Bart Vertenten werd op 16 oktober aangehouden en in verdenking gesteld van criminele organisatie en private corruptie in het onderzoek naar een criminele organisatie, witwaspraktijken en private corruptie in het Belgische voetbal. Nadat de raadkamer in Tongeren zijn aanhouding bevestigd had, diende Hans Rieder, de advocaat van Vertenten, een wrakingsverzoek in. Hij was van mening dat onderzoeksrechter Joris Raskin niet meer objectief en onpartijdig te werk kon gaan, omdat hij bij de start van het onderzoek nog lid was van de licentiecommissie van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB). Het Antwerpse hof van beroep oordeelde op 12 november dat de jarenlange functie van Raskin binnen de KBVB inderdaad een schijn van partijdigheid kan doen ontstaan bij de publieke opinie en besliste om hem van het onderzoek te halen. Enkele dagen later verscheen Bart Vertenten opnieuw voor de kamer van inbeschuldigingstelling, die hem onder voorwaarden vrijliet. In dat arrest had de KI ook gesteld dat de onderzoeksrechter onafhankelijk en onpartijdig handelde toen hij besliste om Bart Vertenten aan te houden en dat het bevel tot aanhouding dus regelmatig was. Die overweging was voor Vertentens advocaat reden om in cassatie te gaan, maar dat cassatieberoep is verworpen. (Belga)

Bart Vertenten werd op 16 oktober aangehouden en in verdenking gesteld van criminele organisatie en private corruptie in het onderzoek naar een criminele organisatie, witwaspraktijken en private corruptie in het Belgische voetbal. Nadat de raadkamer in Tongeren zijn aanhouding bevestigd had, diende Hans Rieder, de advocaat van Vertenten, een wrakingsverzoek in. Hij was van mening dat onderzoeksrechter Joris Raskin niet meer objectief en onpartijdig te werk kon gaan, omdat hij bij de start van het onderzoek nog lid was van de licentiecommissie van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB). Het Antwerpse hof van beroep oordeelde op 12 november dat de jarenlange functie van Raskin binnen de KBVB inderdaad een schijn van partijdigheid kan doen ontstaan bij de publieke opinie en besliste om hem van het onderzoek te halen. Enkele dagen later verscheen Bart Vertenten opnieuw voor de kamer van inbeschuldigingstelling, die hem onder voorwaarden vrijliet. In dat arrest had de KI ook gesteld dat de onderzoeksrechter onafhankelijk en onpartijdig handelde toen hij besliste om Bart Vertenten aan te houden en dat het bevel tot aanhouding dus regelmatig was. Die overweging was voor Vertentens advocaat reden om in cassatie te gaan, maar dat cassatieberoep is verworpen. (Belga)