Er was eens een tijd, zo'n twintig, dertig jaar geleden, dat het All Star Game nog een wedstrijd was. Tussen de sterren van de Western en Eastern Conference die er een erezaak van maakten om niet te verliezen - toch zeker op het einde van de partij.

De laatste tien jaar, en zeker de jongste edities, is het All Star Game echter een hoogmis waarin een zure miswijn gedronken wordt. Wel nog flashy dunks en passes, maar er werd dan ook amper of zelfs niet verdedigd. De vedetten wilden zich niet té moe maken, te midden het alsmaar slopender NBA-seizoen. Het leidde tot een dunk- en schietkraam: met in 2017 een monsterscore van 192-182 (winst voor het Westen). Toen luidde al de vraag: wanneer ronden we de kaap van de 200 punten?

Een dof en beschamend schouwspel, dat tot veel kritiek leidde. Bij fans, journalisten, maar ook bij Michael Jordan, de ex-superster die in de jaren tachtig/negentig de wel nog competitieve All Star Games een gezicht gaf. Samen met Chris Paul, point guard van Houston en voorzitter van de spelersvakbond, trok hij bij de NBA aan de alarmbel.

Nieuwe format

En dus werd een nieuw concept ontwikkeld. Op het eerste gezicht zeer interessant: voortaan zouden uit de 24 geselecteerden - voortvloeiend uit een onlinepoll bij fans (50 procent), media en spelers (elk 25 procent) - de twee All Stars met het meeste aantal stemmen hun eigen ploeg samenstellen: elk om beurt een ploegmaat kiezen, zoals kinderen op de speelplaats.

Velen verlekkerden er zich al op: wie zouden de twee kapiteins - zoals verwacht LeBron James en Stephen Curry - als eerste, en vooral als laatste, kiezen? Zouden ze bij hun keuzes rekeningen vereffenen? Of eigen ploegmaats negeren?

Boeiend, want aanvankelijk zou de draft live worden uitgezonden, zoals de NHL (ijshockey) al drie keer deed tussen 2011 en 2015. Daar sprak de Players Association echter een veto over uit, wegens een gebrek aan consensus onder de duurbetaalde vedetten. James en Curry hadden nochtans niets tegen een tv-uitzending, maar anderen wilden geen gezichtsverlies lijden. En ook de NBA verkoos de controverse te vermijden. En dus vond de draft achter gesloten deuren plaats.

Een afknapper, waarop opnieuw een storm van protest losbarstte. Ook over de formule van de stemming, want nog altijd werd vastgehouden aan twaalf All Stars uit de Western en twaalf uit de Eastern Conference. Waardoor niet de 24 spelers met de mééste stemmen geselecteerd worden, en sommige vedetten ontbreken.

Zondag worden in LA nu wel voor het eerst met gemengde teams (met spelers uit het Westen en het Oosten) gespeeld, maar de vraag is of dat tot een competitievere match zal leiden. En niet opnieuw tot een te vrolijk, kunstmatig onderonsje.

Om de vedetten aan te sporen tot meer ijver trok de NBA daarom de winstpremie op van 50.000 naar 100.000 dollar per speler, 75.000 meer dan de All Stars van de verliezende ploeg. Een wortel voor de neus van jongere vedetten met een nog relatief bescheiden loon, maar voor oudere sterren is dat bijna kleingeld. LeBron James verdient per match netto 205.000 dollar. En er zijn er 82 in het reguliere seizoen...

Allicht wordt de fameuze Dunk Contest op zaterdag veel interessanter, met springveren als Victor Oladipo, Donovan Mitchell, Larry Nance Jr. en Dennis Smith Jr.

Er was eens een tijd, zo'n twintig, dertig jaar geleden, dat het All Star Game nog een wedstrijd was. Tussen de sterren van de Western en Eastern Conference die er een erezaak van maakten om niet te verliezen - toch zeker op het einde van de partij. De laatste tien jaar, en zeker de jongste edities, is het All Star Game echter een hoogmis waarin een zure miswijn gedronken wordt. Wel nog flashy dunks en passes, maar er werd dan ook amper of zelfs niet verdedigd. De vedetten wilden zich niet té moe maken, te midden het alsmaar slopender NBA-seizoen. Het leidde tot een dunk- en schietkraam: met in 2017 een monsterscore van 192-182 (winst voor het Westen). Toen luidde al de vraag: wanneer ronden we de kaap van de 200 punten? Een dof en beschamend schouwspel, dat tot veel kritiek leidde. Bij fans, journalisten, maar ook bij Michael Jordan, de ex-superster die in de jaren tachtig/negentig de wel nog competitieve All Star Games een gezicht gaf. Samen met Chris Paul, point guard van Houston en voorzitter van de spelersvakbond, trok hij bij de NBA aan de alarmbel. En dus werd een nieuw concept ontwikkeld. Op het eerste gezicht zeer interessant: voortaan zouden uit de 24 geselecteerden - voortvloeiend uit een onlinepoll bij fans (50 procent), media en spelers (elk 25 procent) - de twee All Stars met het meeste aantal stemmen hun eigen ploeg samenstellen: elk om beurt een ploegmaat kiezen, zoals kinderen op de speelplaats. Velen verlekkerden er zich al op: wie zouden de twee kapiteins - zoals verwacht LeBron James en Stephen Curry - als eerste, en vooral als laatste, kiezen? Zouden ze bij hun keuzes rekeningen vereffenen? Of eigen ploegmaats negeren? Boeiend, want aanvankelijk zou de draft live worden uitgezonden, zoals de NHL (ijshockey) al drie keer deed tussen 2011 en 2015. Daar sprak de Players Association echter een veto over uit, wegens een gebrek aan consensus onder de duurbetaalde vedetten. James en Curry hadden nochtans niets tegen een tv-uitzending, maar anderen wilden geen gezichtsverlies lijden. En ook de NBA verkoos de controverse te vermijden. En dus vond de draft achter gesloten deuren plaats. Een afknapper, waarop opnieuw een storm van protest losbarstte. Ook over de formule van de stemming, want nog altijd werd vastgehouden aan twaalf All Stars uit de Western en twaalf uit de Eastern Conference. Waardoor niet de 24 spelers met de mééste stemmen geselecteerd worden, en sommige vedetten ontbreken. Zondag worden in LA nu wel voor het eerst met gemengde teams (met spelers uit het Westen en het Oosten) gespeeld, maar de vraag is of dat tot een competitievere match zal leiden. En niet opnieuw tot een te vrolijk, kunstmatig onderonsje. Om de vedetten aan te sporen tot meer ijver trok de NBA daarom de winstpremie op van 50.000 naar 100.000 dollar per speler, 75.000 meer dan de All Stars van de verliezende ploeg. Een wortel voor de neus van jongere vedetten met een nog relatief bescheiden loon, maar voor oudere sterren is dat bijna kleingeld. LeBron James verdient per match netto 205.000 dollar. En er zijn er 82 in het reguliere seizoen... Allicht wordt de fameuze Dunk Contest op zaterdag veel interessanter, met springveren als Victor Oladipo, Donovan Mitchell, Larry Nance Jr. en Dennis Smith Jr.