Ik weiger om over hem te praten en hem zo publiciteit te geven, of het nu positieve of negatieve is. Het is een dikke nul. Hij heeft geen respect en hij heeft al veel dwaasheden gezegd. Mijn waarden zijn niet die van hem." Robert 'Judas' Nouzaret heeft blijkbaar nog altijd een scherpe tong. De voormalige Franse bondscoach van Congo smeet Dieumerci Mbokani (toen bij Wolfsburg) in 2011 uit de selectie. "Ik heb hem twee kansen gegeven bij de nationale ploeg," zegt een geënerveerde Nouzaret, "maar na de tweede was de maat vol. Ik selecteerde hem op basis van wat ik over zijn kwaliteiten had gehoord, maar daar heb ik niks van teruggezien. Hij hing de vedette uit en luisterde nergens naar. Het is zo'n type dat denkt dat de nulmeridiaan door zijn kont loopt. Misschien is hij ondertussen veranderd, maar dat is mijn zorg niet meer."
...

Ik weiger om over hem te praten en hem zo publiciteit te geven, of het nu positieve of negatieve is. Het is een dikke nul. Hij heeft geen respect en hij heeft al veel dwaasheden gezegd. Mijn waarden zijn niet die van hem." Robert 'Judas' Nouzaret heeft blijkbaar nog altijd een scherpe tong. De voormalige Franse bondscoach van Congo smeet Dieumerci Mbokani (toen bij Wolfsburg) in 2011 uit de selectie. "Ik heb hem twee kansen gegeven bij de nationale ploeg," zegt een geënerveerde Nouzaret, "maar na de tweede was de maat vol. Ik selecteerde hem op basis van wat ik over zijn kwaliteiten had gehoord, maar daar heb ik niks van teruggezien. Hij hing de vedette uit en luisterde nergens naar. Het is zo'n type dat denkt dat de nulmeridiaan door zijn kont loopt. Misschien is hij ondertussen veranderd, maar dat is mijn zorg niet meer." Het bewijs is er: niet iedereen is gecharmeerd van de spits van Anderlecht. Maar ze raken stilaan in de minderheid. Sport/Voetbalmagazine gaf het woord aan tien personen van diverse pluimage (zie kader), wier wegen die van Mbokani ooit hebben gekruist. Zij leggen uit - soms gematigd, soms bewonderend - waarom we moeten geloven in Dieu. Matumona Zola: "Het is een speciale gast, moeilijk te doorgronden. Hij zal nooit zomaar op een wildvreemde af stappen. Je hebt soms de indruk dat hij zich makkelijk opwindt, maar eigenlijk is hij erg vriendelijk. Je moet hem echt al heel ver drijven vooraleer hij uit zijn vel springt. Maar als dat gebeurt, pas dan maar op." Réginal Goreux: "Hij heeft een sterke persoonlijkheid en laat zich niet doen. Maar wanneer je hem een beetje beter leert kennen, dan merk je dat hij een goed hart heeft. Op training bij Standard maakte ik altijd veel plezier met hem." Benjamin Nicaise: "Bij Standard was het Milan Jovanovic die de grote babbelaar was en meer aandacht kreeg in de pers. Mbokani had een wat moeilijker relatie met de pers omdat hij daar minder in meeging. Ik heb veel sympathie voor hem. Het is een goeie jongen, maar eentje met een handleiding. En hij heeft veel liefde nodig." Guy Lacombe: "Hij heeft nooit keet geschopt, is nooit agressief geweest. Maar naar mijn smaak was hij wat té passief en in zichzelf gekeerd. Hij zat soms in zijn hoekje en je zag dan dat hij ongelukkig was. Hij moet goed omringd worden." Marc Keller: "Hij heeft een imago dat niet strookt met de werkelijkheid. Hij is niet arrogant, hij heeft gewoon iemand nodig met wie hij goed opschiet." Claude Leroy: "Iedereen gaat vooruit als hij vertrouwen voelt, en Dieu misschien nog meer dan een ander. Hij is nog geen Europese top, maar hij speelt nu bij een grote club die weet hoe je hem moet omringen. Ik zie dat hij momenteel gelukkig is. Hij doet bij de Congolese selectie nu dingen waartoe alleen een aanvaller die goed in zijn vel zit in staat is. En zijn gedrag is voorbeeldig. Overal waar de spelers verwacht worden, komt hij met de glimlach toe, hij is echt een leider geworden van de Luipaarden." Daniel Renders: "Bij zijn eerste passage in Anderlecht was alles nieuw voor hem. Hij kwam zowat recht van Afrika en moest opboksen tegen stevige concurrentie. Vóór hem in de pikorde stonden nog Nicolás Frutos, Mémé Tchité en Mbo Mpenza, die op de bank zat. Dieu was vierde keuze. De voornaamste reden dat hij hier vertrok, is dat hij wou spelen." Keller: "Hij heeft tijd nodig om zich aan te passen. Bij Monaco heeft hij die niet gekregen. Het ging niet goed met de club en er was veel ongeduld." Lacombe: "De omstandigheden waren lastig en zijn talent kon niet naar buiten komen. Zijn persoonlijke besognes hielpen hem al evenmin. Hij had een context nodig die hem meer motivatie gaf, met meer bezieling en positivisme. Het liep een beetje raar bij Monaco. Ik had zelf niet voor hem gekozen, ik wou iemand die in de diepte speelt. Mbokani kan dat ook wel, maar hij haakt vaak af en speelt ook het liefst met de rug naar de goal. Hij raakt graag veel ballen en zijn spel laat dat ook toe. Anderzijds heeft hij nooit een inspanning te veel geleverd en dacht hij dat hij boven alles en iedereen stond. Hij verlangde een statuut overeenkomstig zijn transfer: hij had veel gekost, kwam van een club waar hij de ster was en zijn overgang naar Monaco had veel aandacht gekregen. Maar hij vergat dat je bij een nieuwe club weer vanaf nul begint. En hij heeft dingen gedaan die hij beter gelaten had, zoals opeens een paar dagen verdwijnen." José Ntumba: "Zijn reputatie is die van een mopperpot. Hij staat graag in het centrum van de belangstelling, hij wou altijd al de vedette zijn." Leroy: "Hij moet inzien dat hij zich op training pijn moet doen om verder te evolueren. Hij heeft immers nog een flinke progressiemarge." Paul Marchioni: "We waren niet echt op de hoogte van zijn karakter of zijn gedrag. We wisten alleen dat het geen simpele jongen was. Maar op het veld is het een strijder." Keller: "Het is een speler met veel potentieel, maar als hij niet voelt dat men in hem gelooft, dan is het een ramp." Zola: "Toen hij klein was, zag je al dat de bal aan zijn voet plakte. We speelden heel vrij voetbal en daardoor kwamen zijn kwaliteiten nog beter tot uiting." Leroy: "Na amper één training was ik al helemaal weg van zijn talent. Nochtans speelde hij toen nog maar bij een kleine lokale club ( Bel'Or FC in Kinshasa, nvdr). Meteen daarop heb ik hem geselecteerd voor zijn debuut bij de nationale ploeg. Dat was in 2006, in het Aztekenstadion in Mexico, voor 80.000 toeschouwers. Maar dat weerhield hem er niet van om zijn eerste goal te maken, een knal in de winkelhaak na een ren van veertig meter. Toen wist ik wel zeker: Dieu is het prototype van de spits die ik graag heb: snel, krachtig, iemand die het verschil kan maken. Iemand met zogenaamde 'verticaliteit', die in de diepte gaat. Hij kan ook makkelijk improviseren, omdat hij niet in een centre de formation is opgeleid." Nicaise: "Hij heeft een aangeboren techniek. Je voelt dat die van Afrika komt en niet uit een of ander opleidingscentrum." Goreux: "Hij is zonder discussie de beste spits met wie ik ooit heb samengespeeld. Hij heeft alles: fysiek, techniek. En het is een architect: hij ziet alles sneller dan een ander." Renders: "Voor mij is hij een puur creatieve speler, die het doel weet te vinden op de belangrijke momenten. Zijn explosiviteit en zijn sprongkracht zijn indrukwekkend. Hij is zeker een van de grote spelers uit de geschiedenis van Anderlecht." Ntumba: "Zijn kopspel was indertijd zijn grote sterkte. Zijn timing was perfect en zijn kracht fenomenaal. Hij scoorde vanop waanzinnige afstand. Ik had de indruk dat het aangeboren was. Zijn broer had het volgens mij nog verder kunnen schoppen, maar die had serieuze gedragsproblemen." Nicaise: "Je zou denken dat hij niet zo heel struis is, maar hij staat stevig op zijn benen en hij is moeilijk opzij te zetten. Hij schermt de bal ongelooflijk goed af." Lacombe: "Hij gebruikt zijn lichaam goed, het is echt een slingerplant. Hij is tegelijk rank en stevig. Hij kan uitbreken, maar zich evengoed tussen enkele tegenstanders door wringen. Ook zijn kopspel is uitstekend." Marchioni: "Op fysiek vlak steekt hij erboven uit. Getuige daarvan een match die ik hem zag spelen tegen Hamburg. Hij stond alleen in de spits maar hij hield de hele defensie aan de praat. De verdedigers wisten zich geen raad met hem. Bij Monaco zochten we een targetman en hij beantwoordde aan dat profiel. Hij was nergens bang van en hij ging ertegenaan. Hij maakte oorlog. Dieumerci weegt op een verdediging zoals maar weinig aanvallers dat kunnen. Ik kan je verzekeren dat de verdedigers die zich met hem moesten bezighouden na de wedstrijd hun bekomst hadden. Die waren meestal gaar. Wanneer je Dieu moet schaduwen, ben je geen minuut op je gemak, zo moeilijk is hij te houden." Jean-Luc Busine: "Toen hij bij Standard zat, volgden wij hem op de voet. Technisch was hij niet de beste, maar zijn kracht viel me op. Uiteindelijk hebben we toen voor Moussa Sow gekozen - met succes want in zijn eerste jaar werd die topschutter. Moussa kreeg de voorkeur omdat hij meer diepgang had en beter was in de combinatie. Bovendien was hij gul met zijn inspanningen terwijl Mbokani nogal snel tevreden was. Ik vind wel dat hij geëvolueerd is, hij gaat vaker diep en is beter geworden in het samenspel." Leroy: "Ik heb de indruk dat hij dit seizoen nog vooruitgang heeft geboekt: hij beweegt erg goed over het veld. Je ziet hem nu soms op rechts terwijl hij vroeger vooral centraal bleef of op links. Bovendien loopt hij zelden buitenspel omdat hij het spel zo goed leest." Goreux: "Als hij ook nog een dodelijk schot zou hebben, dan behoorde hij tot de beste aanvallers van Europa. Ik vind hem nu nog meer beslissend dan bij Standard." Renders: "Hij is in gunstige zin veranderd sinds zijn eerste doortocht bij Anderlecht, hoewel hij dezelfde Dieumerci Mbokani blijft, met al zijn kwaliteiten en gebreken. Hij voelt zich zekerder, communiceert meer, hij weet nu dat hij belangrijk is." Ntumba: "Hij speelt pas echt goed wanneer hij onder druk staat. Dan is hij subliem. Hij heeft nood aan uitdagingen. Bij Tout Puissant Mazembe blonk hij uit in de derby's en de topmatchen." Nicaise: "Hij heeft buitengewone matchen gespeeld in de Europacup, op het veld van Olympiacos bijvoorbeeld. Toen zei hij 's ochtends: 'Ik ga een goeie match spelen.' Dan kon je op je beide oren slapen, hij zou het dan wel doen. Wanneer hij daarentegen geen zin had, tja, dan had hij geen zin..." Renders: "Ik denk niet dat hij zijn matchen echt uitkiest, daarvoor houdt hij te veel van het spelletje. Maar als het niet loopt zoals hij wil, dan begint hij te mopperen, dat zie je zo aan zijn gezicht." Zola: "Toen we in België aankwamen, kenden we hier niks en gingen we wat te veel uit. Maar nu weten we wat het inhoudt om prof te zijn en begrijpen we het belang van een rustig en kalm leven. Nu zakken we niet meer door, we hangen liever wat rond met onze Afrikaanse vrienden en gaan de etalages van Gucci of Louis Vuitton bekijken op de Louizalaan." Keller: "In Monaco had hij geen probleem met discipline. Hij ging niet vaak uit en leed zeker geen losbandig leven zoals misschien werd geschreven." Leroy: "Ik weet dat er steeds meer belangstelling is voor Mbokani. Grote Europese clubs bellen me met vragen over hem. Dat was een tijd geleden. Destijds heb ik Paul Leguen, toen die coach was van PSG, aangeraden om voor Mbokani te gaan. Het bestuur van de Parijzenaars wilde er niet van weten, ze trekken zich nu de haren uit het hoofd." Ntumba: "Zijn familie heeft hem op het rechte pad gezet. Zijn vrouw is het beste wat hem is overkomen." Zola: "Zij heeft hem helemaal in toom gekregen. Thuis is zij het die de broek draagt, Dieu luistert altijd naar haar." Leroy: "Hij is rijper geworden dankzij een zeer goeie echtgenote. Niet alleen achter grote politici staat er een sterke vrouw. Bij voetballers is dat zeker zo belangrijk. Bovendien krijgt hij goede raad van zijn makelaar Fabio Baglio. En dat zeg ik terwijl ik in feite geen hoge pet op heb van makelaars. Maar die twee hebben echt een uitstekende band." DOOR THOMAS BRICMONT"Dieu is een architect: hij ziet alles sneller dan een ander." Réginal Goreux "Het is een goeie jongen, maar eentje met een handleiding." Benjamin Nicaise