Na Paasmaandag zitten we halverwege play-off 1 en hebben alle deelnemers één keer tegen elkaar gespeeld. Een tussenbalans? Alles ligt nog open en elke speeldag kent zijn verrassingen. Het is een open deur intrappen met de techniek van een volleerde Eric Cantona, maar het bewijst gek genoeg ook enige voorspelbaarheid in onze Jupiler Pro League. Al vooraf verklaarden alle zes de trainers uit PO1 dat het deze campagne tot de laatste speeldag spannend zou blijven - daarmee de nivellering aan onze top bevestigend. Ze krijgen gelijk.

Proberen we verder te kijken dan de resultaten - want dat verwacht u toch van ons - dan moet je vaststellen dat er slechts één ploeg stabiliteit vertoont: Zulte Waregem. Nochtans zonder de opnieuw geblesseerde Mbaye Leye - o zo belangrijk voor de offensieve patronen die Francky Dury uittekent - en ook al eens zonder regelaar Sven Kums, die geschorst moest toekijken tegen Anderlecht. Bij Essevee slagen ze er tot nog toe elke wedstrijd in hun kenmerkend combinatievoetbal te brengen, gestoeld op duidelijke looplijnen en het maken van driehoekjes. Straf!

Bij de andere drie overgebleven titelkandidaten - Lokeren en Genk achten we toch net iets te ver achterop om nog mee te kunnen strijden - herkennen we veel minder 'vastigheid'. Zowel Anderlecht, Standard als Club Brugge hanteren dan eens hoge pressing, dan weer niet. Proberen het dan eens vooral via snelle omschakeling en dan weer via zorgvuldige opbouw. Ook mentaal zo wispelturig. Standard liet zich afbluffen door Lokeren, Club Brugge door Anderlecht, Anderlecht door Standard.

Opvallend is het dat met name Standard en Club Brugge, de sterkste twee ploegen in de reguliere competitie, zo veel nervositeit vertonen in deze play-offs. Het onderstreept eens te meer wat Herman Van Holsbeeck en co al jaren verkondigen: het is zelden een voordeel om als fiere leider die eindfase in te duiken. Alleen al het drastisch zien slinken van de voorsprong zorgt ervoor dat er ergens een zekering springt in de hoofden van de spelers.

Bovendien willen ook de supporters al eens aan het beven slaan bij de gedachte dat ze na een heel jaar op kop gestaan te hebben, toch nog een prijs zouden mislopen. Dat ze hun ploeg uitfluiten en de coach belagen zorgt niet bepaald voor een serenere sfeer en meer zelfvertrouwen in de geplaagde Luikse selectie.

Hebben ze in het Astridpark dan de juiste inschatting gemaakt door te stellen dat ze het dit seizoen anders zouden aanpakken: gewoon zorgen dat PO1 bereikt wordt met niet te veel achterstand en dan pas pieken? Het is natuurlijk makkelijk gezegd en ondertussen is er wel een Nederlandse trainer van boord geduwd, maar de visie wordt voorlopig waargemaakt. Zonder fantastisch te spelen doet Anderlecht toch mee voor de prijzen. Met een herboren Cyriac en een opportunistische Mitrovic (zelfs als hij slecht speelt, kan hij beslissend zijn: zie de match tegen Lokeren) heeft het voorin efficiëntie in huis. En met Proto een keeper die punten pakt. Twee belangrijke voorwaarden in een gooi naar de titel.

Bij Standard is Ezekiel helemaal uit vorm, waardoor alle gewicht voorin op de jonge schouders van Batshuayi terechtkomt. Bij Club Brugge kunnen de schouders van De Sutter wel wat hebben, maar een bloeddorstige killer is hij niet. Nu Maxime Lestienne nog slechts een schim is van de flitsende winger die hij aan het begin van het seizoen was, rijst daar de vraag wie de goals moet maken in moeilijke momenten. Want ook de andere offensieve pionnen van Club staan niet bepaald te boek als ijskoude pinch-hitters.

Tot de laatste speeldag zal het erom spannen en dan is het bijzonder interessant om al eens vooruit te blikken naar die zondag, 18 mei: Standard ontvangt Genk, Anderlecht ontvangt Lokeren, Zulte Waregem trekt naar Club Brugge. Goed mogelijk dat Essevee straks, net zoals vorig seizoen, in een onderling duel met de rechtstreekse concurrent uitmaakt wie de titel pakt.

Na Paasmaandag zitten we halverwege play-off 1 en hebben alle deelnemers één keer tegen elkaar gespeeld. Een tussenbalans? Alles ligt nog open en elke speeldag kent zijn verrassingen. Het is een open deur intrappen met de techniek van een volleerde Eric Cantona, maar het bewijst gek genoeg ook enige voorspelbaarheid in onze Jupiler Pro League. Al vooraf verklaarden alle zes de trainers uit PO1 dat het deze campagne tot de laatste speeldag spannend zou blijven - daarmee de nivellering aan onze top bevestigend. Ze krijgen gelijk. Proberen we verder te kijken dan de resultaten - want dat verwacht u toch van ons - dan moet je vaststellen dat er slechts één ploeg stabiliteit vertoont: Zulte Waregem. Nochtans zonder de opnieuw geblesseerde Mbaye Leye - o zo belangrijk voor de offensieve patronen die Francky Dury uittekent - en ook al eens zonder regelaar Sven Kums, die geschorst moest toekijken tegen Anderlecht. Bij Essevee slagen ze er tot nog toe elke wedstrijd in hun kenmerkend combinatievoetbal te brengen, gestoeld op duidelijke looplijnen en het maken van driehoekjes. Straf!Bij de andere drie overgebleven titelkandidaten - Lokeren en Genk achten we toch net iets te ver achterop om nog mee te kunnen strijden - herkennen we veel minder 'vastigheid'. Zowel Anderlecht, Standard als Club Brugge hanteren dan eens hoge pressing, dan weer niet. Proberen het dan eens vooral via snelle omschakeling en dan weer via zorgvuldige opbouw. Ook mentaal zo wispelturig. Standard liet zich afbluffen door Lokeren, Club Brugge door Anderlecht, Anderlecht door Standard. Opvallend is het dat met name Standard en Club Brugge, de sterkste twee ploegen in de reguliere competitie, zo veel nervositeit vertonen in deze play-offs. Het onderstreept eens te meer wat Herman Van Holsbeeck en co al jaren verkondigen: het is zelden een voordeel om als fiere leider die eindfase in te duiken. Alleen al het drastisch zien slinken van de voorsprong zorgt ervoor dat er ergens een zekering springt in de hoofden van de spelers. Bovendien willen ook de supporters al eens aan het beven slaan bij de gedachte dat ze na een heel jaar op kop gestaan te hebben, toch nog een prijs zouden mislopen. Dat ze hun ploeg uitfluiten en de coach belagen zorgt niet bepaald voor een serenere sfeer en meer zelfvertrouwen in de geplaagde Luikse selectie.Hebben ze in het Astridpark dan de juiste inschatting gemaakt door te stellen dat ze het dit seizoen anders zouden aanpakken: gewoon zorgen dat PO1 bereikt wordt met niet te veel achterstand en dan pas pieken? Het is natuurlijk makkelijk gezegd en ondertussen is er wel een Nederlandse trainer van boord geduwd, maar de visie wordt voorlopig waargemaakt. Zonder fantastisch te spelen doet Anderlecht toch mee voor de prijzen. Met een herboren Cyriac en een opportunistische Mitrovic (zelfs als hij slecht speelt, kan hij beslissend zijn: zie de match tegen Lokeren) heeft het voorin efficiëntie in huis. En met Proto een keeper die punten pakt. Twee belangrijke voorwaarden in een gooi naar de titel. Bij Standard is Ezekiel helemaal uit vorm, waardoor alle gewicht voorin op de jonge schouders van Batshuayi terechtkomt. Bij Club Brugge kunnen de schouders van De Sutter wel wat hebben, maar een bloeddorstige killer is hij niet. Nu Maxime Lestienne nog slechts een schim is van de flitsende winger die hij aan het begin van het seizoen was, rijst daar de vraag wie de goals moet maken in moeilijke momenten. Want ook de andere offensieve pionnen van Club staan niet bepaald te boek als ijskoude pinch-hitters. Tot de laatste speeldag zal het erom spannen en dan is het bijzonder interessant om al eens vooruit te blikken naar die zondag, 18 mei: Standard ontvangt Genk, Anderlecht ontvangt Lokeren, Zulte Waregem trekt naar Club Brugge. Goed mogelijk dat Essevee straks, net zoals vorig seizoen, in een onderling duel met de rechtstreekse concurrent uitmaakt wie de titel pakt.