Eén jaar nadat ze in Brussel het werelduurrecord op 18.930 meter bracht, wilde Hassan het wereldrecord op de 10.000 meter aanvallen in het Koning Boudewijnstadion. Op 6 juni, in de aanloop naar Tokio, deed ze dat al een keer met succes in Hengelo. Met 29.06.82 dook de Nederlandse toen 10 seconden (!) onder de toptijd die de Ethiopische Almaz Ayana op de Olympische Spelen van Rio liep.
...

Eén jaar nadat ze in Brussel het werelduurrecord op 18.930 meter bracht, wilde Hassan het wereldrecord op de 10.000 meter aanvallen in het Koning Boudewijnstadion. Op 6 juni, in de aanloop naar Tokio, deed ze dat al een keer met succes in Hengelo. Met 29.06.82 dook de Nederlandse toen 10 seconden (!) onder de toptijd die de Ethiopische Almaz Ayana op de Olympische Spelen van Rio liep.Twee dagen later was Hassan dat record evenwel alweer kwijt. Letesenbet Gidey, ook een Ethiopische, liep op dezelfde piste in Hengelo nog sneller (29.01.03). Het doel in Brussel was dan ook: voor het eerst onder de magische grens van 29 minuten duiken. Hassan, olympisch kampioene op de 10.000 meter in Tokio, waar Gidey zilver haalde, heeft het in de benen, maar uiteindelijk bleek de zomer toch té slopend en ziet ze van haar recordpoging af. In plaats daarvan zal ze de mijl lopen.Voor ze de Memorial voorbereidde met trainingen op hoogte in Sankt Moritz viel Hassan in de VS tijdens de Prefontaine Classic in Eugene het wereldrecord op de 5000 meter aan. Haar eindtijd van 14.27.89 was een seizoensbeste, maar ruim boven het record van Gidey, dat op 14.06.62 staat. Atleten zijn ook maar mensen en na de intense voorbereiding op de Spelen en de prestaties daar, raakte ook bij hen de tank leeg. Vooral omdat wat Hassan in Japan deed in de helse weersomstandigheden van Tokio al bovenaards was. 30 juli: reeksen 5000 meter 2 augustus: reeksen 1500 meter. Finale 5000 meter. 4 augustus: halve finales 1500 meter. 6 augustus: finale 1500 meter. 7 augustus: finale 10.000 meter. Dat was het hectische schema dat Sifan Hassan zichzelf tijdens de voorbije Olympische Spelen oplegde: zes keer knallen op acht dagen tijd, telkens aan een tempo van boven de 20 kilometer per uur. U moet het zelf maar eens proberen op een piste. Een rondje volstaat. Uw respect voor deze frêle Nederlandse zal er alleen maar door groeien. De combinatie 5000 en 10.000 meter komt wel vaker voor, Mo Farah, haar trainingsmaatje in de VS en Ethiopië, deed het haar al voor op de Spelen. Maar daar bovenop ook de 1500 meter, dat is ongezien in de atletiek. Die afstand is nagenoeg één langgerekte tempoloop/spurt, veelal in verzuring gelopen. Dat drie keer (reeksen, halve finales en finale) in combinatie met de beide lange afstanden: een gigantische taak in de hitte van Japan. Zeker toen ze ook nog een keer in de reeksen van de 1500 meter struikelde en viel. Karma. Uitgerekend die ochtend had haar trainer, de Amerikaan Tim Rowberry, haar een appje gestuurd met wat aanmoedigingen. Hij gebruikte daarvoor een citaat van Paulo Coelho uit diens bekende De Alchemist: 'Het geheim van het leven is dat je zeven keer valt en acht keer rechtstaat.' Zo letterlijk had Rowberry het ook niet bedoeld. Het was Hassans beslissing om als eerste vrouw ooit - de BBC noemde haar na afloop van haar laatste wedstrijd niet voor niets The Greatest - die drie afstanden te proberen. Maar Rowberry zal allicht ook zijn invloed in dat proces hebben gehad. De Amerikaan, zelf ooit een goed loper, gelooft al heel lang in een multidisciplinaire aanpak. In Hassan vond hij een gelijkgestemde ziel. De Nederlandse houdt van uitdagingen en had het talent - lees: voldoende basissnelheid. In Doha, op het WK, lukte het een eerste keer: Hassan won er in 2019 de 1500 én de 10.000 meter. In moeilijke omstandigheden zelfs: op hetzelfde moment leerde de atletiekwereld dat haar coach, Alberto Salazar, een dopingschorsing kreeg. Zijn trainingsprogramma in Oregon, in de schoot van Nike waar ook Rowberry deel van uitmaakte, kwam meteen zwaar onder vuur te liggen. Het is in Nederland dat Sifan Hassan haar talent voor lopen ontdekte en ontwikkelde. Haar jeugd bracht ze door op het Ethiopische platteland, op de boerderij van haar moeder. De banden met haar vader zou ze pas later aanhalen. Daar ontdekte ze dat hij ook snel is, op de korte afstanden weliswaar. Toen ze tiener werd, nam haar oma, die in Addis Abeba woonde, de zorg van haar mama over. Waarom ze op haar vijftiende een vlucht naar Nederland nam en daar asiel aanvroeg, daarover blijft Hassan altijd vaag, hoe hard Nederlandse journalisten ook polsen in interviews. 'Er zijn dingen gebeurd', veel meer zegt ze niet. Mensen zijn er gestorven omdat ze vrijheid wilden. Ze heeft geleerd dingen weg te duwen, klinkt het, al merkten haar trainers wel vaak dat ze blokkeerde in de wedstrijden die ze liep wanneer ze pas terug was uit het land. Soms is ze happy, soms down. Het leven bestaat uit golfbewegingen, zo omschreef ze het begin dit jaar nog. Nederland bood haar vanaf 2008 een nieuwe toekomst. Eerst kwam ze er terecht in Zuidlaren, in een beschermde omgeving voor minderjarige asielzoekers. Ze ervoer het als een gevangenis, waar ze acht maanden lang elke dag huilde. Daarna verhuisde ze naar Leeuwarden, waar ze tegen een begeleider zei dat ze graag aan atletiek zou doen. Hij bracht haar in contact met een club. Omdat ze alleen oude sportschoenen had, en geen geld om spikes te kopen, kreeg ze die van de club. Ze ontdekten er een klein, angstig meisje dat wat moeite had om mensen te vertrouwen. Pas na een tijdje bloeide ze open, getuigde een trainer in de krant in de aanloop naar Tokio. Helemaal openbloeien deed ze later in Eindhoven, waar ze kon trainen in het gezelschap van andere atleten van Ethiopische afkomst. Ze kwam in die stad terecht omdat ze als achttienjarige op een zelfstandige woonruimte kon rekenen en ging studeren: verpleegkunde. Haar levensomstandigheden bleven spartaans. In haar flatje had ze een tas met kleren en op de grond een matras, maar de drive was groot. Toen al sprak ze binnen de club en tegen haar trainers over deelnemen aan de Olympische Spelen. Omdat haar talent steeds duidelijker werd, kwam ze nog wat later in Papendal terecht, bij Arnhem. Daar kweekt Nederland zijn topatleten. Er werd werk gemaakt van haar Nederlands paspoort dat ze in 2013 kreeg. In 2015 kon ze daarmee naar het EK, waar ze al meteen schitterde: ze won goud op de 1500 meter en zilver op de 5000 meter. Toen de Spelen in Rio eindigden met een ontgoocheling, 'slechts' vijfde op de 5000 meter, koos ze voor de VS en Salazar als nieuwe trainer. In Tokio kwam alles samen: trainingsarbeid, het afzien, de lange weg naar succes via ontzettend harde trainingen. Haar nomadenbestaan ook. Trainen, rusten, vliegen, jaren na mekaar. Ze is een harde tante, getuigt Rowberry. Een hoge pijngrens ook. De jaren hebben haar wel milder gemaakt. Nederlandse trainers kregen wel eens af te rekenen met boze buien als een wedstrijd niet naar haar zin was geweest. Een keer was ze zelfs twee weken totaal onbereikbaar. Rowberry getuigde vorige maand in Tokio dat ze nu anders is. Dat lange verblijf en de hernieuwde band met thuis heeft haar focus veranderd. Nog steeds een willetje - ze noemde zichzelf dit voorjaar nog een raar mensje - maar mentaal stabieler, nu ze weet dat ze niet langer alleen voor alles moet instaan. Haar kalm houden in elke situatie, daar hadden ze de voorbije maanden hard aan gewerkt, zei Rowberry toen hij half augustus het olympische parcours van Hassan in Tokio nog eens overliep. Maandag 2 augustus was de spannendste dag: toen moest ze op tien uur tijd twee races lopen. Bij de tweede, de finale van de 5000 meter, kwam ze met stijve spieren aan de start. Had de valpartij eerder die dag haar kansen op goud verknald? Neen, zo bleek 's avonds. Ze maakte de verwachtingen waar en werd een eerste keer olympisch kampioen. Haar eindspurt, zei ze achteraf, moest van diep komen, maar ze is met pijn bekend. Haar laatste loopje op training was ook altijd haar beste, klonk het in de pers. 'Omdat ik weet dat ik dan kan gaan liggen.' Door interviews, dopingcontrole en nog een massage lag ze die nacht niet voor vieren in bed. We kunnen niet dapper zijn zonder angst, postte ze op Instagram. Een quote van Muhammad Ali. Op vrijdag stond ze in haar tweede finale. Daarin bleek ze een atlete die ook verkeerde inschattingen kan maken: er stond veel wind in het stadion en door op kop te lopen verspeelde Hassan de energie die ze in de slotronde van de 1500 meter miste. Geen goud dit keer, wel brons. Een dag later maakte ze alles goed met nieuw goud op de 10.000 meter. De eindspurt was verschroeiend maar had veel van haar gevergd. Haar tegenstandster wankelde na afloop, zij was er niet veel beter aan toe. Ze viel over de lijn, kroop naar de kant, had water nodig en ijs om haar voorhoofd en voeten af te koelen. Even later barstte ze in tranen uit. Zij, die niet emotioneel is, besefte dan pas hoevel energie alles had gekost. En ze was blij dat het voorbij was. Wat vieringen later kon ze eindelijk gehoor geven aan haar diepste wens: slapen.