België kan opgelucht ademhalen. De wereldbeker voetbal komt niet naar de Lage Landen. Een handvol journalisten en wetenschappers heeft er de laatste maanden alles aan gedaan om een negatieve sfeer te creëren rond de Belgisch-Nederlandse kandidatuur.
...

België kan opgelucht ademhalen. De wereldbeker voetbal komt niet naar de Lage Landen. Een handvol journalisten en wetenschappers heeft er de laatste maanden alles aan gedaan om een negatieve sfeer te creëren rond de Belgisch-Nederlandse kandidatuur. Politici van de machtigste landen ter wereld ( Poetin, Obama, Cameron) zetten zich tot de laatste dag in om het WK naar hun land te halen. Sommige bidding nations kregen het grootste sportevenement op aarde onlangs nog op bezoek: de VS (1994) en Japan en Zuid-Korea (2002). Volgens heel wat sporteconomen zouden ze na de doortocht van het grote voetbalcircus nochtans bankroet moeten zijn. Van allerlei assisenzaken weten we dat het even gemakkelijk is een expert te vinden die wit als een die zwart zegt. In de sporteconomie is het niet anders. In dit blad werd vorige week nog een link gelegd tussen de Olympische Spelen van Athene en het failliet van Griekenland. Dat Duitsland er in Europa economisch sterker voor staat dan de rest van de EU had daarentegen niets te maken met het WK 2006. Sporteconomen lijken vaak niet te weten dat er een groot verschil bestaat tussen Olympische Spelen en een WK voetbal. Voor de Spelen moet één stad een hele reeks gigantische arena's bouwen voor sporten die zelden veel toeschouwers lokken. Het WK 2018 zou dit land met ontelbare 'witte olifanten' opzadelen. Stadions voor 60.000 en 80.000 toeschouwers. Het is moeilijk discussiëren met mensen die niet weten waar het over gaat. Op het nationaal stadion in Brussel na ging het overal in dit land om stadions met 40.000 toeschouwers. Brugge en Luik hebben dringend nood aan stadions van dat formaat. Ook Genk wil die richting uit. In de andere kandidaat-speelsteden (Charleroi, Gent en Antwerpen) zouden de voetbalarena's na het WK gedeeltelijk afgebouwd worden tot stadions met 20.000 à 25.000 zitjes. Het nationale Planbureau berekende dat een WK dit land 1,15 miljard euro aan bijkomende bestedingen zou opleveren. Volgens de WK-sceptici was die studie echter in elkaar geflanst. Zo kun je alles wat je niet bevalt van tafel vegen. Overigens staat ditzelfde Planbureau centraal bij het cijferwerk van koninklijk bemiddelaar Vande Lanotte. Het SEO-onderzoek, in opdracht van het Nederlandse ministerie van Economische Zaken, boezemde de tegenstanders meer vertrouwen in. In wat SEO het meest waarschijnlijke scenario noemde, kwam het op een negatief saldo van 155 miljoen euro uit. In dat onderzoek wordt echter uitgegaan van de veronderstelling dat de nieuwe stadions er niet komen zonder een WK. Als Rotterdam straks beslist de plannen van de Nieuwe Kuip door te zetten, betekent dit dat SEO in het meest waarschijnlijke scenario was uitgekomen op een winst van 350 miljoen euro. De grote doemdenker onder de sporteconomen is professor Wolfgang Maennig van de universiteit van Hamburg. Zijn collega Stefan Szymanski, de Londenaar die door zowat iedereen beschouwd wordt als dé autoriteit op het gebied van soccernomics, acht in zijn jongste boek over de economische impact van grote sportevenementen Maennig echter geen vermelding waard. Szymanski gelooft ook niet dat Olympische Spelen of WK's gouden bergen brengen. Hij verwijst naar de studie van professor Holger Preuss van de universiteit van Mainz. De aanhang van Maennig probeert er al jaren alles aan te doen om Preuss in diskrediet te brengen en strooit rond dat zijn studie door de Duitse voetbalbond werd betaald. Een manifeste leugen. Szymanski zegt in zijn boek dat Preuss uitkomt op een winst van 1,2 miljard euro voor de Duitse fiscus en dat er, helaas voor de voorstanders, niet meer te verwachten is. Een Belgische medewerker van de universiteit van Keulen (een man die overigens volgens internet niet lijkt te bestaan) beweerde in De Morgen dat dit een bewust verkeerde interpretatie is van het boek van Szymanski. Ik heb het de auteurs van het boek dan maar zelf gevraagd en Szymanski blijkt een grote fan van Preuss te zijn, omdat deze geen nattevingerwerk afleverde maar tijdens het WK 2006 via duizenden interviews uitzocht wat WK-bezoekers besteden. Tot slot had ook de onafhankelijke denktank Itinera berekend dat een WK elke Belg 33 euro zou kosten. Van 2011 tot 2018 is dat net iets meer dan 4 euro per jaar. Gelukkig zijn we aan dat drama ontsnapt. François Colin"Het is moeilijk discussiëren met mensen die niet weten waar het over gaat."