De advocaten mikken op de vernietiging of minstens de schorsing van die beslissing. Ze ontkennen dat Mortelmans ook maar op enige wijze aan competitievervalsing heeft deelgenomen, luidt het. "Het BAS en de Geschillencommissie Hoger Beroep voor het Profvoetbal (GHBP) spreken in hun oordeel enkel over interpretaties, veronderstellingen en hypotheses. (...) Er werd geen enkel hard bewijs aangevoerd, temeer daar er simpelweg geen hard bewijs voorhanden is", schrijven ze. De advocaten menen voorts dat het BAS en de GHBP geen enkele rechtsmacht hebben over hun cliënt aangezien die op geen enkel moment lid was van de KBVB. "Deze organen zijn geenszins opgericht bij wet, zodat ze per definitie niet onafhankelijk of onpartijdig kunnen optreden. Alleszins kunnen zij het recht op arbeid niet ontzeggen, in het bijzonder het uitoefenen van de professionele activiteiten van onze cliënt", klinkt het. Ze hekelen voorts het feit dat de beslissing van het BAS 310 bladzijden telt waarvan slechts 25 regels aan het oordeel van hun cliënt zijn besteed. "Op de diverse pertinente motieven opgeworpen tijdens de procedure voor het BAS en de GHBP werd niet eens geantwoord", besluiten de advocaten. In het tuchtdossier werd Mortelmans verweten dat hij enkele dagen voor de cruciale degradatiewedstrijd tussen KV Mechelen en Waasland-Beveren telefonisch contact had met Thierry Steemans, financieel directeur van KV Mechelen. Uit telefoontaps bleek dat Steemans had gevraagd of Olivier Myny, de toenmalige voetballer van Waasland-Beveren die in de portefeuille zat van Mortelmans bureau ISM, voluit zou spelen. Terloops werd ook gezegd dat KV Mechelen nog steeds interesse had in Myny. In januari sprong een overgang van de middenvelder van Waasland-Beveren naar het AFAS-stadion nog op het nippertje af. Steemans vroeg Mortelmans ook of Myny zich niet wat kon inhouden. De spelersmakelaar beloofde met Myny te gaan praten. (Belga)