Boksclub Golden Gloves is de grootste van Vlaanderen en mikt zowel op een recreatieve als professionele invulling van zijn ledenbestand. Elk jaar organiseren ze een aantal boksevenementen in hun voor 500 man plaats biedende zaal op de Galvestonsite te Wondelgem (net buiten Gent), waarbij amateurkampen gecombineerd worden met enkele profkampen. Zoals afgelopen zaterdag. Sport/Voetbalmagazine trok er naar toe om de sfeer op te snuiven.
...

Boksclub Golden Gloves is de grootste van Vlaanderen en mikt zowel op een recreatieve als professionele invulling van zijn ledenbestand. Elk jaar organiseren ze een aantal boksevenementen in hun voor 500 man plaats biedende zaal op de Galvestonsite te Wondelgem (net buiten Gent), waarbij amateurkampen gecombineerd worden met enkele profkampen. Zoals afgelopen zaterdag. Sport/Voetbalmagazine trok er naar toe om de sfeer op te snuiven.Wat we zagen, hoorden en voelden, smaakte naar meer. Toegegeven, journalistiek gezien niet de handigste techniek om je conclusie al meteen zo snel prijs te geven, maar sta ons toe te verduidelijken waarom de bokssport uw aandacht verdient. Boksgala's, zeker op kleinschalig niveau, hebben alles waar de Vlaamse sportliefhebber zo naar verlangt: een volks aspect zoals dat in het wielrennen te vinden is, authentieke figuren met elk een bijzonder verhaal of achtergrond, heldhaftigheid en verrassende, onverwachte wendingen. Bier, cava, emoties en een enthousiaste deejay om de avond af te sluiten. Ja maar, is boksen dan niet een tikkeltje te gewelddadig om zomaar te promoten als volkse activiteit? Een opmerking die vaak weerkeert. Toegegeven, we stelden ons dezelfde vraag. Wat echter opviel tijdens het boksgala van Golden Gloves is het eerlijke sportsmanship tussen de atleten. Het doel van de sport is de ander op zijn gezicht te timmeren of hem minstens met een goedgemikte peer in de zij tegen het canvas te krijgen, dat klopt, maar zodra de scheidsrechter ingrijpt, stoppen beide gladiatoren. Zodra de kamp gedaan is, geven ze elkaar een respectvolle omhelzing. Zodra een winnaar bekend is, feliciteren ze elkaar - ongeacht of ze het eens zijn met het oordeel van de jury. In veel opzichten is deze gevechtssport eigenlijk een nobelere sportdiscipline dan het geniepige van totale fair play gespeende (top)voetbal.Afgelopen weekend zagen we acht amateurkampen en één profkamp (Kevin Vanderheyden versus Zoran Cvek) in verschillende gewichtscategorieën. Twee daarvan blijven nog lange tijd door ons hoofd spoken. In de categorie tot 63 kg stond thuisbokser Lorenzo Popojin in de ring tegen Jonatan Dhont van boksclub Asse. Een ongelijke strijd tussen David en Goliath zo bleek meteen. Jonatan stond als een ongenaakbare keizer in de spotlights en deelde de ene mokerslag na de andere uit, Lorenzo's coach greep in en gooide uiteindelijk de handdoek. De kamp werd stopgezet. De hele zaal leefde mee met die moedige maar kansloze Lorenzo. Wat drijft zo een jongen? Voelt hij die angst en onmacht wanneer hij daar in zijn eentje, met 400 paar ogen op hem gericht, tegen een grotere en sterkere rivaal staat? Een dik uur na zijn kamp zien we Lorenzo beduusd en met een joekel van een blauw oog in een hoekje toekijken. We stellen hem de vragen die op onze lippen branden. 'Goh, dat oog valt wel mee, vannacht een ijsmasker op en tegen morgen is dat beter', haalt hij zijn schouders op. Angst had hij niet, beweert Lorenzo. Integendeel, de bokssport heeft hem net de durf geschonken om het leven met opgeheven hoofd tegemoet te treden, vertelt hij. 'Elf jaar geleden heeft mijn mama me op haar sterfbed -ze had botkanker- gevraagd om een gevechtssport te beginnen. Ik was een veel te verlegen kereltje, durfde met niemand spreken. Via het boksen leerde ik voor mezelf opkomen en nu kan ik hier met jou praten. Dat zou ik vroeger nooit gekund hebben.' En zijn vader, wat vindt die ervan dat zijn zoon gehavend uit zulke strijd komt? 'Mijn pa is één keer komen kijken, maar hij werd te agressief als hij zijn zoon klappen zag krijgen, dus nu blijft hij thuis. Hij is het ondertussen gewend dat ik 's nachts met een ijsmasker in bed lig.'Dat soort diepmenselijke verhalen vallen op eender welk boksgala te rapen. De agressie en het haantjesgedrag die onherroepelijk met de sport gepaard gaan, worden ruimschoots gecompenseerd door de kwetsbaarheid en eerlijkheid van de sport. Er ontstaat een verbond tussen twee boksers die tegenover elkaar in de ring staan. Stoer, maar kwetsbaar. Beiden zeer goed begrijpend dat hun leven er - letterlijk - van afhangt. De tweede kamp die ons bijblijft, is die tussen Victor Schelstraete en de Kroaat Marko Bartovic. Schelstraete is de publiekstrekker van Golden Gloves: een beau garçon, welbespraakt en een magistrale atleet. Hij moet een van de speerpunten worden van onze Belgische selectie richting Olympische Spelen van Tokio in 2020. Een tikje hautain in de ring, maar aimabel en toegankelijk erbuiten. 'Dat hij groot op de affiche staat, hielp mee om deze zaal te vullen', vertelt Dirk Wittevrongel, voorzitter van Golden Gloves en organisator van het evenement. 'We merken dat de populariteit van de bokssport stijgende is. Mensen van velerlei pluimage komen er op af.'We zien in het publiek effectief brave verkopers naast ontzagwekkende Hell's Angels zitten. Opgedirkte vrouwen naast gepensioneerde boksliefhebbers. Wanneer een bokser uithaalt of nipt een slag kan ontwijken, gaan de handen voor de mond en wordt vervolgens een zucht van opluchting gedeeld door het begeesterde publiek. Er wordt meegeleefd, zowel met de winnaars als de verliezers. De charme van sport en net daarom kan boksen het nieuwe veldrijden worden. Politici, advocaten, BV's (zoals in de VTM-reeks Boxing Stars): velen ontdekken of ontdekten al de geneugten van het boksen. Wordt 2018 het jaar dat ook Jan Modaal volgt?