Ook zaterdag, in de degradatietopper tegen Brussels, pakte Sint-Truiden niet zijn eerste punten van het seizoen. De bezoekers, geprikkeld door de zoveelste trainerswissel, begonnen heel fel aan de partij, maar maakten hun kansen niet af. Dat zag ook assistent-trainer Poll Peters, sinds vorige week nieuw in de staf.
...

Ook zaterdag, in de degradatietopper tegen Brussels, pakte Sint-Truiden niet zijn eerste punten van het seizoen. De bezoekers, geprikkeld door de zoveelste trainerswissel, begonnen heel fel aan de partij, maar maakten hun kansen niet af. Dat zag ook assistent-trainer Poll Peters, sinds vorige week nieuw in de staf. U bent toch assistent ? Op het wedstrijdblad staat uw naam ingevuld als trainer.Poll Peters : "Neen hoor, ik ben wel degelijk assistent en trainer van de doelmannen. In een job als hoofdcoach heb ik geen zin meer." Waarom niet ? U was het in Sint-Truiden al een keer op het einde van de jaren negentig."Laat het me zo stellen : ik ken inmiddels het wereldje. Ik ben een man van de school, de opleiding. Ik wil mensen dingen aanleren, ze beter maken. Dat prestatiegerichte waarmee een hoofdcoach bezig moet zijn, staat daar loodrecht tegenover." U tekende voor drie jaar."Dat klopt. Dat had te maken met mijn werk als leraar op de topsportschool in Genk. Ik wilde voor de tien uur dat ik daar les geef, verlof zonder wedde nemen, maar dat kon blijkbaar niet. Daarom heb ik de club gevraagd om de periode tot mijn pensioen te kunnen overbruggen." Welke groep vond u in Sint-Truiden ?"Een groep die luisterbereid was, heel open stond voor suggesties. De eerste zaak die je moet doen bij een ploeg in de problemen, is de defensie versterken. Dat hebben we geprobeerd en ik vond dat het voor de rust aardig liep. We kwamen amper in de problemen en konden zelf een paar keer dreigen. Alleen was misschien onze pech dat het telkens dezelfde speler was (Shishuba, nvdr.) die de kansen kreeg. Als je de eerste mist, kruipt dat in het hoofd en neem je bij de volgende niet altijd de juiste beslissing. Maar goed, ik denk dat we vooral de eerste helft moeten onthouden. Na de rust was het minder. "Eigenlijk was dat te verwachten, gezien het feit dat er centraal twee spelers waren - Dreesen en Buvens - die amper wedstrijdritme hadden. In een poging om de verloren grip op het middenveld te heroveren, hebben we nog Van Dessel ingebracht, maar dat lukte niet meer." Die terugval kende de ploeg ook al op Dender. Is het een fysiek probleem ?"Dat kan ik nu nog niet zeggen. Meten is weten, dat gaan we nu snel doen." Nul op 21 : is Sint-Truiden te zwak voor de eerste klasse ?"Daarvoor vind ik het nog iets te vroeg. Ik wil eerst de groep eens voltallig en fit zien. De bedoeling moet wel zijn om de schade tot de winterstop zoveel mogelijk te beperken. Daarvoor moeten we zo snel mogelijk een eerste keer winnen. Terecht zal u me nu vragen : hoe moet dat dan ? Dat is onze uitdaging." U bent ook trainer van de doelmannen. Doet Frank Boeckx, die morgen/donderdag 21 wordt, het goed ?"Ik vind van wel, met die nuance dat hij in sommige gevallen iets meer de rust moet bewaren. Je moet de bal niet altijd zo snel weg willen, soms kan een doelman mits iets meer rust in zijn spel, zijn ploeg in staat stellen om op te schuiven. Technisch is hij daar goed genoeg voor. Daar gaan we nu aan werken." U doceert ook aan de trainersschool. Is Sint-Truiden op dit moment mooi lesmateriaal om te illustreren hoe het niet moet, bijvoorbeeld op spelhervattingen ? Na Dender en Genk was het de derde keer prijs in drie wedstrijden. "Ik ga waarschijnlijk wel beelden uit onze wedstrijden gebruiken, analyse van fouten, remediëring, dat soort dingen. Hoe meer meningen, hoe leerrijker. Maar ze moeten op school niet bang zijn, ik ga ze niet alleen beelden van Sint-Truiden laten zien." PETER T'KINT