Stootte in 2015 met brons op de Masters, het EK én het WK door tot de wereldtop. Technisch heel veelzijdig, leerde door zijn trainer Damiano Martinuzzi slimmer en tactischer vechten en van zijn psycholoog ook zijn agressiviteit, emoties en focus voor en tijdens een kamp te kanaliseren. Grote persoonlijkheid en geboren kampioen, die naar eigen zeggen zelden last heeft van druk. Een vechter ook: veroverde op het WK, ondanks bijna ondraaglijke armkrampen, toch brons.

Die krampen bleken het gevolg van een compartimentsyndroom, een verstoring van de bloedtoevoer. Daaraan werd de Brusselaar in november 2015 geopereerd, maar toch kreeg hij dit jaar opnieuw last van de armen. Op een slecht moment: in de finale van het EK, waar Nikiforov tot zijn grote ontgoocheling verloor van de Nederlander Henk Grol. Niettemin de bevestiging dat hij er op kampioenschappen altijd staat, na nochtans een slechte seizoenstart met vroege uitschakelingen in Havana en Parijs (en hij zelfs even aan zichzelf twijfelde).

Het probleem met de armen is echter niet van de baan, want de judoka blijkt nu te sukkelen met het Carpaletunnelsyndroom, een geknelde polszenuw. Een operatie zal hij pas ondergaan na Rio, tot dan zal hij met infiltraties en ijs krampen proberen te vermijden. Daarvan ondervindt Nikiforov wel pas hinder na drie, vier kampen, zoals in de EK-finale.

Als hij ook op de Spelen zo ver wil raken of een (gouden) medaille wil pakken, dan zal de Brusselaar allicht voorbij (een van) zijn twee boemannen moeten: de Tsjech Lukas Krpálek, van wie hij in 2015 vier keer verloor, onder meer in de kwartfinale van het WK, en de Japanse wereldkampioen Ryunosuke Haga, die hem in 2015 tweemaal klopte op kleinere toernooien.

De Bulgaarse Belg is, in tegenstelling tot Van Snick, wel als achtste geplaatst en dus reekshoofd. In de eerste twee rondes zou hij normaal gezien moeten kunnen afrekenen met de Iraniër Mahjoub (nummer 27 van de wereld) en daarna met de winnaar van de kamp tussen de Georgiër Gviniashvili (13) en de Brit Fletcher (30).

In een mogelijke kwartfinale wacht de nummer twee op de wereldranking: Cyrille Maret, de Fransman die hij klopte voor het brons op het WK en met wie hij op voet van oorlog leeft. Een zéér interessante kamp dus. Maar zelfs dan is een medaille geen garantie, maar daarna zal Nikiforov allicht nog voorbij andere kleppers als Krpálek en Haga, of de Azerbeidjaanse nummer één van de wereld, Elmar Gazimov, moeten.

Als Nikiforov tactisch bij de les blijft, en geen last ondervindt van zijn armen, is véél mogelijk.

Kans op goud: 15%, kans op medaille: 33%.

Competitie: donderdag 11 augustus, eerste ronde tot kwartfinale vanaf 15 uur, halve finales en finale vanaf 20.30 uur.

Stootte in 2015 met brons op de Masters, het EK én het WK door tot de wereldtop. Technisch heel veelzijdig, leerde door zijn trainer Damiano Martinuzzi slimmer en tactischer vechten en van zijn psycholoog ook zijn agressiviteit, emoties en focus voor en tijdens een kamp te kanaliseren. Grote persoonlijkheid en geboren kampioen, die naar eigen zeggen zelden last heeft van druk. Een vechter ook: veroverde op het WK, ondanks bijna ondraaglijke armkrampen, toch brons.Die krampen bleken het gevolg van een compartimentsyndroom, een verstoring van de bloedtoevoer. Daaraan werd de Brusselaar in november 2015 geopereerd, maar toch kreeg hij dit jaar opnieuw last van de armen. Op een slecht moment: in de finale van het EK, waar Nikiforov tot zijn grote ontgoocheling verloor van de Nederlander Henk Grol. Niettemin de bevestiging dat hij er op kampioenschappen altijd staat, na nochtans een slechte seizoenstart met vroege uitschakelingen in Havana en Parijs (en hij zelfs even aan zichzelf twijfelde).Het probleem met de armen is echter niet van de baan, want de judoka blijkt nu te sukkelen met het Carpaletunnelsyndroom, een geknelde polszenuw. Een operatie zal hij pas ondergaan na Rio, tot dan zal hij met infiltraties en ijs krampen proberen te vermijden. Daarvan ondervindt Nikiforov wel pas hinder na drie, vier kampen, zoals in de EK-finale.Als hij ook op de Spelen zo ver wil raken of een (gouden) medaille wil pakken, dan zal de Brusselaar allicht voorbij (een van) zijn twee boemannen moeten: de Tsjech Lukas Krpálek, van wie hij in 2015 vier keer verloor, onder meer in de kwartfinale van het WK, en de Japanse wereldkampioen Ryunosuke Haga, die hem in 2015 tweemaal klopte op kleinere toernooien.De Bulgaarse Belg is, in tegenstelling tot Van Snick, wel als achtste geplaatst en dus reekshoofd. In de eerste twee rondes zou hij normaal gezien moeten kunnen afrekenen met de Iraniër Mahjoub (nummer 27 van de wereld) en daarna met de winnaar van de kamp tussen de Georgiër Gviniashvili (13) en de Brit Fletcher (30). In een mogelijke kwartfinale wacht de nummer twee op de wereldranking: Cyrille Maret, de Fransman die hij klopte voor het brons op het WK en met wie hij op voet van oorlog leeft. Een zéér interessante kamp dus. Maar zelfs dan is een medaille geen garantie, maar daarna zal Nikiforov allicht nog voorbij andere kleppers als Krpálek en Haga, of de Azerbeidjaanse nummer één van de wereld, Elmar Gazimov, moeten.Als Nikiforov tactisch bij de les blijft, en geen last ondervindt van zijn armen, is véél mogelijk.