Als voetballer bouwde Radomir Antic tussen 1967 en 1984 een respectabele carrière uit bij Sloboda Uzice en Partizan Belgrado in het toenmalige Joegoslavië, bij het Turkse Fenerbahçe, het Spaanse Real Zaragoza en het Engelse Luton Town.

In 1985 begon de voormalige verdediger aan zijn eerste job als coach bij oude liefde Partizan, waarmee hij in drie jaar twee titels pakte. Daarop besloot ook Zaragoza om zijn ex-speler als trainer een kans te geven. Een jaar later werd hij midden in het seizoen weggeplukt door het grote Real Madrid.

Antic werd derde en ook het jaar daarna begonnen de Madrilenen met hem op de bank. Real stond aan de leiding, maar het bestuur was niet tevreden met de manier waarop de coach zijn ploeg liet voetballen. Hij werd bedankt voor bewezen diensten.

Na een tussenstop bij Real Oviedo ging het in 1995 naar de buren, waar hij vijf jaar bleef. In zijn eerste seizoen met Atlético pakte Antic de voorlopig enige dubbel in de clubgeschiedenis.

In 2003 mocht hij bij Barcelona Louis van Gaal opvolgen. Antic wist Barça van een teleurstellende vijftiende positie naar de zesde plaats te loodsen, maar in de zomer volgend op die knappe remonte werd Joan Laporta verkozen tot voorzitter van Barcelona en die besliste om Frank Rijkaard aan te stellen als coach.

Antic zou later nog trainer worden van Celta de Vigo, de Servische nationale ploeg en Shandong Luneng en Hebei Zhongji in China. Nadat hij al jaren tegen pancreatitis vocht, overleed hij op 6 april in Madrid op 72-jarige leeftijd.

Als voetballer bouwde Radomir Antic tussen 1967 en 1984 een respectabele carrière uit bij Sloboda Uzice en Partizan Belgrado in het toenmalige Joegoslavië, bij het Turkse Fenerbahçe, het Spaanse Real Zaragoza en het Engelse Luton Town. In 1985 begon de voormalige verdediger aan zijn eerste job als coach bij oude liefde Partizan, waarmee hij in drie jaar twee titels pakte. Daarop besloot ook Zaragoza om zijn ex-speler als trainer een kans te geven. Een jaar later werd hij midden in het seizoen weggeplukt door het grote Real Madrid. Antic werd derde en ook het jaar daarna begonnen de Madrilenen met hem op de bank. Real stond aan de leiding, maar het bestuur was niet tevreden met de manier waarop de coach zijn ploeg liet voetballen. Hij werd bedankt voor bewezen diensten. Na een tussenstop bij Real Oviedo ging het in 1995 naar de buren, waar hij vijf jaar bleef. In zijn eerste seizoen met Atlético pakte Antic de voorlopig enige dubbel in de clubgeschiedenis. In 2003 mocht hij bij Barcelona Louis van Gaal opvolgen. Antic wist Barça van een teleurstellende vijftiende positie naar de zesde plaats te loodsen, maar in de zomer volgend op die knappe remonte werd Joan Laporta verkozen tot voorzitter van Barcelona en die besliste om Frank Rijkaard aan te stellen als coach. Antic zou later nog trainer worden van Celta de Vigo, de Servische nationale ploeg en Shandong Luneng en Hebei Zhongji in China. Nadat hij al jaren tegen pancreatitis vocht, overleed hij op 6 april in Madrid op 72-jarige leeftijd.