Pogacars team had het vrijdag niet onder de markt in de langste etappe van de Tour en reed de hele dag in het defensief. "We hadden vooraf geen uitgekiend plan", sprak hij. "Gewoon koersen, zien wat het zou worden. Het was heel lastig in het begin, voortdurend werd er aangevallen, zat ik er een keer wel en een keer niet bij. Het was echt een lastig anderhalf uur, daarna keerde de rust terug in het peloton en konden we controleren. Uiteindelijk: dit was een heel goede dag voor ons, beter dan vrijdag. Toen dacht de tegenstand ons als ploeg te breken, maar dat is niet gelukt. Ik denk dat ze toch zelf wat minder waren door de etappe van gisteren en de regen van vandaag. Ik zag dat Ineos-Grenadiers niet echt op topniveau was en daar moest ik van profiteren. Onder de koers zelf heb ik beslist om mijn verantwoordelijkheid te nemen omdat ik me heel goed voelde. Ik zei tegen mijn ploegmaten: 'laten we de koers maar openbreken'. Costa, Formolo en McNulty deden het fantastisch en dan heb ik het geprobeerd en viel ik aan omdat ik zag dat iedereen aan het afzien was. Echt, ik hou van dit weer. Ik dacht ineens: 'dit is het moment'. En ik ben vertrokken. Aanvallen is de beste verdediging, niet? En dat is wat ik gedaan heb en hield ik vol tot aan de meet. Vandaag hebben mijn ploeg en ik bewezen dat we wel sterk zijn." Onderweg, voor zijn aanval en voordat zijn team het peloton mende, was er ook nog een onderonsje met Mathieu van der Poel. "We komen goed overeen", zei Pogacar nog. "Hij zei dat hij hoopte dat ik het geel zou overnemen van hem vandaag en dat heb ik gedaan." Pogacar beklom La Colombière op het buitenblad, een sterk staaltje fietsen. "Ja ik kende de klim", antwoordde hij kort, "ik kende hem van vorig jaar in de Dauphiné." "Neen, de Tour is nog niet voorbij", sprak hij zelf nog. "De Tour is niet dood. Ik heb een grote voorsprong, maar er kan nog veel gebeuren. Het is nog lang, het is nooit gedaan. We gaan deze trui verdedigen. We hebben veel vertrouwen en we zijn heel gemotiveerd voor wat nog volgt, maar ik heb de Tour nog niet 'gedood'." (Belga)

Pogacars team had het vrijdag niet onder de markt in de langste etappe van de Tour en reed de hele dag in het defensief. "We hadden vooraf geen uitgekiend plan", sprak hij. "Gewoon koersen, zien wat het zou worden. Het was heel lastig in het begin, voortdurend werd er aangevallen, zat ik er een keer wel en een keer niet bij. Het was echt een lastig anderhalf uur, daarna keerde de rust terug in het peloton en konden we controleren. Uiteindelijk: dit was een heel goede dag voor ons, beter dan vrijdag. Toen dacht de tegenstand ons als ploeg te breken, maar dat is niet gelukt. Ik denk dat ze toch zelf wat minder waren door de etappe van gisteren en de regen van vandaag. Ik zag dat Ineos-Grenadiers niet echt op topniveau was en daar moest ik van profiteren. Onder de koers zelf heb ik beslist om mijn verantwoordelijkheid te nemen omdat ik me heel goed voelde. Ik zei tegen mijn ploegmaten: 'laten we de koers maar openbreken'. Costa, Formolo en McNulty deden het fantastisch en dan heb ik het geprobeerd en viel ik aan omdat ik zag dat iedereen aan het afzien was. Echt, ik hou van dit weer. Ik dacht ineens: 'dit is het moment'. En ik ben vertrokken. Aanvallen is de beste verdediging, niet? En dat is wat ik gedaan heb en hield ik vol tot aan de meet. Vandaag hebben mijn ploeg en ik bewezen dat we wel sterk zijn." Onderweg, voor zijn aanval en voordat zijn team het peloton mende, was er ook nog een onderonsje met Mathieu van der Poel. "We komen goed overeen", zei Pogacar nog. "Hij zei dat hij hoopte dat ik het geel zou overnemen van hem vandaag en dat heb ik gedaan." Pogacar beklom La Colombière op het buitenblad, een sterk staaltje fietsen. "Ja ik kende de klim", antwoordde hij kort, "ik kende hem van vorig jaar in de Dauphiné." "Neen, de Tour is nog niet voorbij", sprak hij zelf nog. "De Tour is niet dood. Ik heb een grote voorsprong, maar er kan nog veel gebeuren. Het is nog lang, het is nooit gedaan. We gaan deze trui verdedigen. We hebben veel vertrouwen en we zijn heel gemotiveerd voor wat nog volgt, maar ik heb de Tour nog niet 'gedood'." (Belga)