 april bereikt de expeditie het basiskamp (5455 meter hoog) en van daaruit zetten ze tussenkampen op. Op 26 mei is het eerste duo dat Hunt de top wil laten beklimmen klaar voor de eindklim. Het is een Engelse expeditie, dus mogen twee Britten als eerste gaan: Tom Bourdillon en Charles Evans. Ze hebben zuurstofsets bij om te 'tanken', maar voor de start merkt Evans dat er een probleem is met de zijne. Het duurt een uur om het te fiksen, waarna ze in versneld tempo (300 meter per uur) klimmen.

Op 8500 meter hoogte heeft Evans een nieuw probleem met de zuurstofbevoorrading. Het is door en door koud, de handen zijn tot amper iets in staat, en geen van de twee kan het euvel herstellen. Evans klimt nog even door zonder extra zuurstof, maar raakt al snel uitgeput. Om 13.20 uur moeten de twee het opgeven.

Twee dagen later, op 29 mei, vertrekt duo twee - Hillary en Tenzing - om 6.30 uur 's ochtends vanuit kamp negen. Minder dan drie uur later, om 9 uur, bereiken ze de zuidelijke top. Om 11.30 uur staan ze op het dak van de wereld. Het monster is eindelijk bedwongen. Het duo spendeert zo'n tien minuten op de top om onder meer foto's te schieten.

Making-of

De race naar de top is zoals de race naar de maan: ieder land wil graag de eerste zijn. Als rond 1850 de Mount Everest als dak van de wereld wordt erkend, is het snel voor alle alpinisten een soort natte droom om die te beklimmen. In 1885 verschijnen de eerste verhalen, dat het mogelijk zou moeten zijn. Pas in 1920, na Wereldoorlog I, begint men er concreet rond te plannen. Vooral in Europa, waar ze er geld voor veil hebben. Britten, Zwitsers en Fransen onderzoeken de zaak.

In 1921 zetten de Britten een eerste verkennende expeditie op, in 1922 een eerste die echt naar de top wil. Het duo dat de laatste sprong naar de top wil maken, George Mallory en Andrew Irvine, keert nooit meer terug. Het zal de mythe van de berg nog vergroten.

Er zijn twee routes naar boven. Vanuit Nepal is er de zuidelijke route, vanuit Tibet de noordelijke. De meeste pogingen gaan via de noordelijke route, maar als bij de Chinese revolutie van 1949 Tibet wordt geannexeerd, moeten klimmers daar een kruis over maken. China geeft geen toestemming meer.

Nepal doet dat wel. Er wordt een volgorde bepaald. In 1952 mogen de Zwitsers het proberen. In 1953 de Engelsen, in 1954 de Fransen en in 1955 opnieuw de Zwitsers. Lukt het niet in de lente, dan kan het eventueel nog na de moesson in de herfst, maar dat is tricky. Mei is de beste periode. De Zwitsers zetten in mei 1952, Tenzing is dan al van de partij, een nieuw hoogterecord, maar doen uiteindelijk geen poging om de top te bereiken.

Een toestemming geldt voor een heel jaar en als ze in juni besluiten om het in augustus nóg een keer te wagen, komen ze te laat. Wind en sneeuw maakt klimmen onmogelijk.

Er zit dus veel druk op de Britten in 1953, de rest staat klaar. Ze wijzen legerkolonel Hunt aan als expeditieleider. Geboren in India, en tijdens zijn jeugd in de Alpen verslingerd geraakt aan klimmen. Hij praat in Zürich met de Zwitsers om informatie te vergaren. Zijn aanstelling als chef is immers omstreden. Iedereen verwacht dat Eric Shipton de leiding zal krijgen.

Shipton is de baas bij een eerste verkennende expeditie in 1951, heeft dus ervaring met Nepal én leidt een tweede expeditie in het gebied in 1952. Niet naar de Everest, die was voorbehouden voor de Zwitsers, maar naar de top van een andere berg. Die verovering mislukt, maar heel wat klimmers uit die expeditie zijn er in 1953 opnieuw bij. Hen met een andere baas opzadelen zorgt voor problemen van loyauteit.

De eerste trainingen houdt Hunt in de bergen van Wales. Daar testen ze ook de toestellen die zuurstof moeten aanleveren uit. De reis naar Nepal maken de Britten met de boot, niet met het vliegtuig. Op 12 februari vertrekken ze vanuit Tilbury, Essex, richting Bombay. Het is goedkoper dan het vliegtuig, maar dat is niet de reden.

Hunt, die beseft dat zijn team een andere baas verwachtte, wil van de lange reis gebruikmaken om aan teambuilding te doen. Hillary is een Nieuw-Zeelander, hij komt wél met het vliegtuig naar Nepal. In Kathmandu is er voor het vertrek nog wel een incident: er zijn op dat moment nog geen hotels en de Britse ambassadeur zorgt voor kamers. Tenzing Norgay krijgt ook een bed, maar andere dragers moeten op de vloer van de garage slapen. Uit protest plassen ze 's anderendaags voor de ambassade.

En daarna

Als Hillary en Tenzing na de afdaling van de top weer de rest bereiken, geven ze lang geen teken van emotie. Hebben ze het gehaald of niet? Het duo daalt stoïcijns af, tot ze binnen bereik van een filmcamera zijn. Dan pas lossen ze hun emoties.

Rest hen het nieuws naar beneden te brengen. In 1953 was dat nog niet zo evident. The Times heeft in het basiskamp een verslaggever. Die krijgt het te horen op 30 mei. Hij stuurt een loper naar Namche Bazaar, een dorp van waaruit een telegram kan worden gestuurd naar de Britse ambassade in Kathmandu. Het bericht is in code, en spreekt over slechte sneeuwcondities en een opgegeven poging. Dat is zo afgesproken.

De Britten willen het slagen van de expeditie geheim houden tot de kroning van koningin Elizabeth op 2 juni. Dan mag de hele wereld het weten. Later dat jaar komt de film in de zalen en kan iedereen de beelden zien. En kunnen anderen dromen. Het zal leiden tot Everesttoerisme. En veel menselijke drama's.

Na de beklimming zet Hillary een trust op, om de sherpa's en de Nepalese bevolking te helpen. Bij zijn dood in 2008, de man is dan 88, krijgt hij een staatsbegrafenis. Zijn kompaan Tenzing Norgay overlijdt in 1986, op 71-jarige leeftijd. Omdat zijn exacte verjaardag onbekend is, besluit Norgay vanaf 1953 die te vieren op 29 mei...

Het is in het voorjaar van 1953 al de negende expeditie naar de top van de hoogste berg ter wereld, de Mount Everest, op de grens van China en Nepal. Met zijn 8848 meter het dak van de wereld. Die staat onder leiding van een Brit, kolonel John Hunt. Op 10 maart verlaat een eerste groep klimmers, samen met 150 dragers, Kathmandu. Op 11 maart volgt een tweede groep, in het gezelschap van 200 dragers.Van 26 maart tot 17 april beginnen de klimmers aan de expeditie. Eerste taak: via oefenklauterpartijen wennen aan de grote hoogte. Tussendoor tekent Hunt de strategie uit: er komen drie pogingen om de top te bereiken, telkens twee klimmers. De derde poging is eigenlijk een reservepoging, Hunt hoopt dat duo één of duo twee eerder zal slagen. Duo één moet vertrekken vanuit kamp acht voor zijn laatste klim naar de top, duo twee vanuit kamp negen. Dat ligt hoger en heeft meer kans op slagen. Daarom zet Hunt daar in zijn ogen het beste klimpaar in: de Nieuw-Zeelander Edmund Hillary en Tenzing Norgay, die al voor de zesde keer lid is van een expeditie. Hij is veruit de beste en meest ervaren klimmer onder de lokale sherpa's, de dragers. Hij is ook hun leider.Op 12 april bereikt de expeditie het basiskamp (5455 meter hoog) en van daaruit zetten ze tussenkampen op. Op 26 mei is het eerste duo dat Hunt de top wil laten beklimmen klaar voor de eindklim. Het is een Engelse expeditie, dus mogen twee Britten als eerste gaan: Tom Bourdillon en Charles Evans. Ze hebben zuurstofsets bij om te 'tanken', maar voor de start merkt Evans dat er een probleem is met de zijne. Het duurt een uur om het te fiksen, waarna ze in versneld tempo (300 meter per uur) klimmen. Op 8500 meter hoogte heeft Evans een nieuw probleem met de zuurstofbevoorrading. Het is door en door koud, de handen zijn tot amper iets in staat, en geen van de twee kan het euvel herstellen. Evans klimt nog even door zonder extra zuurstof, maar raakt al snel uitgeput. Om 13.20 uur moeten de twee het opgeven.Twee dagen later, op 29 mei, vertrekt duo twee - Hillary en Tenzing - om 6.30 uur 's ochtends vanuit kamp negen. Minder dan drie uur later, om 9 uur, bereiken ze de zuidelijke top. Om 11.30 uur staan ze op het dak van de wereld. Het monster is eindelijk bedwongen. Het duo spendeert zo'n tien minuten op de top om onder meer foto's te schieten.De race naar de top is zoals de race naar de maan: ieder land wil graag de eerste zijn. Als rond 1850 de Mount Everest als dak van de wereld wordt erkend, is het snel voor alle alpinisten een soort natte droom om die te beklimmen. In 1885 verschijnen de eerste verhalen, dat het mogelijk zou moeten zijn. Pas in 1920, na Wereldoorlog I, begint men er concreet rond te plannen. Vooral in Europa, waar ze er geld voor veil hebben. Britten, Zwitsers en Fransen onderzoeken de zaak.In 1921 zetten de Britten een eerste verkennende expeditie op, in 1922 een eerste die echt naar de top wil. Het duo dat de laatste sprong naar de top wil maken, George Mallory en Andrew Irvine, keert nooit meer terug. Het zal de mythe van de berg nog vergroten.Er zijn twee routes naar boven. Vanuit Nepal is er de zuidelijke route, vanuit Tibet de noordelijke. De meeste pogingen gaan via de noordelijke route, maar als bij de Chinese revolutie van 1949 Tibet wordt geannexeerd, moeten klimmers daar een kruis over maken. China geeft geen toestemming meer.Nepal doet dat wel. Er wordt een volgorde bepaald. In 1952 mogen de Zwitsers het proberen. In 1953 de Engelsen, in 1954 de Fransen en in 1955 opnieuw de Zwitsers. Lukt het niet in de lente, dan kan het eventueel nog na de moesson in de herfst, maar dat is tricky. Mei is de beste periode. De Zwitsers zetten in mei 1952, Tenzing is dan al van de partij, een nieuw hoogterecord, maar doen uiteindelijk geen poging om de top te bereiken. Een toestemming geldt voor een heel jaar en als ze in juni besluiten om het in augustus nóg een keer te wagen, komen ze te laat. Wind en sneeuw maakt klimmen onmogelijk.Er zit dus veel druk op de Britten in 1953, de rest staat klaar. Ze wijzen legerkolonel Hunt aan als expeditieleider. Geboren in India, en tijdens zijn jeugd in de Alpen verslingerd geraakt aan klimmen. Hij praat in Zürich met de Zwitsers om informatie te vergaren. Zijn aanstelling als chef is immers omstreden. Iedereen verwacht dat Eric Shipton de leiding zal krijgen. Shipton is de baas bij een eerste verkennende expeditie in 1951, heeft dus ervaring met Nepal én leidt een tweede expeditie in het gebied in 1952. Niet naar de Everest, die was voorbehouden voor de Zwitsers, maar naar de top van een andere berg. Die verovering mislukt, maar heel wat klimmers uit die expeditie zijn er in 1953 opnieuw bij. Hen met een andere baas opzadelen zorgt voor problemen van loyauteit.De eerste trainingen houdt Hunt in de bergen van Wales. Daar testen ze ook de toestellen die zuurstof moeten aanleveren uit. De reis naar Nepal maken de Britten met de boot, niet met het vliegtuig. Op 12 februari vertrekken ze vanuit Tilbury, Essex, richting Bombay. Het is goedkoper dan het vliegtuig, maar dat is niet de reden.Hunt, die beseft dat zijn team een andere baas verwachtte, wil van de lange reis gebruikmaken om aan teambuilding te doen. Hillary is een Nieuw-Zeelander, hij komt wél met het vliegtuig naar Nepal. In Kathmandu is er voor het vertrek nog wel een incident: er zijn op dat moment nog geen hotels en de Britse ambassadeur zorgt voor kamers. Tenzing Norgay krijgt ook een bed, maar andere dragers moeten op de vloer van de garage slapen. Uit protest plassen ze 's anderendaags voor de ambassade.Als Hillary en Tenzing na de afdaling van de top weer de rest bereiken, geven ze lang geen teken van emotie. Hebben ze het gehaald of niet? Het duo daalt stoïcijns af, tot ze binnen bereik van een filmcamera zijn. Dan pas lossen ze hun emoties.Rest hen het nieuws naar beneden te brengen. In 1953 was dat nog niet zo evident. The Times heeft in het basiskamp een verslaggever. Die krijgt het te horen op 30 mei. Hij stuurt een loper naar Namche Bazaar, een dorp van waaruit een telegram kan worden gestuurd naar de Britse ambassade in Kathmandu. Het bericht is in code, en spreekt over slechte sneeuwcondities en een opgegeven poging. Dat is zo afgesproken. De Britten willen het slagen van de expeditie geheim houden tot de kroning van koningin Elizabeth op 2 juni. Dan mag de hele wereld het weten. Later dat jaar komt de film in de zalen en kan iedereen de beelden zien. En kunnen anderen dromen. Het zal leiden tot Everesttoerisme. En veel menselijke drama's.Na de beklimming zet Hillary een trust op, om de sherpa's en de Nepalese bevolking te helpen. Bij zijn dood in 2008, de man is dan 88, krijgt hij een staatsbegrafenis. Zijn kompaan Tenzing Norgay overlijdt in 1986, op 71-jarige leeftijd. Omdat zijn exacte verjaardag onbekend is, besluit Norgay vanaf 1953 die te vieren op 29 mei...