Voor de Duivels wordt het na Frankrijk 2016 het tweede EK op rij. Dat eindigde toen in de kwartfinales in Rijsel met een sisser door een bijna onverklaarbare nederlaag tegen Wales. Terwijl kwalificatie voor grote toernooien gezien de magere tegenstand in de kwalificatiegroepen nu als vanzelfsprekend wordt beschouwd, was de plaatsing voor dat EK vier jaar geleden nog als historisch te omschrijven. Voor 2016 was het immers van 2000 geleden dat de Belgen nog eens een EK-wedstrijd hadden gespeeld. In een wedstrijd waarin een gelijkspel voldoende was om een plaats in de kwartfinales af te dwingen, verloren Marc Wilmots en co in 2000 kansloos met 2-0 van Turkije. Euro 2000 was meteen afgelopen voor de Belgen, die rechtstreeks geplaatst waren voor het toernooi omdat ze het samen met Nederland organiseerden. Nadien liep het in de kwalificaties voor het EK 2004 in Portugal, het EK 2008 in Zwitserland en Oostenrijk en het EK 2012 in Polen en Oekraïne telkens grondig mis. Ook in de beginjaren van het EK - 1960, 1964 en 1968 - waren de Belgen er nooit bij. Het duurde tot de vierde editie van het EK vooraleer België zich voor de eerste keer kon kwalificeren. Op het EK 1972 was het België van bondscoach Raymond Goethals meteen goed voor de derde plaats. Aan de eindfase mochten destijds slechts vier landen meedoen, tegenover 24 volgend jaar in Frankrijk. Voorgaand werden er een poulefase en kwartfinales gespeeld, na afloop van die kwartfinales werd er door de UEFA een organisator aangeduid. België kwam uit de bus en dus mochten Van Himst en co in de Antwerpse Bosuil het veld op tegen West-Duitsland. Na twee treffers van Gerd Müller haalde West-Duitsland het met 1-2, in de troosting in Luik waren goals van Lambert en Van Himst goed voor een 2-1 zege tegen Hongarije en dus sloten de Belgen bij hun eerste deelname het EK meteen af op een knappe derde plaats. Hun beste resultaat behaalden ze in 1980 in Italië. De Rode Duivels startten dat toernooi als outsider in een loodzware groep met het thuisland, Engeland en Spanje. Twee draws (1-1 tegen Engeland en 0-0 tegen Italië) en een zege (2-1 tegen Spanje) waren voldoende voor groepswinst, wat destijds meteen een plaats in de finale opleverde. Daarin wachtte op 22 juni 1980 West-Duitsland, dat het met twee doelpunten van Horst Hrubesch met 2-1 haalde om zo zijn tweede Europese titel te pakken. Vier jaar laten startte België het EK met torenhoge verwachtingen. In Frankrijk, waar destijds acht landen om de Europese titel streden, bleven de Rode Duivels echter onder de verwachtingen. De selectie ging immers gebukt onder het omkoopschandaal met Standard en Waterschei, dat voordien was uitgebroken. De openingswedstrijd werd wel vlot met 2-0 gewonnen van het toenmalige Joegoslavië, maar daarna volgden nederlagen tegen het Frankrijk van Michel Platini (5-0) en Denemarken (3-2), waarna de uitschakeling een feit was. De gouden generatie van Thys zou pas twee jaar later schitteren, met een vierde plaats op het WK in Mexico. (Belga)