De eerste herfstnevels bieden het kerkhof van Ploegsteert een mistroostige aanblik. De lucht in de landelijke deelgemeente van Komen roept een allerheiligenstemming op. Maar niet alle zerken zijn al opgeblonken en ook de talrijke kerkhofbloemen ontbreken nog. Eén graf ligt echter iedere dag van het jaar bedekt onder een bloementapijt. Bij één graf staan ook steevast bezoekers, die van overal komen. De wegwijzertjes naar de laatste rustplaats van 'Frank VDB' zijn eigenlijk overbodig.
...

De eerste herfstnevels bieden het kerkhof van Ploegsteert een mistroostige aanblik. De lucht in de landelijke deelgemeente van Komen roept een allerheiligenstemming op. Maar niet alle zerken zijn al opgeblonken en ook de talrijke kerkhofbloemen ontbreken nog. Eén graf ligt echter iedere dag van het jaar bedekt onder een bloementapijt. Bij één graf staan ook steevast bezoekers, die van overal komen. De wegwijzertjes naar de laatste rustplaats van 'Frank VDB' zijn eigenlijk overbodig. Vanaf de begraafplaats leidt een pad langs de neogotische kerk naar de Place de la Rabecque. De Hostellerie de la Place, op de hoek van dit dorpsplein, vormt een bekend trefpunt voor wielertoeristen die de grensstreek tussen Ieper en Armentières verkennen. Tot dit voorjaar werd deze zaak gerund door de ouders van Frank Vandenbroucke. "37 jaar lang, maar we waren op een leeftijd gekomen om de Hostellerie over te laten", zegt Chantal Vanruymbeke, die er toch nog steeds instaat voor de hartelijke bediening van de klanten. De hoek van het café is aangekleed met souvenirs van haar overleden zoon. "Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik het met mijn man over Frank heb", zegt Chantal. Opwellende tranen beletten haar om verder te praten. In de hoek springt een ingekaderde Belgische kampioenstrui in het oog. Het is de driekleur die Frank op zijn zestiende in Halanzy veroverde. "Die titel is een van de mooiste herinneringen die ik van mijn zoon bewaar", vertelt Jean-Jacques Vandenbroucke later. Vader Vandenbroucke oogt scherp. Hij gaat nog vaak fietsen, vanochtend vroeg al op de hometrainer, zo vertelt hij terwijl hij La Dernière Heure dichtvouwt. De krant lag open op de wielerberichtgeving. Jean-Jacques Vandenbroucke: "Ik heb na zijn overlijden gedacht dat ik anders tegen deze sport zou aankijken. Maar dat is niet het geval. We zijn blijven houden van de fiets. Het is de sport die een stempel heeft gedrukt op ons leven. Ik heb nog een schoonzoon die koerst bij de elite zonder contract ( Sébastien Six, nvdr) en een kleinzoon van 14 die ook al fietst." "Het is bijna een risicoberoep hé. Als je een vedette bent in de wielersport, zuig je allerhande figuren aan. Er zijn er die heel hun carrière goed hun eigen plan trekken, zoals Erik Zabel. Maar er zijn er ook die minder sterke schouders hebben. Het is een beetje zoals in de showbusiness. Frank probeerde voor de camera een heel sterke man te lijken, maar hij had ook een erg broze kant." "Dat zeg ik ook. Drie weken voor zijn overlijden heeft hij nog een zwaar ongeval gehad met zijn Mercedes. Hij heeft veel ongevallen met de wagen gehad. Er waren zijn zelfmoordpogingen, zijn familieproblemen. De laatste tien jaar zijn er veel dingen gebeurd die hem al aan zijn einde hadden kunnen brengen." "Voor ons nochtans wel. We waren zelfs erg verbaasd. Ondanks de problemen bij zijn ploeg Cinelli liep het voor onze zoon vorig jaar op persoonlijk vlak goed. Hij omringde zich in 2009 met correcte vrienden, trainde goed, was mager. Het feit dat hij bereid was om met amateurs te rijden, bewijst dat hij renner wilde blijven. Hij besefte dat hij zijn limiet bereikt had: 'Ik ben 34 jaar. Als ik in de wielerwereld nog mijn plaats wil hebben, moet ik ernstig leven.' Hij mocht met zijn ploeg geen grote wedstrijden rijden, maar hij heeft toch amateurkoersen gewonnen. Het was cynisch dat hij stierf in een jaar dat voor hem kalm verliep." "Mijn vrouw en ik waren in de Hostellerie aan het werk. We werden gebeld en mijn vrouw kreeg iemand van de Senegalese politie aan de lijn. Die politieman sprak met dat typisch Afrikaanse accent. Mijn vrouw dacht eerst dat hij haar voor de gek hield. Maar toen kregen we bevestiging van Fabio Polazzi, met wie Frank in Senegal op vakantie was. "We hebben ons daarop geëxcuseerd in de zaal. Iedereen heeft zijn maaltijd laten staan en de Hostellerie verlaten. Onze twee dochters zijn gekomen, hun echtgenoot en kinderen, de burgemeester ook. We hebben een stuk van de nacht samen doorgebracht. Het was verschrikkelijk, maar ben je op zo'n moment alleen, dan zou het nog erger zijn." "We kunnen ons alleen maar baseren op wat het meisje verklaard heeft. Als zij de waarheid niet zegt ..." "Ja. Een vriend van mij is naar Senegal getrokken en heeft haar opgezocht in de gevangenis. In Senegal kan je bezoekrecht vragen zelfs al ben je geen familie. Tegen hem heeft zij de verklaring herhaald die ze aan de politie had afgelegd. Ze zegt dat ze zelf onschuldig is en dat Frank veel gedronken had. Dat zij op hem moest wachten bij het zwembad van het hotel. Maar omdat hij niet opdaagde, is ze zelf naar de kamer gegaan. Frank hing half uit zijn bed, hij had overgegeven. Ze zegt dat ze het braaksel heeft opgeruimd en dan vertrokken is." "Fabio heeft ons verteld dat de spuit niet gebruikt was. Maar als je een spuit hebt, betekent dit dat je de bedoeling hebt om iets te nemen." "Zeker. Maar hij was op vakantie. Heeft hij gezegd: 'Ik ga eens uit de bol nu ik op reis ben'? Dat kan. Zoals Tom Boonen naar de cocaïne greep toen hij geblesseerd was. Dat zijn de jongeren van vandaag hé. In onze tijd hadden wij genoeg aan bier." "Het is mogelijk. Als je veel alcohol drinkt, durft je hart weleens op hol te slaan. Hebben ze iets in zijn drank gedaan? Dat doen ze bij ons ook wel eens in discotheken." "Nee. Hij had vorig jaar als renner alle medische tests goed doorstaan. Maar het is mogelijk. In combinatie met de alcohol en allicht een medicament dat hij daar gekocht heeft. Alles samen." "Wat maakte het nog uit? Ze hadden in Senegal al een lijkschouwing uitgevoerd. Frank is overleden en we wilden het beeld bewaren zoals het was." "Een veroordeling zou niets veranderd hebben. Ik ben ook niet boos op haar. Ik heb eigenlijk geen enkel gevoel tegenover haar. Dat soort meisjes is immers maar op één ding uit en dat is geld." "Nee, helemaal niet. Ik heb nooit iemand met de vinger gewezen." "Nee, we stonden machteloos. Uiteindelijk was alleen hijzelf verantwoordelijk. Het is allemaal fout gelopen in 1999. Frank heeft toen niet geluisterd naar onze raad om nog één of twee jaar bij Patrick Lefevere te blijven. Zijn overstap van Mapei naar Cofidis was het begin van het einde. Hoewel zijn eerste jaar bij Cofidis qua resultaten zijn beste was. Hij won de Omloop Het Volk, Luik-Bastenaken-Luik, twee ritten in de Vuelta, noem maar op. Maar ondanks alles was 1999 geen goed jaar. Voor het grote publiek is Luik-Bastenaken-Luik de mooiste herinnering. Voor mij niet, want ik associeer ze met dat kanteljaar in zijn leven." "Ik was mecanicien bij Lotto, kwam in veel hotels en wist alles wat er gaande was in de wielersport. Bij Lotto of Mapei gingen de renners 's avonds braaf naar bed. Het waren om zo te zeggen kinderen in vergelijking met de Franse coureurs. Voor een Franse ploeg rijden betekende in die tijd de pot belge nemen ( een cocktail van dopingproducten, nvdr). Niet om te koersen, maar om het nachtleven in te duiken." "Bij Mapei reden ook Johan Museeuw, Tom Steels, de Italianen enzovoort. Frank wilde leider zijn. In zijn eentje. Bij Cofidis kreeg hij alle garanties, ook financieel. Ik heb hem gewaarschuwd dat als hij voor een Franse ploeg tekende, hij boven al die bêtises zou moeten kunnen staan, die nachtelijke uitstapjes na de wedstrijden ... Daarvoor moet je veel karakter hebben. "Voor sommige zaken had hij wel karakter. Een mens zit complex in elkaar, weet je. Ik kan niets slechts zeggen over Frank tijdens zijn eerste vijf profjaren. Alles is begonnen bij Cofidis. Datzelfde jaar is ook zijn relatie met Clothilde afgesprongen. Mijn vrouw en ik hebben het dikwijls tegen elkaar gezegd: was hij maar bij haar gebleven. Die vijf jaar samen met Clothilde waren zijn mooiste. Zijn leven verliep rustig: trainen, slapen, eten. "Hoewel l'Italienne ( Sarah Pinacci, nvdr.) ook altijd lief is geweest voor hem. Hij heeft echter nooit meer langdurige stabiliteit gevonden. Maar hoeveel koppels scheiden er niet tegenwoordig? Misschien vond hij dat hij een mooie vrouw had, maar wilde hij een nog mooiere. Ik weet het niet, maar dat was ook een beetje Frank. Hij wilde altijd de mooiste wagen, het mooiste kostuum. Dat was ook zijn gebrek." "Maandenlang heb ik gedacht dat op een dag de deur zou openzwaaien en Frank daar zou staan. Ik leek wel verlamd. Want zo ging het vaak de laatste jaren: Frank vertrok voor zes maanden naar Italië, dan woonde hij een tijd bij vrienden ergens in Vlaanderen, dan kwam hij weer thuis en zo ging het verder. Het was moeilijk om te beseffen dat hij nu niet meer zou terugkomen." "Als je een kind verloren hebt, denk ik dat dit nooit meer hetzelfde kan zijn. Ja, je kan nog gelukkig zijn, maar er ontbreekt toch iets. Soms halen we met vrienden wel eens grappige herinneringen op aan Frank. Dan wordt er gelachen. Maar achter die lach blijft verdriet schuilgaan. Dat zal niet meer veranderen." "Dat zeker. Margaux, la petite Italienne, leeft wel met haar moeder in Italië. Soms horen we haar nog eens aan de telefoon. ( Draait zich naar Cameron, die in de canapé op de laptop een spelletje speelt.) Zij daarentegen verblijft heel vaak bij ons, omdat haar moeder Clothilde hier niet ver vandaan woont. We herkennen veel tics van Frank in Camerons gedrag. Ze doet aan atletiek, zoals haar papa toen hij klein was. De manier waarop ze haar veters knoopt: helemaal Frank! Tien keer herbeginnen tot alles goed zit." "Er waren twee of drie pistes om dit jaar voor een procontinentale of een ProTourploeg uit te komen. De laatste keer had hij me gezegd dat het misschien Footon-Servetto ging worden, het team van Mauro Gianetti, dat volgend jaar Geox wordt. Er waren onderhandelingen aan de gang." ( hoeft niet lang na te denken) "Ik zou zeggen: 'Zie je, Frank, toen ik je gevraagd had om nog bij Mapei te blijven, dat was het scharnierpunt. Patrick Lefevere was als je tweede vader. Als Museeuw iets zei, had je respect voor hem. Dat was goed. Je hebt dat alles opgegeven om een vedette te worden en zelf de bevelen uit te delen.'" "Dat hij het weet. Want hij wíst dat. Hij had zelf al aan vrienden gezegd dat hij toen had moeten luisteren naar zijn vader." door benedict vanclooster - beeld: jelle vermeerschHet was cynisch dat Frank stierf in een jaar dat voor hem kalm verliep.