Een EK atletiek, een maand voor de Spelen, is altijd een apart kampioenschap. Veel atleten die zich sparen, of als ze starten (nog) niet in piekconditie verkeren. Toch is het voor hen een belangrijke test richting Rio, ook voor de Belgische toppers.

Zoals discuswerper Philip Milanov, vorig jaar zilver op het WK, en dit jaar goed voor een nieuw Belgisch record (67,26 meter). Daarmee staat hij wel pas vijfde op de door de Europeanen gedomineerde wereldranglijst, maar de vier discuswerpers die hem voorafgaan zitten met hun beste worp dit jaar binnen dezelfde meter. Voor de Bruggeling wordt het vooral zaak om de voor hem mentaal altijd moeilijke kwalificaties te overleven. In de finale is dan alles mogelijk.

Andere medaillekandidaat: Kevin Borlée. Met zijn 45.17, gelopen in Kingston, heeft hij de tweede beste starttijd in Amsterdam, na de Italiaan Matteo Galvan (45.12). De enige Europeaan die dit jaar onder de 45 seconden dook, de Brit Matthew Hudson-Smith (44.88), blijft immers thuis. Helemaal zeker was echter Borlées deelname nog niet voor de deadline van dit magazine, net als die van broer Jonathan, want die zoekt (geplaagd door blessures) naar zijn topvorm. Niettemin moeten zij, samen met Julien Watrin en Robin Vanderbemden (verrassend één en twee op het jongste BK, vóór Jonathan en Dylan Borlée), hun Europese titel op de 4x400 meter van 2012 kunnen verlengen - ze zijn het aan hun status verplicht.

Nafi Thiam won op het laatste EK, in het niet-olympische jaar 2014, brons op de zevenkamp, maar treedt nu alleen aan in het hoogspringen. Met een evenaring van haar Belgisch record (1m97) kan ze, in een deelnemersveld zonder verbannen Russische toppers, weer in de medailles eindigden. Dat geldt ook voor Anne Zagré op de 100 meter horden, maar dan moet ze haar beste seizoenstijd (12.93) flink verbeteren, tot in de buurt van haar Belgisch record (12.71).

Nog meer do or die is het voor tienkampers Hans van Alphen, Niels Pitomvils en Thomas Van der Plaetsen, want het EK is hun laatste kans om (na veel blessureleed) het olympisch minimum van 8100 punten te halen.

Een EK atletiek, een maand voor de Spelen, is altijd een apart kampioenschap. Veel atleten die zich sparen, of als ze starten (nog) niet in piekconditie verkeren. Toch is het voor hen een belangrijke test richting Rio, ook voor de Belgische toppers.Zoals discuswerper Philip Milanov, vorig jaar zilver op het WK, en dit jaar goed voor een nieuw Belgisch record (67,26 meter). Daarmee staat hij wel pas vijfde op de door de Europeanen gedomineerde wereldranglijst, maar de vier discuswerpers die hem voorafgaan zitten met hun beste worp dit jaar binnen dezelfde meter. Voor de Bruggeling wordt het vooral zaak om de voor hem mentaal altijd moeilijke kwalificaties te overleven. In de finale is dan alles mogelijk.Andere medaillekandidaat: Kevin Borlée. Met zijn 45.17, gelopen in Kingston, heeft hij de tweede beste starttijd in Amsterdam, na de Italiaan Matteo Galvan (45.12). De enige Europeaan die dit jaar onder de 45 seconden dook, de Brit Matthew Hudson-Smith (44.88), blijft immers thuis. Helemaal zeker was echter Borlées deelname nog niet voor de deadline van dit magazine, net als die van broer Jonathan, want die zoekt (geplaagd door blessures) naar zijn topvorm. Niettemin moeten zij, samen met Julien Watrin en Robin Vanderbemden (verrassend één en twee op het jongste BK, vóór Jonathan en Dylan Borlée), hun Europese titel op de 4x400 meter van 2012 kunnen verlengen - ze zijn het aan hun status verplicht.Nafi Thiam won op het laatste EK, in het niet-olympische jaar 2014, brons op de zevenkamp, maar treedt nu alleen aan in het hoogspringen. Met een evenaring van haar Belgisch record (1m97) kan ze, in een deelnemersveld zonder verbannen Russische toppers, weer in de medailles eindigden. Dat geldt ook voor Anne Zagré op de 100 meter horden, maar dan moet ze haar beste seizoenstijd (12.93) flink verbeteren, tot in de buurt van haar Belgisch record (12.71). Nog meer do or die is het voor tienkampers Hans van Alphen, Niels Pitomvils en Thomas Van der Plaetsen, want het EK is hun laatste kans om (na veel blessureleed) het olympisch minimum van 8100 punten te halen.