Komend weekend staat er nog eens Belg aan de start van een grote prijs formule 1. Niet dat het lang geleden is, natuurlijk. Jérôme D'Ambrosio reed het volledige seizoen 2011 voor Marussia Virgin. Achterhoedegevechten met een schildpad, zoiets. Maar zondag mag hij zijn ding doen met een heuse Lotus-Renault. Een haas. Kimi Räikkönen en Romain Grosjean, vaste rijders van het team, stonden dit seizoen samen al negen keer op het podium. Om niet te zeggen dat het nog maar een kwestie van tijd is vooraleer Lot...

Komend weekend staat er nog eens Belg aan de start van een grote prijs formule 1. Niet dat het lang geleden is, natuurlijk. Jérôme D'Ambrosio reed het volledige seizoen 2011 voor Marussia Virgin. Achterhoedegevechten met een schildpad, zoiets. Maar zondag mag hij zijn ding doen met een heuse Lotus-Renault. Een haas. Kimi Räikkönen en Romain Grosjean, vaste rijders van het team, stonden dit seizoen samen al negen keer op het podium. Om niet te zeggen dat het nog maar een kwestie van tijd is vooraleer Lotus een eerste overwinning mag optekenen. Een Belg in een topwagen, dat is al wat langer geleden. Meer bepaald 22 jaar, toen Thierry Boutsen het in 1990 nog mocht doen met een Williams-Renault. Een machine waarmee de Belg drie grand prix won. Dat D'Ambrosio nu zo een gulden kans krijgt, dankt hij aan Grosjean. De crash die de Fransman vorige zondag in de start van de Belgische grand prix veroorzaakte, was immers de spreekwoordelijke druppel. Het was de vierde keer dit seizoen al dat hij in de start van de race of de eerste ronde betrokken raakte in een crash en boter op zijn hoofd had. Grosjean kreeg een schorsing voor één race. Meteen ziet de situatie van D'Ambrosio er helemaal anders uit. In het begin van het seizoen was voorzien dat hij als invaller bij Lotus minstens zes of zelfs zeven keer zou rijden tijdens de vrijdagtraining. Alleen bleek meteen in de openingsrace in Melbourne dat de auto een speer was. Zozeer dat het team zich eigenlijk niet meer kon permitteren om de vaste jongens, Räikkönen en Grosjean, rijtijd af te nemen. Om hun winstkansen te maximaliseren moeten ze de auto immers zo goed mogelijk afstellen. Het werd stilaan een uitzichtloze situatie voor D'Ambrosio, die vaak berustend herhaalde: "Ik rij natuurlijk liever, maar weet zeer goed dat dit de enige juiste beslissing van het team is." Voor zijn Luxemburgse managers, ook eigenaars van het Lotusteam, was dat ook een streep door de rekening. Zo konden ze de 26-jarige Belg nog geen enkele keer in het uitstalraam zetten om hem volgend seizoen ergens in een ander team binnen te krijgen. Dat is immers hun doel, want hem bij Lotus zelf laten rijden, kunnen ze zich niet permitteren. Petroleumreus Total betaalt volgens welingelichte bronnen immers een slordige 15 miljoen euro (!) om Grosjean naast Räikkönen te zetten. Zondag krijgen D'Ambrosio en zijn entourage dus een nog beter uitstalraam. Als de Belg indruk maakt in Monza, een van de topraces van het seizoen, dan stippen heel wat teambazen zijn naam aan. Het overkwam de Japanner Kobayashi eind 2008. Hij mocht bij Toyota invallen voor de geblesseerde Timo Glock en gaf in São Paulo meteen zijn visitekaartje af met een topprestatie. In 2009 werd hij eerste coureur bij Sauber en vandaag lijkt hij niet meer weg te denken uit de formule 1. DOOR JO BOSSUYT