Negen dagen voor het begin van de Ligue 1 ontplofte de bom. Het conflict tussen Vahid Halilhodzic, de vulkanische coach, en de extravagante voorzitter Waldemar Kita bereikte een hoogtepunt. Aan de basis daarvan lag onder meer de alomtegenwoordigheid van een zekere Mogi Bayat op de transfermarkt. Het was zelfs zo erg dat sommigen hem de eigenlijke sportief directeur van de club noemden.

Nadat hij eerder al tal van spelers naar de West-Franse club gehaald had - met schaarse successen ( Kalifa Coulibaly) en heel wat mislukkingen ( Yassine El Ghanassy en Anthony Limbombe) - was de makelaar afgelopen zomer alweer heel actief voor FC Nantes. Zo regelde hij de komst van Dennis Appiah, Moses Simon en Cristian Benavente. Dat werd op tandengeknars onthaald bij de supporters, maar ook bij de technische staf.

De club stelde op de valreep Christian Gourcuff aan, de coach die successen boekte met Lorient maar die bij Stade Rennes eerder matig presteerde. Na een moeizame start begonnen de Kanaries toch te zingen en zetten ze een reeks van zes overwinningen in zeven matchen neer.

Het flamboyante voetbal dat toch het handelsmerk was geworden van Christian Gourcuff, speelt FC Nantes nog niet. De ploeg is voorlopig vooral defensief onverzettelijk. In vijf thuiswedstrijden werd er nog geen enkele goal geïncasseerd. Dat is te danken aan doelman Alban Lafont, die al enkele seizoen als een groot talent van het Franse voetbal beschouwd wordt. Ook aan de andere kant van het veld belanden er weinig ballen in de netten. Nantes maakte nog maar negen goals in negen speeldagen, en met twee doelpunten is Kalifa Coulibaly topschutter van het team.

Op die stevige basis kan Gourcuff nu verder bouwen. Zijn methodes zijn veel moderner en opener dan de legendarische strengheid van Coach Vahid. Samen met het succes van Victor Osimhen bij Lille bewijst de opgang van de Kanaries dat spelers uit onze Jupiler Pro League zich kunnen aanpassen aan het niveau van de Ligue 1.