Daags na de aankomst bovenop Col de la Loze kreeg het Tourpeloton geen respijt: tijdens de 175 kilometer tussen Méribel en La Roche-sur-Foron moesten vijf beklimmingen in de Alpen overwonnen worden tijdens rit 18. Omdat de aankomst deze keer in de vallei lag, inspireerde dat de vluchters. Thomas De Gendt trok al na enkele kilometers een omvangrijke vlucht van 32 renners op gang. Voorin niet alleen groene trui Sam Bennett, die aan de tussenspurt opnieuw een goeie zaak deed voor eindwinst in het puntenklassement, maar ook verscheidene sterke klimmers. Na de Cormet de Roselend, de eerste beklimming van de dag, gingen ze met vijf vanuit de kopgroep naar de leiding: Richard Carapaz, Michal Kwiatkowski, Nicolas Edet, Pello Bilbao en Marc Hirschi. Hun voorsprong liep op tot acht minuten, op een peloton geleid door de ploegmaats van gele trui Roglic. Hirschi viel voorin letterlijk weg in de afdaling van de Col des Saisies, en bergop konden Edet en Bilbao het hoge tempo van het Ineos-duo niet blijven houden. Carapaz nam onderweg net voldoende bergpunten om de bolletjestrui over te nemen van Pogacar, en gunde op de aankomst de zege aan Kwiatkowski, de knecht van alle werk bij Ineos. Op zijn dertigste won de Poolse oud-wereldkampioen zo voor het eerst in zijn carrière een etappe in een grote ronde. Bij de klassementsrenners bewoog één en ander tijdens de steile beklimming van de Montée du Plateau des Glières, de laatste col van de dag. Mikel Landa zette een aanval op, maar die strandde net voor de top. Hij bracht wel Rigoberto Uran en Simon Yates in de problemen, die op de streep bijna drie minuten moesten toegeven op de andere klassementsrenners en zo uit de top zes van het klassement duikelden ten voordele van Landa en Enric Mas. Het pantser van Roglic vertoonde geen barsten. Integendeel: hij nam op de gravelstrook na de top van de Glières zelf de koers in handen. Na verloop van tijd kon zowel Richie Porte (na een lekke band) als de geloste Wout van Aert weer komen aansluiten in de groep van de geletruidrager. Van Aert won daar nog met brio de sprint voor de derde plaats, en nam zo de bonificatieseconden weg. Al was het Roglic zelf die Pogacar uiteindelijk van de vierde plek hield. In de stand heeft Roglic 57 seconden voorsprong op zijn eerste achtervolger Pogacar, en 1:27 op de derde man, de Colombiaan Miguel Angel Lopez. Zij moeten nog drie ritten zien stand te houden, waaronder de belangrijke tijdrit naar La Planche des Belles Filles op zaterdag. Vrijdag wacht eerst nog een golvende etappe van 166 kilometer tussen Bourg-en-Bresse en Champagnole. Die biedt kansen aan de sprinters en de vluchters. (Belga)

Daags na de aankomst bovenop Col de la Loze kreeg het Tourpeloton geen respijt: tijdens de 175 kilometer tussen Méribel en La Roche-sur-Foron moesten vijf beklimmingen in de Alpen overwonnen worden tijdens rit 18. Omdat de aankomst deze keer in de vallei lag, inspireerde dat de vluchters. Thomas De Gendt trok al na enkele kilometers een omvangrijke vlucht van 32 renners op gang. Voorin niet alleen groene trui Sam Bennett, die aan de tussenspurt opnieuw een goeie zaak deed voor eindwinst in het puntenklassement, maar ook verscheidene sterke klimmers. Na de Cormet de Roselend, de eerste beklimming van de dag, gingen ze met vijf vanuit de kopgroep naar de leiding: Richard Carapaz, Michal Kwiatkowski, Nicolas Edet, Pello Bilbao en Marc Hirschi. Hun voorsprong liep op tot acht minuten, op een peloton geleid door de ploegmaats van gele trui Roglic. Hirschi viel voorin letterlijk weg in de afdaling van de Col des Saisies, en bergop konden Edet en Bilbao het hoge tempo van het Ineos-duo niet blijven houden. Carapaz nam onderweg net voldoende bergpunten om de bolletjestrui over te nemen van Pogacar, en gunde op de aankomst de zege aan Kwiatkowski, de knecht van alle werk bij Ineos. Op zijn dertigste won de Poolse oud-wereldkampioen zo voor het eerst in zijn carrière een etappe in een grote ronde. Bij de klassementsrenners bewoog één en ander tijdens de steile beklimming van de Montée du Plateau des Glières, de laatste col van de dag. Mikel Landa zette een aanval op, maar die strandde net voor de top. Hij bracht wel Rigoberto Uran en Simon Yates in de problemen, die op de streep bijna drie minuten moesten toegeven op de andere klassementsrenners en zo uit de top zes van het klassement duikelden ten voordele van Landa en Enric Mas. Het pantser van Roglic vertoonde geen barsten. Integendeel: hij nam op de gravelstrook na de top van de Glières zelf de koers in handen. Na verloop van tijd kon zowel Richie Porte (na een lekke band) als de geloste Wout van Aert weer komen aansluiten in de groep van de geletruidrager. Van Aert won daar nog met brio de sprint voor de derde plaats, en nam zo de bonificatieseconden weg. Al was het Roglic zelf die Pogacar uiteindelijk van de vierde plek hield. In de stand heeft Roglic 57 seconden voorsprong op zijn eerste achtervolger Pogacar, en 1:27 op de derde man, de Colombiaan Miguel Angel Lopez. Zij moeten nog drie ritten zien stand te houden, waaronder de belangrijke tijdrit naar La Planche des Belles Filles op zaterdag. Vrijdag wacht eerst nog een golvende etappe van 166 kilometer tussen Bourg-en-Bresse en Champagnole. Die biedt kansen aan de sprinters en de vluchters. (Belga)