Het concept van het EK voor landenteams is simpel: elk land vaardigt één atleet af in elke discipline tot en met de 5.000 meter en kan zo punten verzamelen. Bij vorige edities bleken onze landgenoten zich meestal in de middenmoot van de First League te kunnen handhaven, maar dit jaar kan een dergelijk resultaat zware gevolgen hebben. Vier van de elf deelnemende landen degraderen namelijk naar de Second League, het komt erop aan minstens als zevende te finishen. Bij de vorige editie in 2017 waren de Belgen pas negende. Promoveren naar de Super League lijkt niet aan de orde voor België, zeker na de afzegging van de geblesseerden Nafi Thiam en Cynthia Bolingo enerzijds en de broers Borlée anderzijds. Thuisland Noorwegen, met de drie broers Ingebrigtsen en Karsten Warholm als uithangborden, zijn topfavoriet. Ook Nederland, dat bij de vorige editie nog in de Super League uitkwam, komt met een sterk team aan de start. Sterkhouders in de Belgische ploeg zijn Camille Laus (400m), Renée Eykens (800m), Robin Vanderbemden (200m), Jonathan Sacoor (400m), Isaac Kimeli (3.000m), Ben Broeders (polsstok) en Philip Milanov (discus en kogel). Waar hun aanwezigheid onze nationale ploeg zal brengen, is lastig te voorspellen. (Belga)