Worst nam de beste start en had na de eerste ronde alleen nog Sels in het wiel. Achter dat duo leidde Brammeier de tegenaanval. Toen het tempo bij de leidsters stokte, maakten Brammeier, de Amerikaanse Kaitlin Keough, de Nederlandse Fleur Nagengast en Ellen Van Loy de aansluiting. Nog voor halfcross gingen Worst, Sels en Brammeier voor de rest uit rijden. Al snel moest Brammeier haar twee metgezellen laten rijden. Bij Sels en Worst was de verstandhouding opperbest. Hun voorsprong groeide zienderogen en ze trokken met een bonus van een halve minuut de slotronde in. Daarin slaagde Sels erin haar laatste concurrente van zich af te schudden. "Ik wist dat ik alleen moest toekomen, want in de sprint zou Worst me wel kloppen", verklaarde Sels. "Ik voelde dat Worst aan het stilvallen was en dat mijn kansen toenamen. Ik voelde me de hele wedstrijd goed. Op de rechte stukken was ik beter dan Worst, maar de technische stroken verliepen iets minder naar mijn zin." "Voor de eerste keer sinds lang kon ik nog eens pijnvrij fietsen. Na Namen kreeg ik last aan de rug en door de opvolging van crossen was er weinig recuperatie mogelijk. Een bezoekje aan de kinesist bracht wel wat soelaas. Volgende week zaterdag mik ik op een podiumplaats op het BK in Antwerpen. Sanne Cant is misschien net iets beter dan mezelf, maar een kampioenschap moet toch altijd gereden worden. Ik ben er klaar voor." (Belga)

Worst nam de beste start en had na de eerste ronde alleen nog Sels in het wiel. Achter dat duo leidde Brammeier de tegenaanval. Toen het tempo bij de leidsters stokte, maakten Brammeier, de Amerikaanse Kaitlin Keough, de Nederlandse Fleur Nagengast en Ellen Van Loy de aansluiting. Nog voor halfcross gingen Worst, Sels en Brammeier voor de rest uit rijden. Al snel moest Brammeier haar twee metgezellen laten rijden. Bij Sels en Worst was de verstandhouding opperbest. Hun voorsprong groeide zienderogen en ze trokken met een bonus van een halve minuut de slotronde in. Daarin slaagde Sels erin haar laatste concurrente van zich af te schudden. "Ik wist dat ik alleen moest toekomen, want in de sprint zou Worst me wel kloppen", verklaarde Sels. "Ik voelde dat Worst aan het stilvallen was en dat mijn kansen toenamen. Ik voelde me de hele wedstrijd goed. Op de rechte stukken was ik beter dan Worst, maar de technische stroken verliepen iets minder naar mijn zin." "Voor de eerste keer sinds lang kon ik nog eens pijnvrij fietsen. Na Namen kreeg ik last aan de rug en door de opvolging van crossen was er weinig recuperatie mogelijk. Een bezoekje aan de kinesist bracht wel wat soelaas. Volgende week zaterdag mik ik op een podiumplaats op het BK in Antwerpen. Sanne Cant is misschien net iets beter dan mezelf, maar een kampioenschap moet toch altijd gereden worden. Ik ben er klaar voor." (Belga)