Vooraf toonde Boonen zich niet echt enthousiast over de onverharde stroken en vond hij dat ze niet thuis hoorden in Parijs-Nice. "Daar moeten we het niet te veel meer over hebben", zei hij na afloop. "Het stelde allemaal niet zo veel voor. Wat me veel meer dwars zit is de sneeuw (in het begin van de etappe, red) waar we door moesten rijden. Er is een nieuw UCI-protocol en ze volgen hun eigen regels niet. Dat is het belangrijkste feit van deze etappe", vond hij. "We rijden hier die 200 kilometer uit, in echt slecht weer. Ik weet dat het moeilijk is om hier oplossingen voor te vinden, maar voor de zoveelste keer is er niets gebeurd", klonk hij ietwat ontzet. Het probleem is dat je er niets aan kan doen zodra je van start bent gegaan met het peloton. Je kan stoppen en aan de kant van de weg gaan zitten, maar wat lost dat op?" Op de vraag of er onderweg is gepraat met de organisatoren was het antwoord neen. "Het was te koud om te praten. En wij moeten toch niet met hen praten" stelde hij. "Zij moeten dat met ons doen. Het zijn hun eigen regels, zij volgen ze niet. Wij moeten ze toch niet smeken om hun eigen regels te volgen?" Volgens Boonen sneeuwde het zo'n anderhalf à twee uur en bedroeg de temperatuur toen drie graden onder nul. "Ijskoud dus", zei hij. "Het is gewoon jammer dat er niets gebeurt, niemand initiatief neemt." Uiteindelijk sprintte hij zelf naar een zesde plaats. "Ik ben blij dat ik mee vooraan zat. Toen Marcel (Kittel) gelost was, probeerde ik nog mijn eigen spurt te rijden. Ik zat in een goeie positie bij het indraaien van de laatste bocht, maar veel versnellen zat er niet meer bij. Bij niemand eigenlijk. Iedereen bleef zo'n beetje op zijn plaats zitten. Alleen Arnaud Démare kwam van achteruit. Hij reed een enorm sterke sprint", besloot Boonen. (Belga)

Vooraf toonde Boonen zich niet echt enthousiast over de onverharde stroken en vond hij dat ze niet thuis hoorden in Parijs-Nice. "Daar moeten we het niet te veel meer over hebben", zei hij na afloop. "Het stelde allemaal niet zo veel voor. Wat me veel meer dwars zit is de sneeuw (in het begin van de etappe, red) waar we door moesten rijden. Er is een nieuw UCI-protocol en ze volgen hun eigen regels niet. Dat is het belangrijkste feit van deze etappe", vond hij. "We rijden hier die 200 kilometer uit, in echt slecht weer. Ik weet dat het moeilijk is om hier oplossingen voor te vinden, maar voor de zoveelste keer is er niets gebeurd", klonk hij ietwat ontzet. Het probleem is dat je er niets aan kan doen zodra je van start bent gegaan met het peloton. Je kan stoppen en aan de kant van de weg gaan zitten, maar wat lost dat op?" Op de vraag of er onderweg is gepraat met de organisatoren was het antwoord neen. "Het was te koud om te praten. En wij moeten toch niet met hen praten" stelde hij. "Zij moeten dat met ons doen. Het zijn hun eigen regels, zij volgen ze niet. Wij moeten ze toch niet smeken om hun eigen regels te volgen?" Volgens Boonen sneeuwde het zo'n anderhalf à twee uur en bedroeg de temperatuur toen drie graden onder nul. "Ijskoud dus", zei hij. "Het is gewoon jammer dat er niets gebeurt, niemand initiatief neemt." Uiteindelijk sprintte hij zelf naar een zesde plaats. "Ik ben blij dat ik mee vooraan zat. Toen Marcel (Kittel) gelost was, probeerde ik nog mijn eigen spurt te rijden. Ik zat in een goeie positie bij het indraaien van de laatste bocht, maar veel versnellen zat er niet meer bij. Bij niemand eigenlijk. Iedereen bleef zo'n beetje op zijn plaats zitten. Alleen Arnaud Démare kwam van achteruit. Hij reed een enorm sterke sprint", besloot Boonen. (Belga)