Over Turkije: "Ik voel me hier op mijn gemak. In de eerste plaats omdat ik me weer gewaardeerd voel als voetballer, maar ook omdat mijn vrouw en kind hier zijn. Veel meer heb je niet nodig. Privé zit het dus goed. Dit is het einde van de wereld niet. Het is ook fijn om eens iets te proberen. Misschien is dat wel een beetje het nadeel van ons, Belgen: dat we vasthouden aan wat we kennen. Maar ik sta open voor nieuwe dingen, anders kom je beter niet naar hier."

Over het recente ontslag van trainer Fuat Çapa: "Fuat was de belangrijkste reden dat ik naar Turkije ben gekomen. Zijn ontslag is bijzonder jammer, maar het leven staat niet stil. Je weet dat dit kan gebeuren in het voetbal. Natuurlijk valt hiermee een stukje comfort voor mij weg: Fuat sprak Nederlands en hij weet hoe hij me moet gebruiken. Het is nu aan mij om de nieuwe trainer van mijn kwaliteiten te overtuigen."

Over Erciyesspor: "De uitdaging is immens. Deze club komt uit tweede klasse en is het niet gewoon om met buitenlanders te werken. Van de 28 spelers zijn er 22 nieuw. Dan weet je dat het tijd vraagt om ingespeeld te geraken. We voetballen niet slecht, maar kleine foutjes worden afgestraft. En toch: als we zo blijven voortdoen, degraderen we niet. Daar ben ik heilig van overtuigd. Daarvoor is deze groep te goed."

Over zijn drie rode kaarten: "Dat was vervelend, zeker als je weet dat je onschuldig bent. Je wil zo veel mogelijk spelen, goals maken en belangrijk zijn. Als je dan moet toekijken, kom je niet in het ritme. Sindsdien probeer ik mijn mond te houden. Weinig mensen zouden me nog herkennen. Het is ooit anders geweest, dat weet ik wel. Dat ik opvliegend en agressief naar de arbiter liep. Ik heb geleerd dat dit geen nut heeft. Ik wil geen vierde rode kaart meer."

Over Club Brugge: "Ik denk dat ik dat hoofdstuk beter afsluit. Ik voel geen spijt. Onder Koster had ik een leuke tijd en ook onder Daum mocht ik nog spelen. Over de rest zeggen we beter niet veel. Ik had liever in de basis gestaan en Brugge aan de titel geholpen. Zo is het niet gelopen. Deels zal dat aan mij hebben gelegen, deels ook aan iemand anders. Zoals bij een puzzel moeten de stukken bij elkaar passen. Dat was in Brugge zeker niet het geval. Na Koster werd er alleen nog in een trechter gespeeld. Ik heb me proberen aan te passen, maar jezelf helemaal veranderen lukt nooit."

Over zijn carrière: "Ik ben profvoetballer sinds 2002. Ik kom uit tweede klasse en ben topschutter geworden in Nederland. Ook al zeggen ze dat het een eenmalig geluksjaar was: het gaat niet meer uit de boeken. Dat anderhalf jaar in Brugge is niet mijn beste periode geweest, maar ik heb toch voor een topclub gespeeld. Nu zit ik in Turkije, maar het is nog niet gedaan. Ik ben 28, heb nog vijf, zes jaar te gaan. Ik ben tevreden, maar nog niet voldaan. Ik wil hier nog heel veel bereiken."

Over Turkije: "Ik voel me hier op mijn gemak. In de eerste plaats omdat ik me weer gewaardeerd voel als voetballer, maar ook omdat mijn vrouw en kind hier zijn. Veel meer heb je niet nodig. Privé zit het dus goed. Dit is het einde van de wereld niet. Het is ook fijn om eens iets te proberen. Misschien is dat wel een beetje het nadeel van ons, Belgen: dat we vasthouden aan wat we kennen. Maar ik sta open voor nieuwe dingen, anders kom je beter niet naar hier."Over het recente ontslag van trainer Fuat Çapa: "Fuat was de belangrijkste reden dat ik naar Turkije ben gekomen. Zijn ontslag is bijzonder jammer, maar het leven staat niet stil. Je weet dat dit kan gebeuren in het voetbal. Natuurlijk valt hiermee een stukje comfort voor mij weg: Fuat sprak Nederlands en hij weet hoe hij me moet gebruiken. Het is nu aan mij om de nieuwe trainer van mijn kwaliteiten te overtuigen."Over Erciyesspor: "De uitdaging is immens. Deze club komt uit tweede klasse en is het niet gewoon om met buitenlanders te werken. Van de 28 spelers zijn er 22 nieuw. Dan weet je dat het tijd vraagt om ingespeeld te geraken. We voetballen niet slecht, maar kleine foutjes worden afgestraft. En toch: als we zo blijven voortdoen, degraderen we niet. Daar ben ik heilig van overtuigd. Daarvoor is deze groep te goed."Over zijn drie rode kaarten: "Dat was vervelend, zeker als je weet dat je onschuldig bent. Je wil zo veel mogelijk spelen, goals maken en belangrijk zijn. Als je dan moet toekijken, kom je niet in het ritme. Sindsdien probeer ik mijn mond te houden. Weinig mensen zouden me nog herkennen. Het is ooit anders geweest, dat weet ik wel. Dat ik opvliegend en agressief naar de arbiter liep. Ik heb geleerd dat dit geen nut heeft. Ik wil geen vierde rode kaart meer."Over Club Brugge: "Ik denk dat ik dat hoofdstuk beter afsluit. Ik voel geen spijt. Onder Koster had ik een leuke tijd en ook onder Daum mocht ik nog spelen. Over de rest zeggen we beter niet veel. Ik had liever in de basis gestaan en Brugge aan de titel geholpen. Zo is het niet gelopen. Deels zal dat aan mij hebben gelegen, deels ook aan iemand anders. Zoals bij een puzzel moeten de stukken bij elkaar passen. Dat was in Brugge zeker niet het geval. Na Koster werd er alleen nog in een trechter gespeeld. Ik heb me proberen aan te passen, maar jezelf helemaal veranderen lukt nooit."Over zijn carrière: "Ik ben profvoetballer sinds 2002. Ik kom uit tweede klasse en ben topschutter geworden in Nederland. Ook al zeggen ze dat het een eenmalig geluksjaar was: het gaat niet meer uit de boeken. Dat anderhalf jaar in Brugge is niet mijn beste periode geweest, maar ik heb toch voor een topclub gespeeld. Nu zit ik in Turkije, maar het is nog niet gedaan. Ik ben 28, heb nog vijf, zes jaar te gaan. Ik ben tevreden, maar nog niet voldaan. Ik wil hier nog heel veel bereiken."