Sebastian Vettel werd voor de tweede keer op rij wereldkampioen Formule 1. Dat was een makkie. Daarna zat hij oog in oog met Knack. Gele vlag.

"Het blijft raar aanvoelen, een held zijn", zegt hij. "In november werd ik in Heppenheim ingehaald als een vorst. Terwijl ik daar ben opgegroeid, naar de bakker ging en naar school. Eigenlijk kende ik veel van die mensen die op straat waren gekomen. Ja, het voelde zeer onwennig."

We zitten tegenover Sebastian Vettel en merken: hij is een uitzondering. Formule 1-coureurs veranderen immers snel, sluiten zich af, worden arrogant en praten alleen nog in gemeenplaatsen. Sebastian Vettel niet. De jongste winnaar ooit van een F1-race, de jongste wereldkampioen in de geschiedenis, en nu ook de jongste tweevoudige wereldkampioen ooit zit tegenover ons zoals we hem vier jaar geleden leerden kennen: spontaan, enthousiast, geen kapsones, een jongenslach om de twee zinnen.

Je domineerde het seizoen op indrukwekkende wijze. Terwijl iedereen na je eerste wereldtitel een terugval verwachtte. Sebastian Vettel: Je moet een ideale mix vinden die je het gevoel geeft dat je goed in je vel zit en dat je op honderd procent van je kunnen presteert. Je mag nooit uit de auto stappen met de indruk dat je eigenlijk beter had kunnen doen. En je leert uit je ervaring. In vergelijking met vorig jaar was ik niet sneller, maar ik bleef wel veel rustiger en geconcentreerder. Dat is het voordeel van een wereldtitel te hebben: je hebt al eens bewezen dat je het kunt.

Voor de zomerpauze liet je een paar steken vallen. Hoe laat je dat niet aan je zelfvertrouwen vreten?

Vettel: Niet blijven hangen bij de vorige koers, dat is het recept. Natuurlijk ben ik niet blij als ik de overwinning uit handen geef, maar in Formule 1 is de uitslag de enige waarheid. Als Jenson Button in Canada wint en Sebastian Vettel is tweede, dan is dat omdat Button en McLaren beter hebben gewerkt dan Vettel en Red Bull.

Je hoort wel eens dat het gemakkelijk is voor Vettel, met die ongenaakbare Red Bull. Vettel: Het was in alle opzichten een uniek seizoen. De auto liet me bijna nooit in de steek, als team maakten we geen strategische fouten. Maar ze vertrouwen je ook niet zomaar een Ferrari of Red Bull toe. Een coureur heeft altijd de auto die hij verdient.

Is het met die auto's van nu makkelijker rijden dan vroeger? Vettel: Het grote verschil met vroeger is dat we nu makkelijker op de limiet rijden. Twintig jaar geleden waren de auto's veel grilliger. Als je in de ene ronde op de limiet door een bocht ging, wist je niet altijd dat het in de volgende ronde opnieuw zou lukken. Nu is die zekerheid groter. Maar ieder van ons weet hoe het aanvoelt om over de limiet te gaan en te crashen. Op televisie lijkt het alsof die kerel achter het stuur gewoon wacht tot het ding tot stilstand komt. Maar ik kan je zeggen dat ik bij zo een smak niet gewoon zit te wachten. Ik zit alleen maar te bidden dat het allemaal goed afloopt.

Jo Bossuyt

Sebastian Vettel werd voor de tweede keer op rij wereldkampioen Formule 1. Dat was een makkie. Daarna zat hij oog in oog met Knack. Gele vlag. "Het blijft raar aanvoelen, een held zijn", zegt hij. "In november werd ik in Heppenheim ingehaald als een vorst. Terwijl ik daar ben opgegroeid, naar de bakker ging en naar school. Eigenlijk kende ik veel van die mensen die op straat waren gekomen. Ja, het voelde zeer onwennig." We zitten tegenover Sebastian Vettel en merken: hij is een uitzondering. Formule 1-coureurs veranderen immers snel, sluiten zich af, worden arrogant en praten alleen nog in gemeenplaatsen. Sebastian Vettel niet. De jongste winnaar ooit van een F1-race, de jongste wereldkampioen in de geschiedenis, en nu ook de jongste tweevoudige wereldkampioen ooit zit tegenover ons zoals we hem vier jaar geleden leerden kennen: spontaan, enthousiast, geen kapsones, een jongenslach om de twee zinnen. Je domineerde het seizoen op indrukwekkende wijze. Terwijl iedereen na je eerste wereldtitel een terugval verwachtte. Sebastian Vettel: Je moet een ideale mix vinden die je het gevoel geeft dat je goed in je vel zit en dat je op honderd procent van je kunnen presteert. Je mag nooit uit de auto stappen met de indruk dat je eigenlijk beter had kunnen doen. En je leert uit je ervaring. In vergelijking met vorig jaar was ik niet sneller, maar ik bleef wel veel rustiger en geconcentreerder. Dat is het voordeel van een wereldtitel te hebben: je hebt al eens bewezen dat je het kunt. Voor de zomerpauze liet je een paar steken vallen. Hoe laat je dat niet aan je zelfvertrouwen vreten? Vettel: Niet blijven hangen bij de vorige koers, dat is het recept. Natuurlijk ben ik niet blij als ik de overwinning uit handen geef, maar in Formule 1 is de uitslag de enige waarheid. Als Jenson Button in Canada wint en Sebastian Vettel is tweede, dan is dat omdat Button en McLaren beter hebben gewerkt dan Vettel en Red Bull. Je hoort wel eens dat het gemakkelijk is voor Vettel, met die ongenaakbare Red Bull. Vettel: Het was in alle opzichten een uniek seizoen. De auto liet me bijna nooit in de steek, als team maakten we geen strategische fouten. Maar ze vertrouwen je ook niet zomaar een Ferrari of Red Bull toe. Een coureur heeft altijd de auto die hij verdient. Is het met die auto's van nu makkelijker rijden dan vroeger? Vettel: Het grote verschil met vroeger is dat we nu makkelijker op de limiet rijden. Twintig jaar geleden waren de auto's veel grilliger. Als je in de ene ronde op de limiet door een bocht ging, wist je niet altijd dat het in de volgende ronde opnieuw zou lukken. Nu is die zekerheid groter. Maar ieder van ons weet hoe het aanvoelt om over de limiet te gaan en te crashen. Op televisie lijkt het alsof die kerel achter het stuur gewoon wacht tot het ding tot stilstand komt. Maar ik kan je zeggen dat ik bij zo een smak niet gewoon zit te wachten. Ik zit alleen maar te bidden dat het allemaal goed afloopt. Jo Bossuyt