Op tafel in het Roularta Media Center in Zellik ligt, in de periode nog net voor de coronacrisis, het allereerste nummer van het toenmalige Sportmagazine van 20 maart 1980.

Nieuwsgierig bladert Imke Courtois het door: '1980, dat was het jaar min acht voor mijn geboorte.' Ze kijkt verbaasd naar de foto bij de column van een 40 jaar jongere Mulder: 'Jan, was jij dat echt?'

Het wordt een leuk en pittig gesprek, met actie en reactie, en als uitgangspunt deze vraag: vandaag heeft iedereen de mond vol van de Belgian Cats, de Amerikaanse voetbalvrouwen, Nafi Thiam, Nina Derwael en Kim Clijsters. Wie waren veertig jaar geleden de vrouwen in de sport?

Jan Mulder: 'Mijn Johanna. Toen ik indertijd naar Brussel verhuisde, ging Johanna daar ook hockeyen, net zoals ze in Winschoten had gedaan. Ik ging wel eens kijken, maar niet zo vaak. Elke zaterdag wanneer zij speelde trokken wij naar Huizingen op afzondering. Ik herinner me dat ik wel eens met haar poseerde, samen op een omgevallen boomstam in het Zoniënwoud. In België had je dat meer, de vrouw als versiering van de voetballer. Hier gaat men verder in zulke poses: Refaelovmet zijn vrouw, zichtbaar trots op hem. En omgekeerd.'

Imke Courtois: 'Ik vind dat een mooie uitdrukking: de vrouw als versiering van de man. Als het die kant uit gaat, stel ik voor dat ik wat eet, terwijl Jan praat.' (lacht)

Mulder (wanhopig): 'Ja, laat mij hier maar aanmodderen.'

Courtois: 'Ik kan me jouw Johanna echt niet voorstellen als versiering, Jan. Zij heeft daarvoor toch te veel persoonlijkheid?'

Mulder: 'Maar ík was toevallig wel spits van Anderlecht en zij niet. Daar kon ik toch ook niets aan doen? Ik durf wel te zeggen dat ik beter kon voetballen dan zij hockeyen.'

Een aanmoedigingspremie

De vraag was: wie waren de sportvrouwen van 1980, Jan?

Mulder: 'Die periode is voor mij één grote blinde vlek. Tot het eind van mijn voetballoopbaan in 1975 herinner ik me nog bijna alles, maar daarna ben ik beginnen leven. Daarvoor was ik een nogal sobere sportman. Niks seks, drugs en rock-'n-roll, hooguit eens naar restaurant Chez Stans, mét Johanna. Of als we zaterdag gespeeld hadden op zondagmiddag naar Hotel Metropole. Daar had je een ballroom orkest, en in de zaal allemaal vrouwen van zestig met een gebakje. Geen één die mij herkende. Geen speler van Anderlecht werd toen in Brussel aangeklampt. Wij waren de ploeg van het Pajottenland, al was de voertaal in de kleedkamer wél Frans. Die idolatrie van nu bestond toen niet. Hoe zou men ons ook herkend hebben? Wij kwamen niet op tv.'

Courtois: 'Ik heb hier nog beelden van jou, Jan, toen je als speler op tv een interview gaf. Zo schattig. En hier, bij de kampioensviering uit 1972.'

Mulder: 'Toen we om te weten of we kampioen waren na de match moesten wachten op het resultaat van Racing White-Club Brugge, wedstrijd die nog niet afgelopen was. Wij hadden onze premie toen afgestaan aan Racing White. Een aanmoedigingspremie heette dat.'

Courtois: 'Dat meen je niet. Kon dat toen?'

Mulder: 'In België valt alles te bedenken. Veertig jaar Sportmagazine heeft daar niets aan veranderd.'

Courtois: 'Geweldig dat iedereen toen in maatpak en deftig hemd naar het stadion kwam. Wat mooi.'

Mulder: 'Wij droegen geen clubkostuum. Gingen in onze eigen kleren naar de wedstrijd en reden van het afzonderingsoord niet met de bus, maar met de eigen auto's naar het stadion.'

Courtois: 'Dat klinkt zoals het vrouwenvoetbal van nu.'

Met iets hogere premies?

Mulder: 'Nou... iets.' (grijnst)

Lees het volledige interview met Jan Mulder en Imke Courtois in het feestnummer van Sport/Voetbalmagazine van 18 maart.

Op tafel in het Roularta Media Center in Zellik ligt, in de periode nog net voor de coronacrisis, het allereerste nummer van het toenmalige Sportmagazine van 20 maart 1980. Nieuwsgierig bladert Imke Courtois het door: '1980, dat was het jaar min acht voor mijn geboorte.' Ze kijkt verbaasd naar de foto bij de column van een 40 jaar jongere Mulder: 'Jan, was jij dat echt?'Het wordt een leuk en pittig gesprek, met actie en reactie, en als uitgangspunt deze vraag: vandaag heeft iedereen de mond vol van de Belgian Cats, de Amerikaanse voetbalvrouwen, Nafi Thiam, Nina Derwael en Kim Clijsters. Wie waren veertig jaar geleden de vrouwen in de sport?Jan Mulder: 'Mijn Johanna. Toen ik indertijd naar Brussel verhuisde, ging Johanna daar ook hockeyen, net zoals ze in Winschoten had gedaan. Ik ging wel eens kijken, maar niet zo vaak. Elke zaterdag wanneer zij speelde trokken wij naar Huizingen op afzondering. Ik herinner me dat ik wel eens met haar poseerde, samen op een omgevallen boomstam in het Zoniënwoud. In België had je dat meer, de vrouw als versiering van de voetballer. Hier gaat men verder in zulke poses: Refaelovmet zijn vrouw, zichtbaar trots op hem. En omgekeerd.'Imke Courtois: 'Ik vind dat een mooie uitdrukking: de vrouw als versiering van de man. Als het die kant uit gaat, stel ik voor dat ik wat eet, terwijl Jan praat.' (lacht)Mulder (wanhopig): 'Ja, laat mij hier maar aanmodderen.'Courtois: 'Ik kan me jouw Johanna echt niet voorstellen als versiering, Jan. Zij heeft daarvoor toch te veel persoonlijkheid?'Mulder: 'Maar ík was toevallig wel spits van Anderlecht en zij niet. Daar kon ik toch ook niets aan doen? Ik durf wel te zeggen dat ik beter kon voetballen dan zij hockeyen.'De vraag was: wie waren de sportvrouwen van 1980, Jan?Mulder: 'Die periode is voor mij één grote blinde vlek. Tot het eind van mijn voetballoopbaan in 1975 herinner ik me nog bijna alles, maar daarna ben ik beginnen leven. Daarvoor was ik een nogal sobere sportman. Niks seks, drugs en rock-'n-roll, hooguit eens naar restaurant Chez Stans, mét Johanna. Of als we zaterdag gespeeld hadden op zondagmiddag naar Hotel Metropole. Daar had je een ballroom orkest, en in de zaal allemaal vrouwen van zestig met een gebakje. Geen één die mij herkende. Geen speler van Anderlecht werd toen in Brussel aangeklampt. Wij waren de ploeg van het Pajottenland, al was de voertaal in de kleedkamer wél Frans. Die idolatrie van nu bestond toen niet. Hoe zou men ons ook herkend hebben? Wij kwamen niet op tv.'Courtois: 'Ik heb hier nog beelden van jou, Jan, toen je als speler op tv een interview gaf. Zo schattig. En hier, bij de kampioensviering uit 1972.'Mulder: 'Toen we om te weten of we kampioen waren na de match moesten wachten op het resultaat van Racing White-Club Brugge, wedstrijd die nog niet afgelopen was. Wij hadden onze premie toen afgestaan aan Racing White. Een aanmoedigingspremie heette dat.' Courtois: 'Dat meen je niet. Kon dat toen?'Mulder: 'In België valt alles te bedenken. Veertig jaar Sportmagazine heeft daar niets aan veranderd.'Courtois: 'Geweldig dat iedereen toen in maatpak en deftig hemd naar het stadion kwam. Wat mooi.'Mulder: 'Wij droegen geen clubkostuum. Gingen in onze eigen kleren naar de wedstrijd en reden van het afzonderingsoord niet met de bus, maar met de eigen auto's naar het stadion.'Courtois: 'Dat klinkt zoals het vrouwenvoetbal van nu.'Met iets hogere premies?Mulder: 'Nou... iets.' (grijnst)Lees het volledige interview met Jan Mulder en Imke Courtois in het feestnummer van Sport/Voetbalmagazine van 18 maart.