"Harm Vanhoucke en ik zijn er van bij de start ingevlogen", begon Armée zijn relaas. "We kregen de Spanjaard Irisarri mee in de ontsnapping. Het was een korte etappe van 98 kilometer, dus het plan was om zo hard mogelijk te trappen en dan te kijken waar het schip strandt. Onderweg sprokkelde Harm ook belangrijke punten voor het bergklassement. We kregen nooit veel voorsprong, maar konden die twee minuten wel verrassend goed behouden. Met nog 30 kilometer te gaan passeerden we een laatste keer aan de finish. Op dat momenten begonnen we echt in de ritzege te geloven." "Ik wist dat het peloton op het vlakke sneller dan ons reed, maar op de vele klimmetjes reden we een erg strak tempo. Ik voelde me best nog wel goed in de finale. Harm en ik besloten dan om de beurt te demarreren, maar de Spanjaard bleek sterker dan ik verwachtte. Onder de vod van de laatste kilometer had ik gelukkig nog een cartouche over. Ik sloeg een kloof op een lastig stuk en hield een paar seconden over op het sprintende peloton. Zo kon ik toch nog even genieten in de laatste hectometers." "Meestal rijd ik in dienst van de ploeg. Als ik dan eens de kans krijg om voor een overwinning te gaan, doet het enorm veel deugd om het te kunnen afmaken. Ik win niet vaak, maar als ik win zijn het altijd wel mooie overwinningen." (Belga)

"Harm Vanhoucke en ik zijn er van bij de start ingevlogen", begon Armée zijn relaas. "We kregen de Spanjaard Irisarri mee in de ontsnapping. Het was een korte etappe van 98 kilometer, dus het plan was om zo hard mogelijk te trappen en dan te kijken waar het schip strandt. Onderweg sprokkelde Harm ook belangrijke punten voor het bergklassement. We kregen nooit veel voorsprong, maar konden die twee minuten wel verrassend goed behouden. Met nog 30 kilometer te gaan passeerden we een laatste keer aan de finish. Op dat momenten begonnen we echt in de ritzege te geloven." "Ik wist dat het peloton op het vlakke sneller dan ons reed, maar op de vele klimmetjes reden we een erg strak tempo. Ik voelde me best nog wel goed in de finale. Harm en ik besloten dan om de beurt te demarreren, maar de Spanjaard bleek sterker dan ik verwachtte. Onder de vod van de laatste kilometer had ik gelukkig nog een cartouche over. Ik sloeg een kloof op een lastig stuk en hield een paar seconden over op het sprintende peloton. Zo kon ik toch nog even genieten in de laatste hectometers." "Meestal rijd ik in dienst van de ploeg. Als ik dan eens de kans krijg om voor een overwinning te gaan, doet het enorm veel deugd om het te kunnen afmaken. Ik win niet vaak, maar als ik win zijn het altijd wel mooie overwinningen." (Belga)